Snelkookpan voor Tim Knol

Tim Knol sluit geen publiek uit en treedt net zo lief op in een tv-programma als 'Koffietijd' als op popfestivals Noorderslag en Lowlands. (FOTO PATRICK POST) Beeld Patrick Post
Tim Knol sluit geen publiek uit en treedt net zo lief op in een tv-programma als 'Koffietijd' als op popfestivals Noorderslag en Lowlands. (FOTO PATRICK POST)Beeld Patrick Post

Het was een druk jaar voor de jonge zanger en liedjesschrijver Tim Knol. Hij brak plotsklaps door, speelde voor groot publiek, won een Edison en werd gelauwerd als de nieuwe Neil Young. Maar geen roem zonder tol.

Frank Straver

Geen tijd te verliezen. De Hoornse zanger en gitarist Tim Knol (1989) was eigenlijk van plan om ergens in het voorjaar van 2010 met zijn debuutplaat te komen. Maar dit momentum kon hij niet onbenut laten. Midden januari trad hij op tijdens het Groningse festival Noorderslag. Kort daarna rinkelde de telefoon. De redactie van het populaire tv-programma ’De Wereld Draait Door’ (DWDD) hing aan de lijn. Boodschap: je optreden is ingeslagen als een bom. Of Knol het op televisie nog even dunnetjes over wil doen, door een liedje te spelen.

Met een vingerwijzing naar niemand minder dan de Canadese singer-songwriter Neil Young kondigde presentator Matthijs van Nieuwkerk hem aan. Die gewichtige referentie blijft aan Knol kleven. Beiden gitaargeoriënteerd, melancholisch en op countryleest geschoeid. Een gefundeerde parallel? „Mensen willen nu eenmaal vergelijken”, zegt Knol. Ik vind dat een eer.” Hij veert op uit zijn Chesterfield-achtige bankstel in zijn huis in Hoorn. „Er is ook wel eens een journalist geweest die me vergeleek met Eric Carmen (bekend van ’Hungry Eyes’ en ’All By Myself’ –red.). Nou, dan liever Neil Young of Bob Dylan”, lacht hij.

„Het waren toch een miljoen kijkers, hè”, zegt Knol over ’DWDD’. „Mijn album moest dus zo snel mogelijk de winkels in. Het was een cruciaal weekend.” Nog voor het eind van januari lag zijn naamloze debuut in de schappen. Op stel en sprong opgenomen. En uitgebracht door het platenlabel Excelsior, dat in Knol al eerder een rijzende ster herkende.

Wat volgde? „Chaos”, zegt Knol. Hij neemt zijn Apple-laptopje op schoot en bladert in zijn digitale agenda terug naar de afspraken in februari. „Interviews, optredens, afspraken met vrienden, school. Hoe deed ik dat allemaal? ’Nee’ zeggen bestond gewoon even niet.”

Een van de gekste verschijnselen van zijn bekendheid noemt Knol het verzoek van meisjes om een handtekening in het decolleté. „Ordinair”, vindt Knol. „Maar ik doe het wel. Ik hoef alleen maar te tekenen.” Hij grijnst. Publiek uitsluiten, daar doet hij niet aan. Zo zegt hij geen greintje spijt te hebben van zijn verschijning in het tv-programma ’Koffietijd’, eind april. RTL-coryfee Ron Brandsteder, nu presentator bij omroep Max, toont zich fan van Knol en wordt verblijd met zijn komst. Past dat wel bij Knols imago en doelgroep?

„Waarom niet?”, vraagt hij. „Ik heb daar wel veel opmerkingen over gekregen, achteraf. In de alternatieve scène vonden ze het not done. Maar het is ook publiek, ik trek daarin geen grens. En trouwens, Ron Brandsteder is een hartstikke aardige vent. Na de uitzending hebben we heel leuk gespraat over ’sneaky Pete’ (Amerikaanse countryrocker, 1934-1007 –red.). Hij kende al die jongens.”

De 21-jarige zanger is er trots op dat hij fans heeft in alle soorten en maten. „Laatst trad ik op in Hoorn en mijn oma was er ook bij met een vriendin. Die vriendin werd onwel, maar gelukkig was er een arts in de zaal. Yes, zei ik toen, we hebben ook intellectuele fans.”

Eind mei wist hij popkerk Paradiso in de hoofdstad tot de nok toe te vullen. De cd met hitsingels ’Sam’ en ’When I Am King’ verkoopt goed. „Nooit durven hopen”, beweert de muzikant bescheiden. „Ik had gedacht: we verkopen misschien duizend plaatjes en dat is het.” In plaats daarvan behoorde hij in augustus tot een van de publiekstrekkers op het festival Lowlands. Knol: „Episch, helemaal te gek.” T-shirts met de tekst ’Tim Knol is vet’ – een knipoog naar zijn mollige postuur – zijn gewild.

In oktober werd Knol bekroond met een van de mooiste prijzen die een Nederlandse muzikant zich kan wensen: een Edison. Het beeldje staat te glimmen op een kastje in de woonkamer. In november verscheen het album ’Music In My Room’, waarop de nummers van het haastalbum uit januari nog eens rustig in akoestische versie zijn vastgelegd. Weer een voltreffer. Knol schudt zijn hoofd. „Een bizar jaar. Ik kan het nog altijd niet beseffen.”

Maar geen roem zonder tol. Schoolopdrachten zijn in de loop van het jaar uit de agenda verdwenen, meldt Knol. Hij zat op de Herman Brood-academie, een mbo-muzikantenopleiding in Utrecht. Hij was genoodzaakt te stoppen. „Het mocht niet meer. De schooldirecteur zei: je weet dat je er geen tijd voor hebt. Ik liep toch drie jaar lang maar een beetje aan te klooien. Maar achteraf is het wel jammer. Ook dat ik er een schuld van 8000 euro bij de IB-groep aan overhoud.” In zijn agenda staan ook steeds minder afspraken genoteerd met zijn vriendengroep, in Hoorn en Amsterdam. „Dat kwam er steeds minder van. Je sociale leven gaat er wel van achteruit. Dat gaan we volgend jaar beter doen”, neemt de zanger zich voor.

Hoe 2011 eruit gaat zien, is nog gissen, zegt Knol. „Dit is het begin van veel meer, hoop je dan maar. Maar het kan natuurlijk ook zomaar ophouden.” In elk geval is een nieuw album, waarvan de opname al klaar is, op komst. En in januari gaat Knol op uitnodiging van de Indonesische ambassade vier optredens verzorgen op Java. Via een bevriende platenmaatschappij probeert Excelsior Knol ook in Duitsland te introduceren. Op de editie 2011 van Noorderslag, waar het dit jaar allemaal voor Knol begon, is hij kanshebber voor de Popprijs 2010. „Ik gun hem aan Caro Emerald”, begint hij, „maar oké, het zou mooi zijn.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden