Snelheidslimiet nog betrekkelijk jong

8 februari 1974, controle op A12. De 100 kilometer bestond net. (FOTO ANP) Beeld ANP
8 februari 1974, controle op A12. De 100 kilometer bestond net. (FOTO ANP)Beeld ANP

Binnenkort beginnen proeven met 130 kilometer per uur. Pas sinds 1974 geldt een echte maximumsnelheid.

Harder dan zes kilometer per uur konden de eerste auto’s niet. Desalniettemin vonden ze het in Groot-Brittannië nodig om ze vooraf te laten gaan door mensen met een waarschuwende rode vlag. In Nederland werd regelgeving in die vroege jaren overgelaten aan gemeenten. Als er al voorschriften kwamen, werden ze nogal algemeen gesteld: automobielen mochten niet harder rijden ’dan een paard in zeer matige draf’.

In een grootste toekomst voor het nieuwe voertuig geloofden nog weinigen. Toen ingenieur Cornelis Lely aan het begin van de twintigste eeuw voorspelde dat de auto wel eens hét massavervoermiddel zou kunnen worden, werd hij uitgelachen. Een adellijke autobezitter moest zijn vergunning inleveren, omdat hij niet was uitgeweken voor een formatie fietsers. Zo lagen de verhoudingen toen.

De markt besliste anders. Autopionier Emile Jelinek voorzag het: „De mensen die auto’s kopen, willen niet zozeer auto’s, ze willen snelheid.” Toegeven aan die drift was niet zonder gevaar. „Word niet vaart-wellustig!”, waarschuwde de ANWB in het verenigingsorgaan De Kampioen. „Te allen tijde, zelfs, ja vooral als ge hard rijdt, moet ge de weg voor u ’ontleden’.”

De eerste nationale verkeerswetten probeerden in de jaren daarna de ontwikkelingen in goede banen te leiden. Het aantal auto’s nam toe, net als de snelheidsmogelijkheden en het belang van het vervoermiddel binnen het verkeer.

Pas op 1 februari 1974 werd een echte maximumsnelheid ingevoerd: 100 kilometer per uur voor de snelwegen, 80 voor andere wegen buiten de bebouwde kom. De maatregel had te maken met het immense aantal verkeersslachtoffers. Al in de jaren vijftig signaleerden autoriteiten dat de Nederlandse wegen jaarlijks evenveel doden eisten als de watersnoodramp van 1953. Begin jaren zeventig was dat aantal zelfs gegroeid tot ver boven de 3000 (ter vergelijking: tegenwoordig is dat met veel meer automobiliteit nog geen kwart daarvan).

De oliecrisis van 1973 droeg ook zijn steentje bij aan de beslissing. „Het wordt nooit meer zoals het geweest is”, somberde minister-president Joop den Uyl tijdens een toespraak op tv. Burgers werden opgeroepen hun gordijnen ’s avonds te sluiten. Sommige zondagen werden autoloos. Het tot de orde roepen van snelheidsduivels paste in die lijn van maatregelen. Ook voor hen zou het nooit meer worden zoals het geweest was.

Volgens Kees Vogel, oprichter en voormalig commandant van de Algemene Verkeersdienst van de rijkspolitie, zag de PvdA-voorman de maximumsnelheid ook als een poging tot nivelleren. Als de gewone man zijn zuur verdiende autootje slechts met veel moeite en ten koste van heel veel motorlawaai tot snelheden van 110, 120 kilometer per uur kon verleiden, was het lastig te verkroppen als vermogende types met gemak langs kwamen razen. Als het verhaal klopt, moet aan Den Uyls beroemde drie-eenheid ’spreiding van inkomen, kennis en macht’ de spreiding van snelheid worden toegevoegd.

Tegenstanders zagen de snelheidslimieten als een typisch voorbeeld van linkse betutteling, hoewel ze werden ingevoerd onder verantwoordelijkheid van de KVP-minister van verkeer en waterstaat, Tjerk Westerterp. De slogans van boze automobilisten richtten zich op de premier: ’Ik rijd honderd als Joop den Uyl is opgedonderd.’

De burgerlijke ongehoorzaamheid was groot. Onderzoek begin jaren tachtig wees uit dat 67 procent van de snelweggebruikers harder reed dan 100. Net als nu ageerde de VVD flink tegen de limiet. Toen in het kabinet-Lubbers II met Korthals Altes (justitie), Smit-Kroes (verkeer en waterstaat) en Nijpels (milieu) drie liberalen op sleutelposten zaten, kon de maximumsnelheid worden verhoogd naar 120 kilometer per uur. Op de drukste wegen bleef 100 het maximum. Strengere en door sommigen verafschuwde controles zorgden ervoor dat meer mensen dan voorheen zich hielden aan de opgelegde limieten.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden