Sluiter houdt jeugd spiegel voor

Het avontuur in Rosmalen is voorbij voor Sluiter. Zijn blik verraadt teleurstelling, maar over het niveau van zijn tennis was hij meer dan tevreden. ( FOTO ROBERT VOS, ANP)

Niet elke droom krijgt een happy end. Raemon Sluiter wist het toernooi van Rosmalen zaterdag niet te winnen.

Binnen de All England Club wordt steeds vaker gefilosofeerd over de verdeling van de wild cards voor Wimbledon. In het verleden was het een van de vele tradities dat alle vrijkaarten voor het hoofdtoernooi – acht voor de mannen en acht voor de vrouwen – naar spelers van eigen bodem gingen. Talent of niet, de Britse nationaliteit was voldoende.

De laatste jaren is er een kentering in dat beleid zichtbaar. De Britse tennissers die via een achterdeur op Wimbledon werden binnengelaten, wisten nimmer iets toe te voegen aan het toernooi. Ze incasseerden het prijzengeld, rommelden een jaartje door, totdat ze weer een invitatie van de All England Club op de deurmat vonden.

Een onbevredigende situatie, zo erkenden de organisatoren van het Londense toernooi, dat vandaag van start gaat. Steeds vaker werden buitenlanders getrakteerd op een speciale uitnodiging, zoals dit jaar de Bulgaar Dimitrov en de Spanjaard Ferrero. Een van de gedachten die binnen de All England Club leven is om een wild card vast te houden voor iemand die in de week voorafgaande aan Wimbledon tot een bijzonder prestatie komt. Wanneer die regel dit jaar al had bestaan, was Raemon Sluiter zeker in aanmerking gekomen. De 31-jarige Rotterdammer verloor zaterdag weliswaar in de finale van de Ordina Open van de Duitser Benjamin Becker (7-5 en 6-3), maar met zijn opmars in Rosmalen verbaasde hij vriend en vijand. Niet in het minst Becker, die Sluiter eerder dit jaar tegen het lijf was gelopen als coach van Thiemo de Bakker.

Sluiter zelf was een uur na zijn nederlaag reëel genoeg om zijn prestaties op het Brabantse gras enigszins te relativeren. Het lijstje met de namen van zijn verslagen tegenstanders was inderdaad niet indrukwekkend, maar hij had het toch maar gedaan – als nummer 866 van de wereld. „Het heeft meegezeten”, erkende Sluiter. „De kansen die ik kreeg heb ik gepakt.”

Sluiter hoopte dat hij de Nederlandse jeugdspelers iets had meegegeven om verder mee te kunnen. Het was natuurlijk veelzeggend dat hij als ’herintreder’ het nationale tennis weer voor even uit de schaduw haalde. Hij hield in Rosmalen de jeugd een spiegel voor. Alleen met een professionele instelling en een gezond arbeidsethos was het mogelijk tot succes te komen.

Sluiter wist dat zijn plannen voor een comeback door velen met scepsis was ontvangen. Maar ook in zijn tweede tennisleven wilde hij niets aan het toeval overlaten. Hij formeerde een deskundige staf om zich heen, met Tjerk Bogtstra als coach, Errol Essajas als conditietrainer en Jurgen Roordink als fysiotherapeut. Hij wilde zijn terugkeer serieus voorbereiden. Niet zoals Martin Verkerk, die in 2007 in Rotterdam zijn eerste toernooi speelde na een lange afwezigheid. De oud-finalist van Roland Garros bewoog zich in Ahoy traag over de baan, kilo’s te zwaar.

Zaterdag schreef Sluiter Verkerk bijna uit de boeken, want de Zuid-Hollander is wel de laatste Nederlander die een ATP-toernooi won, in 2004 in Amersfoort. Dat zal voorlopig nog wel zo blijven. De Bakker en Huta Galung blijven vooralsnog steken in de ’netniet’-fase van hun carrière en de lichting daaronder vertoont weinig lichtpuntjes.

In het Future-circuit liep Sluiter de afgelopen maanden de Jong Oranje-spelers Tim van Terheijden en Xander Spong tegen het lijf. Wat hij zag stemde hem niet vrolijk. „Ze doen maar wat, het lijkt alsof ze het niet weten”, zei de Rotterdammer, die zelf een beetje schrok van zijn woorden. „Dat bedoel ik niet zo negatief.” Maar wat er positief aan was kon hij niet zeggen. „Ik wijs ze weleens op wat kleine dingen. Ze moeten doen waar ze goed in zijn.”

Met de 150 punten die hij in Rosmalen verdiende maakte Sluiter een sprong van meer dan 500 plaatsen op de wereldranglijst. Dat stelt hem in staat zijn programma aan te passen, want hij komt nu eerder direct in grotere evenementen. Gisteren zegde hij, op voorspraak van zijn fysiotherapeut, af voor de Future in Rotterdam. Over twee weken speelt hij de Challenger in Scheveningen.

Sluiter wees er op dat zijn triomftocht in Rosmalen niet per se de start hoefde te zijn van een permanent stijgende lijn. Hij besefte dat het nu ook weken achter elkaar stukken minder zou kunnen gaan. Maar met het niveau van zijn vorm kon hij alleen maar tevreden zijn. „Het is zes jaar geleden dat ik zo goed heb gespeeld”, herinnerde hij zich, „met uitzondering van de Challengers van Poznan en Scheveningen in 2007.”

Eind september speelt het Davis Cupteam tegen Frankrijk om een plaats in de wereldgroep van het landentoernooi. De kogel is nog niet door de kerk, maar de kans is groot dat Sluiter ook in de Davis Cup zijn rentree gaat vieren. Een gesprek met captain Jan Siemerink moet voor opheldering zorgen. „Als Jan vindt dat ik van toegevoegde waarde kan zijn, komen we er wel uit.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden