Slovenië spreekt opeens weer Servisch

Na de onafhankelijkheid in 1991 had Slovenië het liefst een hoge muur geplaatst aan zijn oostgrens. Inmiddels heeft de toekomstige EU-lidstaat de blik weer op de Balkan gericht. Een lucratieve markt wenkt.

Het kan verkeren: toen, in 1991, veinsden de Slovenen het Servisch te zijn vergeten. Nu heet het: we spreken hun taal. Toen was het: wij zijn zo anders dan die mensen daar naar het oosten. Nu is het: wij kennen de mentaliteit.

De Slovenen zijn weer terug op de Balkan. Sindskort zijn ze opnieuw te vinden in de regio die ze in 1991 resoluut de rug toekeerden. In Bosnië, Kroatië, Macedonië, Servië, Montenegro en zelfs Kosovo zijn ondernemers op zoek naar lucratieve investeringen. Zo wordt in Novo Beograd, zeg maar de Bijlmer van Belgrado, hard gewerkt aan de bouw van een winkelcentrum dat zijn weerga in de Servische hoofdstad niet kent. Opdrachtgever en eigenaar: de Sloveense supermarktketen Mercator, die in eigen land de afgelopen vijf jaar een ongekende groei doormaakte. Er is een investering van 40 miljoen euro mee gemoeid.

Directeur Zoran Jankovic, onlangs uitgeroepen tot Sloveens manager van het jaar, verkneukelt zich haast bij het idee: ,,In november gaan we open. Binnen een straal van een paar kilometer hebben we straks een markt van 1,5 miljoen mensen. Dat is bijna heel Slovenië.'' Sarajevo ging Belgrado al voor. En in Tuzla en Banja Luka (eveneens in Bosnië) en in het Servische Novi Sad gaan de komende tijd de eerste heipalen in de grond. In Kroatië heeft Mercator al langer voet aan de grond - het uiteenvallen van Joegoslavië vormde geen onderbreking van de activiteiten daar. Jankovic heeft een hele reeks antwoorden op de vraag: waarom bouwen in ex-Joegoslavië en niet bijvoorbeeld Oostenrijk? ,,We hoeven niet bij nul te beginnen. We kennen veel mensen van vroeger, we spreken de taal. We hoeven ook niet veel geld uit te geven om onze naam bekend te maken, want iedereen kent ons nog uit het oude Joegoslavië en toen hadden we ook al een goede naam.'' Last but not least: de concurrentie is klein. In Bosnië, lacht Jankovic, bestaat die eigenlijk vooral uit de zwarte markt.

,,In veel opzichten vormt ex-Joegoslavië onze thuismarkt'', zegt Ales Jankopic, onderdirecteur van de Sloveense Kamer van Koophandel, net terug van een rondreis door de regio. In het oude Joegoslavië waren de economieën van de verschillende deelrepublieken nauw met elkaar verbonden. Hechter dan menigeen had gedacht, zo moest Slovenië in 1991 ervaren toen ze het huis van het oude Joegoslavië verliet.

Achter de statistieken die Slovenië steevast als economische motor van de federatie aanwees, bleek een ingewikkelder verhaal schuil te gaan. Zo raakte een bedrijf als Adria Mobil - in Nederland bekend van zijn caravans - plots een aanzienlijk deel van zijn 200 toeleveranciers kwijt. Nieuwe waren wel te vinden, maar tegen een minder aantrekkelijke prijs.

Zestig procent van de Sloveense buitenlandse handel, die toen nog geen buitenlandse handel heette, betrof in 1990 transacties met de rest van het oude Joegoslavië. Het is bepaald een huzarenstukje dat Slovenië het wegvallen van een groot deel van die markt wist te overleven. ,,Inmiddels heeft zeventig procent van de handel betrekking op de EU'', aldus Jakopic.

Sinds een jaar of wat trekt de handel met ex-Joegoslavië weer aan. Opvallender nog is de toename van de investeringen. Jakopic: ,,Van onze investeringen gaat nog geen vijfde naar de EU, zes tig procent gaat naar ex-Joegoslavië.'' Boven aan het lijstje staat Kroatië, gevolgd door Bosnië - waar Slovenië zelfs de belangrijkste buitenlandse investeerder is.

Op dit moment zijn de Slovenen vooral in Servië geïnteresseerd. ,,Sinds het vertrek van Milosevic is er veel veranderd. Het is veruit de grootste markt van het oude Joegoslavië en bovendien wordt er nu op grote schaal geprivatiseerd.'' Voor de Sloveense Kamer van Koophandel was het aanleiding eerder dit jaar een kantoor in Belgrado te openen. Kieskeurig zijn de Slovenen niet, aldus Jakopic. ,,Ze zijn in alle sectoren actief.''

Volgens hem zijn zijn landgenoten beter dan zeg Hongaren, laat staan Nederlanders, in staat de risico's in te schatten in wat toch enigszins als het Wilde Westen van Europa bekendstaat. ,,We hebben ervaring. Bovendien zijn we eerder bereid risico's te nemen.''

Jakopic is blij met die hernieuwde contacten: ,,Alleen een sterke economie kan de wonden helen die in de afgelopen jaren zijn geslagen. In Bosnië hebben we met onze investeringen in totaal al zo'n 3000 banen gecreëerd, en daar hebben ze enorme behoefte aan. Er is geen werk, machines zijn gestolen, beschadigd of gewoon afgeschreven. Door iets nieuws te beginnen, bieden we weer hoop.''

Samuel Zbogar, staatssecretaris van buitenlandse handel, vindt de hernieuwde belangstelling van Slovenen voor de ex-partners uit Joegoslavië niet moeilijk te verklaren. ,,Het is een voordeel dat wij als Slovenen vroeger op school ook Servo-Kroatisch hebben geleerd. En we kennen de mentaliteit.'' Het heeft iets vertrouwds, noemt de bewindsman dat zelfs, en dat klinkt toch wat vreemd voor wie amper tien jaar geleden voortdurend moest horen dat de Slovenen toch zo anders waren dan de mensen voorbij de oostgrens.

Zbogar erkent het grif: op de golven van het nationalisme werden de andere volken van Joegoslavië wel erg zwart geschilderd, de Serviërs voorop. De verandering dateert van 1996, meent hij. ,,Toen hebben we een associatieverdrag gesloten met de EU. Daarvoor waren we steeds bang dat de buitenwereld ons weer terug wilde hebben in een soort Joegoslavië. Het verdrag gaf zelfvertrouwen en maakte duidelijk dat we echt als zelfstandige staat werden gezien.''

Met de zekerheid van het toekomstige EU-lidmaatschap durfde Slovenië zich weer om te draaien. Sterker nog: volgens Zbogar kan de kleine republiek - 2 miljoen inwoners - een belangrijke rol spelen in wat men hier bij voorkeur Zuidoost-Europa noemt. ,,Wij kunnen een voorbeeldfunctie vervullen. Onze economie is vergevorderd met herstructureren, de maatschappij is redelijk stabiel.''

Via hernieuwde economische betrekkingen, maar ook via humanitaire hulp - Slovenië helpt in diverse regios's mee met ontmijnen en verleent steun aan getraumatiseerde kinderen - is het land actief. ,,Dat is niet altruïstisch. Het is in ons eigen belang. Ook wij hebben er belang bij dat er politieke en economische stabiliteit aan onze grenzen heerst. Al was het alleen maar omdat wij straks de buitengrens van de EU vormen.''

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden