Sloper verwacht weinig van slooppremie

Het lot van een afdanker bij autosloperij Nieuwe Haven: gestript wachten op betere tijden. (FOTO MARC VAN DER KORT) Beeld PHOTO COPYRIGHT MARC VAN DER KOR

In Duitsland leidt de sloopregeling tot voetbalvelden vol afdankertjes. In Nederland verwacht de sloper vooral veel wrakken.

Of hij Duitse toestanden – vele hectares vol sloopwagens – verwacht? „Dacht ik niet”, zegt Richard van de Pol, eigenaar van autosloperij Nieuwe Haven in Hilversum. „In Duitsland bieden ze een veel betere prijs, die kan oplopen tot 2500 euro.” Kijk, dát zijn nog eens bedragen. In Nederland levert de nieuwe sloopregeling voor oude auto’s alleen behoorlijk op als je een diesel bestelbus inlevert à 1750 euro. Een gewoon autootje doet niet meer dan 750 euro.

Afgedankte versnellingsbakken, een dashboard, een koplamp: op de tweedehands markt is daarvoor nog wel wat te beuren. Deze handel is dan ook een pijler onder de moderne autodemontagebranche. Maar voor de reserveonderdelen hoeft Van de Pol het dit keer niet te doen. Deze lage slooppremie zal alleen maar hele oude auto’s opleveren, verwacht hij. „Weggooiers. Auto’s van voor 1990, zonder dagwaarde. Of een paar honderd euro, hooguit. Ga maar na: als je zo’n auto inlevert, kun je er immers nog wat aan verdienen. Maar als je praat over een Golfje IV van 1998, een Peugeootje 106 of 306, die hebben gewoon een veel hogere dagwaarde. Dus die gaat niemand aanbieden.”

„Juist van die oude auto’s heb ik al genoeg onderdelen op vooraard. Misschien dat er nog een leuk bandje onder zit, maar verder verwacht ik er weinig van”, zegt Van de Pol.

Is de sloopregeling dan wel interessant voor hem? „Nou, we kunnen natuurlijk wel wat meesnoepen van de verwijderingsbijdrage”, legt hij uit. „Als zo’n weggooiertje binnenkomt, tappen we hem eerst helemaal af. Accu eruit, remvloeistof, koelvloeistof, olie: we zamelen dat apart in. Vervolgens trekken we de rubbertjes eruit, het glas, de banden, noem maar op. Dat verzamelen we allemaal in grote stalen bakken en daarvoor krijgen we een vergoeding van ARN.”Â

Auto Recycling Nederland (ARN) coördineert in opdracht van de autobranche de recycling van auto’s.

„Wat daarna overblijft, is ijzer. En dat kunnen we verkopen.” Tegenvaller is dat de ijzerprijs op dit moment laag is. Vijf cent per kilo, weet Van de Pol. „Vorig jaar was dat nog 12 cent. Daarom spaar ik alle auto’s die ik binnenkrijg gewoon op, totdat de wereldprijs voor staal aantrekt. Ik heb 4000 vierkante meter, met zo’n 200 wrakken. Dus aan ruimte geen gebrek.”

Want de demontagebedrijven kampen met overcapaciteit. „Vijf jaar geleden werden 300.000 voertuigen gedemonteerd. De laatste twee, drie jaar waren dat nog maar 200.000”, zegt Janet Kas, woordvoerder van ARN, die samen met de Bovag de regeling mee ontwierp.

Auto’s worden steeds beter en sinds 2005 zit de export van oudere auto’s, naar vooral Oost-Europa, in de lift. „De minstens 40.000 auto’s die we dankzij de sloopregeling extra verwachten, kunnen we dus best aan. De sloopregeling komt op een goed moment, zo geweldig ging het niet de laatste jaren”, zegt Kas.

De verwijderingsbijdrage dekt vooral het arbeidsloon en levert per wrak hooguit 70 euro op, zegt Kas. „Wat overblijft, is het kale ijzeren wrak. Een auto bestaat voor 75 procent uit staal.” Maar bij de huidige ijzerprijs levert dat voor een auto van 1000 kilo dus maar 35 euro op. Geen vetpot, die slooppremie. „Met het verschil dat de sloper niks hoeft te betalen voor zijn wrak. Dat was voorheen wel zo”, zegt Kas.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden