Slim inspelen op de Nederlandse smaak bracht Chinezen succes

Het Rijk maakt het steeds lastiger om Chinese koks naar Nederland te halen. Chinese restaurants protesteerden deze week. Zij zeggen de eigen mensen nodig te hebben. Verkoop van voedsel was voor hen altijd al een belangrijke bron van bestaan.

Al voor de oorlog associeerden Nederlanders de Chinezen vooral met eten. In steden en zelfs in dorpen doken straatverkopers die pindakoekjes aan de man probeerden te brengen. De veel gebruikte slogan 'Pinda, pinda, lekka, lekka!' zou de Chinezen nog heel lang achtervolgen. Ook andere Aziaten en mensen met deels Aziatisch bloed hadden er later nog last van. Veel Indische Nederlanders werden na de Indonesische onafhankelijkheid in 1949 in hun nieuwe Europese thuisland uitgescholden voor 'pinda'.

Chinezen kwamen en gingen in het Nederland van de eerste decennia van de twintigste eeuw. Een select gezelschap zonen van bemiddelde Chinezen uit Nederlands-Indië kwam studeren aan de universiteiten. Maar de grootse groep werd gevormd door Chinese zeelieden die tussen de reizen in bleven hangen in havensteden als Rotterdam en Amsterdam. Hun verblijf was meestal van tijdelijke aard.

De economische crisis, die in het najaar van 1929 begon, maakte dat veel Chinezen niet meer aan de bak kwamen op schepen. Ze bleven hangen in Nederland. Om toch wat te verdienen, vatte een van hen het idee op om pindakoekjes te maken en te gaan uitventen. Veel was er niet voor nodig: water, suiker, pinda's en wat azijn voldeden. De Nederlanders bleken er dol op. Al snel doken de verkopers van pindakoekjes op tal van plaatsen op.

De autoriteiten vonden het maar niks. De directeur van de Gemeentelijke Gezondheidsdienst in Amsterdam klaagde over 'het onberedeneerde medelijden van het publiek met de pindamannetjes. Met zigeuners en Oost-Europese joden werden de Chinezen door veel hoogwaardigheidsbekleders beschouwd als een soort plaag. De Groningse politie verklaarde de stad in 1933 met tevredenheid 'Chinezenvrij'. Op lokaal en nationaal niveau werden plannen gemaakt voor razzia's en kampen. De uitvoering liep niet stuk op morele, maar op financiële bezwaren. Alleen de hoofdcommissaris van Rotterdam maakte serieus werk van een beleid dat voorkwam dat de Maasstad echt veranderde in 'een koeliedepot'. Met behulp van zijn nauwe contacten met scheepvaartmaatschappijen werden zo'n duizend Chinezen teruggestuurd naar hun land van herkomst. Het voortduren van de economische malaise hielp ook. Veel Chinezen zagen geen toekomst meer in Nederland en keerden huiswaarts.

In de jaren twintig kreeg Nederland zijn eerste Chinese restaurants. Rotterdam had de primeur: Tsjang Kam Soi op Katendrecht. In Amsterdam kwam Kong Hing, in de Binnen Bantammerstraat, in een buurt met veel Chinezen. Het restaurant trok beroemde gasten. Bij een bezoek aan Nederland poseerde Josephine Baker met de eigenaar en het personeel.

De echte hoogtijdagen van de Chinese restaurants moesten toen nog komen. De komst van honderdduizenden Indische Nederlanders en de terugkeer van grote groepen jongemannen die tijdens de politionele acties kennis hadden gemaakt met de Aziatische keuken, droegen bij aan de grote vlucht van de horecagelegenheden. Ze pasten zich ook slim aan: Chinees werd in veel gevallen Chinees-Indisch. Veel borden nasi werden om de klant wat vertrouwds te bieden afgemaakt met een gebakken eitje bovenop. Het welvaartsniveau was zo ver gestegen dat mensen af en toe buiten de deur konden eten. Chinezen wisten waar de markt om vroeg: veel, goedkoop en snel.

Vanaf begin jaren tachtig kregen de Chinese restaurants het wel lastiger. Eetgelegenheden die andere buitenlandse keukens centraal stelden kwamen op. Chinezen pasten hun formules aan: hun eten werd weer authentieker, ze richtten zich op afhalers of introduceerden wokken of andere eten-naar-behoefte-voor-een-vaste-prijs-concepten. Andere Chinezen verzetten de bakens naar een andere, meer Nederlandse horecatak. Inmiddels hebben ze een belangrijk deel van de snackbars en cafetaria's in handen.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden