Opinie

Slangenkuil van roddel, list en bedrog

'Nog maar drie gaatjes hoor!' roept een speler van het gezelschap 't Barre Land naar de zolder. En opnieuw weerklinkt oorverdovend geboor. Artistiek leider Titus Muizelaar van Toneelgroep Amsterdam, die in de foyer van de Transformatorzolder al uiltje knappend zijn rol in 'Hedda Hedda' voorbereidt, schrikt brommerig wakker. In de keuken overlegt Barre Landster Margijn Bosch met cast- & crewkok tevens Discordia-acteur Maarten Boegborn over haar personage in 'The Way of the World', waarin zowel de volledige troupe van Maatschappij Discordia als die van 't Barre Land aantreedt.

De voorstellingen van het 'Fin de saison' vormen de jaarlijkse hoogtijdagen van Maatschappij Discordia, waar het geestverwante gezelschap 't Barre Land vanaf dit jaar in vaste bezetting aan deelneemt. Het is het slot maar evengoed het begin het seizoen: de cyclus bestaat uit hernemingen en uit ter plekke geënsceneerde première's. Al is 'première' bij beide gezelschappen een weinig trefzeker begrip aangezien hun voorstellingen steevast spelenderwijs en in collectieve regie naar de juiste tempovoering en toonzetting groeien. Buurman Toneelgroep Amsterdam biedt zes weken lang gastvrijheid in de Transformatorzolder op het Amsterdamse Westergasterrein, waar steeds twee voorstellingen per avond (21.00 en 23.00 uur) worden gegeven. Langskomende muzikanten (SFEQ: San Francisco Earth Quake) of afgestudeerden van de regie-opleiding worden moeiteloos in een voorstelling of programmering gelast.

Voor de toeschouwer is 'Fin de saison' als de fonkelende glazen kist op de kermis, waarin je met een grijpertje-aan-trolley de begeerde snuisterij kunt takelen. Stukken, monologen of dagboekfragmenten van Tsjechow, Wittgenstein, Canetti, Nijinski, Handke, Bernhard, Isherwoord, Congreve, Goetz of Rijnders. Wat de programmafolders betreft stelt Discordia de toeschouwer traditiegetrouw op de proef: je kunt beter een microscoop in plaats van een vergrootglas gebruiken om te achterhalen welke voorstelling op welke avond valt. En dan nog hoeft het het niet zeker te zijn dat de aangekondigde voorstelling ook plaatsvindt. In het 'Fin de saison' wordt van week tot week geprogrammeerd, en kunnen voorstellingen binnen twee etmalen nog met elkaar wisselen.

Voor de spelers is 'Fin de saison' een krachtmeting omdat er tientallen voorstellingen door elkaar heen lopen (waar de grote gezelschappen een heel seizoen voor uittrekken). De hersens mogen in die samengebalde weken niet op hol slaan; de spelers moeten behalve tekstvast, vooral ook stukvast blijven om te voorkomen dat hun personage de juiste passage in het verkeerde toneelstuk of andersom zegt.

Voordat Discordia en 't Barre Land zichzelf regisseren zoeken de spelers een stuk uit, en zetten dat naar hun hand. 't Barre Land las de roman 'Het Martyrium' van Elias Canetti, en werkte het in 'Een hoofd zonder wereld' tot toneeltekst om. De neergang van professor Kien en zijn revolte veroorzakende huishoudster zetten de Barre Landers letterlijk op de vierkante meter neer. Het decor is een lange tafel waarop twee fauteuils (de vertrekken) met wat houtschotten erachter. Op een kleuterstoeltje voor de tafel acteersouffleert Vincent van den Berg zo hardop en zo heftig armgebarend met de kijvende professor en huishoudster mee, alsof hij de slotfase van Bruckners Negende dirigeert. Spelers die uitgespeeld zijn gaan tijdens de voorstelling naast het publiek zitten of tegen een muur geleund een biertje drinken en sigaret roken. 't Barre Land weet steevast een dreigende atmosfeer aan kolderrieke terloopsheid (Is er wat gebeurd? Heb ik wat gezegd? Sta ik op het toneel?) te paren: hun 'Hoofd zonder wereld' is allerminst zo hermetisch als Canetti het schreef. Dank zij behendigheid, aantoonbare liefde voor taal en navenant vitaal spel maakt 't Barre Land hun voorstellingen overigens geregeld meeslepender dan de geschreven stukken zelf. Maar goed, daar zijn ze ook toneelspelers voor. Deel twee en drie ('Hoofdloze wereld' en 'De wereld in het hoofd') volgen in het komende seizoen.

Als co-productie spelen Discordia en 't Barre Land 'The Way of the World' (1700) van de Engelse dramaschrijver William Congreve. Een wereldberoemd stuk, volgens vertaalster en Discordia-actrice Annet Kouwenhoven; het staat in alle theateralmanakken als een van de eerste 'comedies of manners', alleen wordt het zelden of zeg maar nooit gespeeld. Congreve schreef maar vijf stukken; de aanhoudende kritiek van pers en publiek werd hem te machtig, en hij trok zich terug in de Kit Catclub, 'een soort Harry Mulisch-sociëteit' volgens Kouwenhoven. Alles draait om geld en seks, wist Congreve in achttiende eeuw al - het publiek ongetwijfeld ook - maar dat kon je beter niet publiekelijk stellen. Medevertaler Maarten Boegborn en Barre Lander Martijn Nieuwerf proberen met 'een slangenkuil van roddels en list en bedrog, waarin gelijkwaardige helden om de voorwaarden en beloning van een huwelijk vechten', het stuk te duiden. Voor de vertaling gebruikten zij bargoense woordenboeken om gedateerde bijbetekenissen te achterhalen zoals syfilis voor 'flap dragon', bastaardkind voor 'citizen's child' en eerste ongesteldheid als grap tegen oude vrouwen voor 'green sickness', positie als 1) aanzien, 2) in verwachting en 3) seksueel standje in 'position as a dry fig', waarbij de vijg niet uitsluitend een zuidvrucht is en 'snedigheid' niet alleen met 'geestigheid' connoteert. Kouwenhoven: ,,Er gapen afgronden van betekenis.'' Boegborn: ,,Soms puzzelden we uren om zoveel een positieve als negatieve betekenis te achterhalen.'' Nieuwerf: ,,Congreve gebruikt die termen ook nog eens heel terloops; hij schiet er snel langs.''

Aldus krijgt Lady Wishfort de volgende Discordiaanse Barre Land-volzin toebedeeld: ,,Mijn huis uit, mijn huis uit, jij adder, jij serpent, die ik aan mijn hart gekoesterd heb, jij boezemverraadster, die ik uit het niets heb opgetild - verdwijn, verdwijn, verdwijn, ga, ga - die ik gered heb van het wassen van gebruikt verbandgaas en het vlechten van dood haar, met een bleekblauw neusje, hangend over een komfoortje met twee of drie uitstervende sintels, en etend achter een gordijn van lompen, in een hok niet groter dan een vogelkooi - ga, ga, honger maar uit, doe maar, doen.''

En dat staat dan nog maar op papier. Zodra de spelers de tekst in handen hebben kan het talige gevijl en gewijzig pas in alle heftigheid aanvangen. Martijn Nieuwerf: ,,We zijn niet trouw aan de letter, wel aan de bedoeling van het stuk.''

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden