Slag om 'stad van de wraak' is begonnen

Militairen rijden richting Tal Afar om tegen IS te vechten. Beeld AP

In Irak is de slag om Tal Afar begonnen, een van de laatste bolwerken van de islamitische groep IS in het land. 

Zes weken na de bevrijding van Mosul is in Irak de slag om Tal Afar begonnen. Dit laatste bolwerk van de islamitische groep IS, in de provincie Nineve, is strategisch gelegen op de route tussen Irak en Syrië. Verwacht wordt dat de strijd bloedig zal zijn en dat IS-strijders zich zullen doodvechten.

De pauze van zes weken was nodig, omdat het Iraakse leger in Mosul veel materieel en manschappen heeft verloren. Van de elitetroepen van de Gouden Brigade zou zelfs zo'n 40 procent zijn omgekomen. Geen Humvee - een militaire truck - had nog een intacte voorruit. Net als in Mosul leiden de elitetroepen de aanval, samen met legerbrigades en politietroepen, met bijstand van sjiitische milities die Tal Afar al geruime tijd omsingeld houden.

Die laatste rol is omstreden. Na misdragingen bij de bevrijding van met name Falluja werden de milities buiten Mosul gehouden. Turkije had ook bezwaar tegen hun aanwezigheid in Tal Afar, wat nog een extra reden was voor de vertraging van de operatie. Eeuwenlang was Tal Afar een Ottomaanse legerbasis, en de Turkmeense bevolking stamt af van de troepen die daar gelegerd waren. De meerderheid was soennitisch. De Turkse president Erdogan hecht zoveel belang aan het lot van die nazaten, dat hij gedreigd heeft met militair ingrijpen als de door Iran gesteunde sjiitische milities een voet in de stad zetten.

(Tekst loopt door onder afbeelding) 

Tal Afar Beeld Brechtje Rood

Scepter zwaaien

In de milities vechten ook sjiitische Turkmenen uit Tal Afar mee die zijn gevlucht voor IS, of al eerder voor Al-Qaida, dat hier na de val van Saddam Hoessein veel aanhang kreeg. Saddam had veel Turkmeense soennieten in zijn leger en regering, en toen na 2003 de sjiitische meerderheid de macht in Irak kreeg, gingen ook de sjiitische Turkmenen in Tal Afar de scepter zwaaien. Hier maakten ze echter maar zo'n 30 procent uit van het totaal. Gefrustreerde soennieten waren een dankbaar doelwit voor Al-Qaida's wervingsacties, die leidden tot wraakoefeningen tegen de sjiieten. En toen IS deze 'stad van de wraak' in augustus 2014 overnam, kregen soennitische Turkmenen hoge functies in leger, rechtbanken en (zeden)politie. Na de ontvoering van duizenden yezidi's uit een naburige regio werd Tal Afar het centrum van de slavenhandel.

Veel sjiieten menen dat iedereen die nu nog in Tal Afar is achtergebleven, IS steunt. Dat maakt de kans op wraakacties groot. Hoeveel burgers er precies zijn, naast de familieleden van de duizend tot tweeduizend strijders, is onduidelijk; wellicht nog vijftigduizend. De afgelopen weken hebben zo'n dertigduizend mensen de stad weten te ontvluchten. De overheid heeft een noodlijn geopend en een radiostation ingezet om hen daarbij te helpen.

Als Tal Afar valt, is IS nog altijd niet verjaagd uit Irak. In het bolwerk Hawija, bij de oliestad Kirkuk, wacht ook een bloedige strijd, en honderden IS-strijders hebben zich gehergroepeerd in de Hamrinbergen die de grens vormen tussen de Koerdische regio en de rest van Irak.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden