Slag om het Binnenhof: blijven of weggaan?

Een hele generatie schoolkinderen zet geen stap op het Binnenhof. Vanaf 2020 gaat het complex dicht, voor maar liefst 5,5 jaar. Vandaag proberen Tweede Kamerleden het tij te keren, maar er lijkt al een meerderheid te zijn voor sluiting. Dat is nu eenmaal sneller en goedkoper.

ROMANA ABELS

Het ging maar net goed. Op een nacht in de winter van 2007 kwam er plots, van acht hoog, een natuurstenen plaat van het gebouw van de Tweede Kamer naar beneden zeilen. Was het overdag geweest, dan was de kans dat er winkelend publiek onder had gestaan, levensgroot geweest. Nu was de straat, in het hart van Den Haag, verlaten.

Net zo gelukkig was het in 2012, dat minister Schippers net even links van de microfoon zat te luisteren naar Jetta Klijnsma, toen nog Kamerlid. Pardoes zeilde een lamp naar beneden. Had ze achter het spreekgestoelte gestaan, dan was Schippers zeker geraakt.

Het kwam ook goed uit dat Marieke Hoste, lobbyist voor de provincie Zuid-Holland, niet aan claustrofobie lijdt. Hoste zat in 2013 vast in de lift van de Tweede Kamer. Ze werd bevrijd, maar het duurde 'lang genoeg om het benauwd te krijgen', schreef ze op Twitter.

Inderdaad zijn de liftinstallaties behoorlijk aan vervanging toe, en niet alleen de liften. Minister Stef Blok van wonen en rijksdienst schreef half november van dit jaar aan de Tweede Kamer dat het gaat om zowat alles: liften en platen, maar ook de roltrappen, de klimaatbeheersing, de elektra - eigenlijk alles in technische zin heeft zijn 'technische levensduur' inmiddels ruim overschreden. Sterker nog, de technische installaties van de Tweede Kamer worden aangestuurd door een computer die stamt van vóór 1992 - in computertermen het stenen tijdperk. Bij Siemens werken nog maar twee technici die storingen hier kunnen verhelpen.

Dus of die verbouwing van het Binnenhof nodig is, dat is eigenlijk geen vraag, het is een feit. Want er is nog meer: asbest en brandbestendigheid. Het levert geen direct gevaar voor de gebruikers op, maar wrang is het wel: het gebouw waarin de regels gemaakt worden waaraan de samenleving zich moet houden, voldoet zelf niet aan die regels. Is er brand, dan kunnen de bewoners veilig worden afgevoerd. Maar de monumentale gebouwen zijn dan verloren.

Vandaag praat de Tweede Kamer over die verbouwing. Door de minister werden de Kamerleden voor de keus gezet: of ze verlaten het pand, betrekken ruim vijf jaar de oude behuizing van het ministerie van buitenlandse zaken en keren dan weer terug. Deze goedkoopste optie heeft de voorkeur van het kabinet. Of ze kiezen de tweede optie: gewoon door blijven werken en steeds stukjes verbouwen. Dat duurt veel langer - dertien jaar is de verwachting - en is nog duurder ook. Goedkoop is het sowieso niet: het gaat om 475 miljoen versus 600 miljoen. Lang was de vraag: wat te doen?

undefined

Kantoorkolos

Het gaat wel ver. Zelfs de premier moet zijn torentje uit, al is dat waarschijnlijk niet voor de hele vijfenhalf jaar. En moeten al die honderden schoolkinderen die nu dagelijks op het Binnenhof leren over democratie, straks naar een anonieme kantoorkolos? De toon was meteen al gezet door Ankie Broekers-Knol, voorzitter van de Eerste Kamer. "Het Binnenhof staat symbool voor de parlementaire democratie. Als we dan verspreid over de stad gaan zitten, is het een ander verhaal." Bovendien: "Sinds 1200 is hier al die zeven-, achthonderd jaar almaar verbouwd en telkens ging de business gewoon door. Ik zie niet waarom dat nu anders zou moeten."

Ook in de Tweede Kamer was niet meteen groot enthousiasme. Zo noemde D66-Kamerlid Wouter Koolmees het plan om het Binnenhof voor een verbouwing vijf jaar te sluiten 'belachelijk'. "Het gemiddelde schoolgebouw staat er slechter voor dan het parlement. Dus wij vinden dit te ver gaan en absurd. Het huis van de democratie moet openblijven." Koolmees zal vandaag nog pleiten voor een gefaseerde sluiting, waarbij het politieke proces gewoon door blijft gaan. Hij ziet het helemaal voor zich: eerst worden de Eerste Kamer en Algemene Zaken verbouwd - de Eerste Kamer kan dan vergaderen in de oude zaal van de Tweede. Als dat klaar is, kan de Tweede Kamer aangepakt worden, in delen. Wellicht, zegt hij, kan de Tweede Kamer dan vergaderen in de Ridderzaal. "Ik wil meer opties zien", zegt Koolmees. "Volgens mij kunnen we hier ook blijven zitten en verbouwen. Dat hoeft helemaal niet zo lang te duren."

Koolmees weet zich gesteund door zeker twee architecten, Hans van Heeswijk en André van Stigt. Zij bekeken op verzoek van de Kamer het eisenpakket. Volgens hen kan het ook anders. Van Heeswijk adviseert de verbouwing aan te pakken als 'heel veel kleine projecten', in plaats van een megalomane operatie. Op die manier kan het goedkoper én korter.

Van Stigt, een gelouwerd vernieuwer van oude gebouwen, vindt zelfs vijfenhalf jaar al 'heel erg lang'. Wat hem betreft kan het complex in die tijd makkelijk verbouwd worden, zelfs als het voor 75 tot 80 procent in gebruik blijft. "Het gaat om een andere manier van denken", hield hij de Kamer voor. De plannen nu, zegt hij, lijken 'door angst gedicteerd'. Het moet natuurlijk veilig zijn. Maar van té werd nooit iemand beter. In dit plan, zegt Van Stigt, is 'veiligheid op veiligheid gestapeld'.

Ook historicus Diederik Smit hoopt nog op een andere uitkomst. Afgelopen zomer publiceerde Smit een boek over de historie van de gebouwen van het Binnenhof. Smit: "Het Binnenhof heeft er feitelijk nog nooit zo goed bij gestaan. Er was een tijd dat het water hier in de gangen stond."

Smit herkent in de huidige discussie dat alle debatten precies zo verlopen als in de afgelopen eeuwen. "Voor het complex in het algemeen geldt dat er geen plaats is voor het grote gebaar. Het heeft geen vergulde toegangspoorten of geüniformeerde wachters", schreef hij al.

Werd het Binnenhof verbouwd - en dat gebeurde nogal eens - dan ging het altijd om praktische argumenten. "Was representativiteit de aanleiding, dan lagen eventuele bouwactiviteiten al snel weer stil." Maar paste bijvoorbeeld het parlement niet meer in de Trêveszaal, omdat de afgevaardigden uit de zuidelijke Nederlanden erbij waren gekomen, dan was het wel mogelijk om de balzaal van het stadhouderlijk hof zó te verbouwen dat hij voortaan als vergaderzaal kon worden gebruikt. Gaat het nu om de goedkoopste optie, dan toont het parlement zich in ieder geval historisch consequent, zegt hij.

Hij staat aan het Plein, voor de ingang van de Tweede Kamer. "Kijk, dit is de hoofdingang. Je ziet het bijna niet. Het is net zoiets als een school, of een bibliotheek." In zijn boek memoreert hij een anekdote uit 1995, toen Wim Kok nog premier was. "Toen de Duitse bondskanselier Helmut Kohl tijdens zijn staatbezoek aan Nederland in 1995 op het Torentje werd ontvangen, was hij nogal verbaasd over de bescheiden ruimte die de eerste minister van het land ter beschikking stond. Hij was de ruimte binnengekomen via een klein trappetje en een smalle entree. Eenmaal binnen, gezeten in een forse fauteuil, sprak hij smalend tot Kok: 'Zo Wim, dus dit is nou jouw Bundeskanzleramt?'

Verhuizen naar een andere plek is voor Diederik Smit echt een brug te ver. "Het aanzien van de politiek is in het geding", meent hij. Een parlement dat vergadert in een kantoor - hij ziet het niet zitten. "Ik begrijp niet dat er niet gesproken is over de Ridderzaal als alternatieve vergaderplek. Prima te beveiligen, representatief, groot genoeg. De Kamerleden zullen dan even moeten lopen naar de vergadering. Maar verder past alles. "

Hij loopt eromheen en vertelt dat achter de bekende zaal waar de Troonrede wordt voorgelezen, een tweede zaal is. "Daarachter zijn nòg drie zalen", zegt Smit. "Die staan al jaren leeg." Smit vindt het 'heel erg jammer dat er amper aandacht is voor de symbolische waarde van het Binnenhof.'

undefined

Weerstand

Ophef over bouwactiviteiten op deze plek is niets nieuws. In zijn boek beschrijft Smit hoe het een wonder mag heten dat er in 1992 een nieuw Kamergebouw kon komen. Het project moest heel omzichtig worden aangepakt. Toen architect Pi de Bruijn in 1980 aan het ontwerp begon, schrijft hij, 'was voorzichtigheid geboden'. "Als er één les uit het verleden getrokken kon worden, was het wel: hoe grootser en geprononceerder de geplande nieuwbouw, hoe meer weerstand", aldus Smit.

In eerste instantie ontwierp De Bruijn een enorme toren, maar die werd afgekeurd. "Toen, moest De Bruijn dus op zoek naar een bescheidener uitbereiding", schrijft Smit. "Enerzijds een comfortabel gebouw, toegankelijk en functioneel, anderzijds niet opvallend."

Dat laatste, onopvallend, zal zeker gelden voor het tijdelijke onderkomen van het parlement, vanaf 2020. De Tweede Kamer zal instemmen. VVD en PvdA werden overgehaald door aannemers.

Directievoorzitter Hans de Jonge van Brink Groep noemde het 'bijna onvermijdelijk' dat de Kamer om meer aanpassingen gaat vragen terwijl de verbouwing loopt. Alleen daarom al is het verstandiger om het complex een paar jaar te verlaten. Zijn collega Henk Bol van BAM noemde het zelfs een 'heilloos pad'. "Er kan zoveel misgaan."

Maar het meest overtuigend was misschien nog wel het pleidooi van André van der Zande, de voormalige directeur-generaal van het ministerie van landbouw. Zijn ministerie werd ook verbouwd. Het was goed bedacht: deel voor deel werd onder handen genomen. Achteraf, zei Van der Zande, was dat een verkeerd besluit. "Ik heb er spijt van dat we niet besloten tot volledige uithuisplaatsing."

Toch is de race nog niet gelopen. Want de Tweede Kamer kan dan vóór zijn, er is ook nog een Eerste. Die sprak niet met architecten of aannemers. Die ziet het gewoon niet zitten.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden