Slachtoffers houden verkrachting vaak geheim

Tienermeisjes die zijn verkracht, houden dat vaak verborgen. Daar kunnen ze veel last van krijgen. Een korte groepstherapie doet ze goed.

Meisjes en jonge vrouwen die zijn verkracht, doen hun uiterste best om die ervaring te vergeten. Psycholoog Iva Bicanic van het UMC Utrecht zag de afgelopen drie jaar 150 verkrachte meisjes. Eenderde deed een groepstherapie van acht bijeenkomsten, de rest kreeg dezelfde door Bicanic ontwikkelde gedragstherapie maar dan individueel.

Gemiddeld kwamen de meisjes pas een jaar nadat ze verkracht waren hulp zoeken. Bicanic: „Dit ga ik dus gewoon even vergeten, denken ze. Je bent zestien en je wilt dat je leven voortkabbelt zoals het voor die verkrachting was. Maar je lichaam zegt iets anders. Je voelt je naar, kunt je niet concentreren, seks is een probleemonderwerp.”

Meisjes houden het vaak geheim, maar merken dat de klachten niet minder worden. Vaak waren ze nog maagd. „Met een beetje slecht slapen kun je honderd worden. Maar de meisjes die zich bij ons melden kunnen vaak echt niet meer verder. Sommigen dragen jarenlang elke dag twee lagen kleding: twee onderbroeken, twee paar sokken. Alleen zo durven ze nog naar buiten.”

Ze zijn vaak hyperalert, wat ze weer moe maakt. Ze zijn niet zichzelf, dat maakt weer verdrietig en somber. De meisjes die zich in Utrecht melden zijn tussen de 13 en 20, van vmbo tot vwo. Allochtone meisjes zaten er nauwelijks tussen. Bicanic vermoedt dat schaamte bij die groep een nog grotere rol speelt.

Meisjes tussen de 14 en 24 jaar lopen vier keer meer kans om verkracht te worden dan andere leeftijdsgroepen. „Ze zijn veel meer uit huis, maken veel nieuwe vrienden, er zijn drugs en alcohol.” Vijf van de 150 slachtoffers kreeg stiekem de verkrachtingsdrug GHB toegediend. „Bij die groep zie je soms minder klachten, omdat ze zich weinig herinneren. Maar soms ook meer, omdat ze zich de vreselijkste dingen voorstellen.”

Vijftien procent was slachtoffer van een groepje jongens of mannen. De locatie van een verkrachting is vrijwel altijd het terrein van de dader. Zijn huis, auto, tent of caravan. De dader van zo’n eenmalige verkrachting is vaak een bekende, maar meestal geen familielid.

Bicanic: „Alle verhalen hebben gemeen dat een meisje op een zeker moment weet: dit gaat mis. Een beweging, een stem die anders klinkt. Daarna verlammen bijna alle slachtoffers. Ze kunnen niets meer doen. Waarschijnlijk is dat instinct, want daarmee red je je leven. Achteraf denken ze: had ik maar geschreeuwd. Was ik maar nooit in die auto gestapt. Het moeilijkste is dan ook het schuldgevoel.”

Toch geeft schuldgevoel ook houvast. „Je realiseren dat je er echt niets aan kon doen, maakt de wereld heel onveilig. Dan kun je dus zomaar slachtoffer worden. Jezelf de schuld geven geeft controle, je kunt, zoals een meisje deed, besluiten om nooit meer met een jongen te praten bijvoorbeeld.”

Slechts 15 procent van de slachtoffers van verkrachting doet aangifte. Van de groep van 150 ging de helft naar de politie. Voor zover bij Bicanic bekend zijn dertien daders berecht. „Meestal besluit justitie dat het niet te bewijzen valt.”

Het Amsterdamse AMC start in oktober ook met de Utrechtse aanpak.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden