Slachtmachinefabrikant uit IJsland zoekt nieuwe horizonten

Productielijn van het IJslandse bedrijf Marel Beeld x

Het IJslandse Marel gaat morgen naar de Amsterdamse beurs. Het bedrijf, gespecialiseerd in slachtmachines, ziet ruimte voor uitbreiding naar ontwikkelingslanden. Daar wordt steeds meer vlees gegeten.

Machines kunnen steeds meer steeds sneller. Machines om pluimvee te slachten ook. Een moderne pluimveeslachtmachine slacht 15.000 stuks pluimvee per uur, tegen zesduizend stuks dertig jaar geleden. Een machine die varkens verwerkt, kan er heden ten dage 1200 dieren per uur doordraaien. Een ­moderne visverwerkingsmachine ‘doet’ 270 kilo vis in zestig minuten, ruim 22 keer zo veel als in de jaren tachtig. Efficiency? De pluimveemachines die in een uur 15.000 bph – birds per hour, vogels per uur – halen zijn, volgens de fabrikant ervan de snelste verwerkers die er zijn.

Die fabrikant heet Marel, komt uit IJsland, heeft een grote Nederlandse poot (met circa 1900 werknemers) en krijgt morgen een notering op de beurs van Amsterdam. Marel maakt machines voor het slachten van pluimvee, varkens en schapen, en voor het verwerken van witvis, zalm, rund-, varkens- en kalfsvlees.

Die machines kunnen nogal wat. Ze kunnen ‘pluimvee verwerken, bedwelmen, doden, schoonmaken (inclusief verbranden/ontharen, ontveren, en wassen)’. Ze kunnen ‘ingewanden verwijderen en koelen’. En ze doen aan wat Marel ‘secundaire verwerking’ noemt: ‘oplossingen voor uitsnijding, ontbenen, villen, fileren, wegen, sorteren, ontvel­len/ontzwoerden, bundeling, portioneren en inspectie’.

Er zijn ook machines die het vlees van slachtkuikens, kippen, kalkoenen en eenden ‘vormen, pompen, marineren, coaten, braden en bakken’. Soortgelijke dingen kunnen ook de machines die schapen en varkens verwerken, zo valt te lezen in het prospectus, het boekwerk met informatie dat Marel moest uitbrengen omdat het naar de beurs gaat. In dat prospectus staan ook die bph’s van die efficiënte machines.

Visland

Marel gaat naar de Amsterdamse beurs omdat het op zoek is naar geld. Het bedrijf wil verder uitbreiden en overnames doen. Het hoopt zo’n 350 miljoen euro op te halen.

Ruimte voor groei ziet het bedrijf genoeg. Er komen meer mensen en er komen, vooral in ontwikkelingslanden, steeds meer mensen die zich kip, vlees en vis kunnen permitteren. Nu haalt Marel het leeuwendeel van zijn omzet nog in Europa en Noord-Amerika.

Marel stamt uit IJsland. Concreter: uit een onderzoek van de Universiteit van IJsland, nu ruim veertig jaar geleden, naar manieren om de verwerking van vis te verbeteren – IJsland is een visland. Marel gaat visverwerkingsmachines maken en stapt in 1992 naar de beurs van Reykjavik. Het bedrijf heeft dan, aldus het prospectus, 45 man in dienst en een omzet van 6 miljoen euro. Vorig jaar werkten er ongeveer zesduizend mensen die voor een omzet van 1,19 miljard euro zorgden. Op die omzet haalde Marel, dat nu dus een tweede beursnotering krijgt, een nettowinst van 122,5 miljoen euro.

Die spectaculaire omzetgroei dankt het bedrijf grotendeels aan overnames. De grootste daarvan was in 2008 toen Stork Food Systems, producent van kippenslachtmachines, werd ingelijfd. Marels omzet verdubbelde daardoor. In 2016 was er een tweede grote aankoop in Nederland: de vleesverwerker MPS (Meat Processing Systems). Sindsdien is Marel groot in de verwerking van varkens. Marel heeft fabrieken in Lichtenvoorde (Gelderland), Dongen en Boxmeer (Noord-Brabant).

Omzet

Het begon met vis, maar die vistak is nu de kleinste van Marel. Ruim de helft van zijn omzet haalt het bedrijf met de slacht en verwerking van pluimvee, daarna volgt vlees. Machines leveren nog altijd de meeste omzet op, maar ongeveer een derde van de omzet komt uit de service en het onderhoud aan machines die Marel eerder verkocht. 

Met het aanbod van nieuwe aandelen krijgt Marel er ook nieuwe aandeelhouders bij. ’s Werelds grootste vermogensbeheerder, BlackRock, is een van de partijen die al een grote pluk van de nieuwe aandelen hebben gekocht. De grootste aandeelhouder van Marel blijft overigens een IJslands investeringsfonds (Eyrir) en ook IJslandse pensioenfondsen hebben flinke belangen in het bedrijf. De naam van het grootste fonds mag niet onvermeld blijven: Lifeyrissjódur verslunarmanna, het pensioenfonds van de handel.

Lees ook: 

De Britse investeerder Candover neemt het industrieel concern Stork uit Naarden over. 

Na de overname wordt Storks divisie Food Systems verkocht aan de IJslandse grootaandeelhouder Marel.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden