Sla acht op de Königin der Nacht!

Het is dé iconische rol in Mozarts 'Die Zauberflöte'. Iedereen kan de ingewikkelde aria van de Koningin van de Nacht wel nadoen. Maar wat maakt een zangeres tot een imponerende vertolkster van deze ijzingwekkende partij?

Het vocale knekelveld is bezaaid met Koninginnen van de Nacht. Toen Mozart in 1791 de rol van de Königin der Nacht in 'Die Zauberflöte' op maat componeerde voor zijn schoonzus Josepha Hofer, kon hij niet bevroeden hoe veel problemen dit 'maatwerk' nog steeds oplevert. Want wie heeft er nou precies dezelfde stembanden als deze superkukelende Hofer? En hoe klonk Mozarts schoonzusje eigenlijk? Was het de vlammende furie met dreigend-dramatische stem, of was het meer een licht-kwinkelerend gaaltje van de nacht met een wat ielig fluittoontje?

We weten het niet, en we zullen het ook nooit weten. Met als gevolg dat de rol wordt gezongen door alle mogelijke soorten stemmen. Wel met één belangrijke voorwaarde: er moet een hoge F op de stembanden zitten. Even voor de duidelijkheid: dat is drieëneenhalve toon hoger dan de hoge C.

Er is momenteel een hausse aan uitvoeringen van 'Die Zauberflöte'. Gisteravond was de première van een nieuwe enscenering van De Nederlandse Opera in Amsterdam, volgende week woensdag start de Vlaamse Opera in Antwerpen met een nieuwe reeks en we hebben net de heerlijke concertante uitvoering van René Jacobs achter de rug in het Concertgebouw (ZaterdagMatinee). Het Madrileense Teatro Real maakte overigens onlangs bekend dat hún nieuwe 'Zauberflöte'-productie van Robert Carsen wegens geldgebrek geschrapt is.

Toegegeven: alle rollen in 'Die Zauberflöte' hebben wel iets, maar de meest iconische is toch wel die van de nachtelijke koningin. Zelfs de grootste leek op het gebied van klassieke muziek kan haar ingewikkelde kukels wel nadoen - 'ahahaha a-a-a-a-a-a-a-aaaaaa'. Kijk maar eens op YouTube en je verdwaalt in filmpjes van meesterlijk sopraan-naäpende parkieten (inclusief vibrato) tot aan de onvergetelijke Florence Foster Jenkins, de gefortuneerde 'zangeres' die Carnegie Hall afhuurde en wier vertolking van 'Der Hölle Rache kocht in meinem Herzen' nog het meest lijkt op het horendol makende gekef van een teckel.

Maar serieus. Wat is er officieel op de markt en wat is er aan te raden? Het aanbod is duizelingwekkend. Van de stijlvolle Maria Ivogün in 1925, via Erna Berger in de eerste officiële complete opname uit 1937 tot aan de Finse Anna-Kristiina Kaappola in de meest recente opname van René Jacobs. Dat zijn allemaal sopranen van het nachtegalen-soort - licht, beweeglijk en duizelingwekkend perfect in de coloraturen.

Aan het andere uiteinde van het spectrum zijn er de dramatische coloratuur-sopranen die later in hun carrière ook rollen als Puccini's 'Turandot' aankonden. Joan Sutherland is er zo een, maar de meest bekende is Cristina Deutekom, die in een komeetachtige carrière haar Königin tot in New York kon laten horen. Nog steeds onwaarschijnlijk om naar te luisteren (ze nam de rol met Georg Solti voor Decca op), vanwege de spatzuivere coloraturen die als heftige dolkstoten doel treffen, en vanwege de donkere dreiging in haar stem. Dit is een koningin om waarlijk bang van te worden.

Er waren meer goede pogingen. Ik denk aan Lucia Popp en vooral aan Edda Moser, die hysterisch fel kon uithalen. We hadden eenlingen als Karin Ott (Von Karajan) en Zdislawa Donat (Levine), van wie na hun opnamen nauwelijks meer iets vernomen is. Edita Gruberova kon er wat van, evenals Sumi Jo of Natalie Dessay.

Zoveel sopranen, zoveel smaken. Ik zou zeggen: wat je van dichtbij haalt is lekker. Deutekom forever!

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden