Naschrift

Sjoerd Andringa was een dromerige observator van het Friese landschap

Sjoerd Andringa had een geweldig gevoel voor compositie en perspectief. Beeld Frans Andringa

Als romantisch schilder, tekenaar, fotograaf en filmer wilde Sjoerd Andringa (1921-2017) in Friesland een aangename wereld creëren. 

Er zat een opmerkelijke tegenstelling in de vrijbuiter. Altijd was hij onderweg, zoekend naar beelden waarmee hij zijn creatieve geest op papier, doek of film de ruimte kon geven. Maar met de nauwgezetheid van een boekhouder documenteerde hij in systematisch ingedeelde aantekeningboekjes tot in detail alles wat hij maakte.

Aantekeningen tot in detail, maar lak aan financiën

Financiële administratie vormden daarentegen een barrière. Sjoerd Andringa werkte hard, maar deed vooral wat hij belangrijk vond. Daar viel het sturen van rekeningen buiten. Niet zelden ontvingen klanten pas jaren na dato nota's, een grote opdrachtgever zelfs na het faillissement. Zo liet hij veel geld liggen.

Een architect kwam bij Sjoerd thuis zelf zijn nota's schrijven. Zijn vrouw Gré moest hem geregeld opdragen thuis te blijven voor de financiële administratie, de monden van hun elf kinderen moesten immers worden gevuld. Het bleef een mysterie waarom hij in zijn drang tot administreren die laatste stap niet kon zetten.

Mogelijk was zijn productiedrang er te groot voor. Toen zijn kinderen in 2010 het ouderlijk huis ontruimden, legden zij met zijn foto- en filmarchief een tijdsbeeld bloot dat voor Friesland van onschatbare waarde wordt geacht. Honderdduizenden negatieven worden momenteel gedigitaliseerd en zullen een expositie en boek opleveren.

Bijzonder was dat Sjoerd bij belangrijke gebeurtenissen na het maken van zijn foto's voor de krant uit hobby met een 8mm-camera films maakte. Die bleken van professionele kwaliteit. Zijn zoon Frans, door zijn vader opgeleid tot fotograaf, heeft nooit begrepen hoe hij zich kon concentreren op twee verschillende dingen. Het leverde unieke filmjournaals op van belangrijke Friese gebeurtenissen vanaf 1956, nu verzameld op twintig dvd's.

Mede door zijn opleiding tot meesterschilder had Sjoerd voor de fotografie een geweldig gevoel voor compositie en perspectief ontwikkeld. Door de combinatie fotograferen en filmen leerde hij naar eigen zeggen voor de tweede keer zien, zijn oog werd nog geoefender. Over zijn teken- en schilderwerk was hij bescheiden. Sjoerd leek het allemaal voor zichzelf te doen, dat altijd dromerige observeren en vastleggen van het Friese landschap. In zijn huis lagen, in mappen opgeslagen, 1300 tekeningen, aquarellen en schilderijen, veel meer dan zijn kinderen ooit hadden kunnen bevroeden.

Zelfs binnen zijn 'eigen volkje' had hij er niet mee te koop gelopen. Slechts spaarzaam vond bij een verjaardag of andere feestelijke gelegenheid zijn werk een weg naar de openbaarheid. Exposeren deed hij niet. Daar kwam het op initiatief van een schoonzoon pas in 2015 van. 'Een poëtisch beeld van Fryslân', geopend door voormalig VVD-partijleider Hans Wiegel.

Fotojournalist

Sjoerd verdiende aanvankelijk als schilder en tekenaar zijn brood. Daarna groeide hij uit tot een van de belangrijkste naoorlogse (pers)fotografen van Friesland. Als fotojournalist legde hij tussen 1950 en 1983 zijn geliefde provincie vast zoals die nu deels niet meer bestaat. Als schilder hield hij daarna vast aan dat romantische verleden, vernieuwingen vielen buiten zijn kader.

Al op jonge leeftijd was Sjoerds veelzijdig creatieve talent zichtbaar. Pianospelen zou hij altijd blijven doen. Gitaar en accordeon speelde hij met vrienden tijdens schoolfeesten. In de natuurboekjes die hij als scholier maakte, begeleidde hij zijn schetsen met gedichten en verhaaltjes. De natuur bleef hem altijd boeien, spottend noemde hij zich 'arbofiel' omdat hij zo van bomen hield.

Zijn vader Foppe was een timmerman met grote belangstelling voor filosofie. Daarover discussieerde hij in Sint Annaparochie regelmatig met zijn huisvriend, dominee Gideon Boekenoogen. Ook de jonge Sjoerd sprak veel met de dominee, van wie hij in 1937 alle drie delen van 'Het Leven der Dieren' erfde.

Bij zijn sprookjes vertellende beppe (grootmoeder) werd zijn lenige fantasie opgerekt. Van haar kreeg hij ook zijn eerste artistieke les. Als zijn moeder Margje met haar Kodak-box in de weer was, dan vertelde beppe hoe Sjoerd moest kijken. Dan vormde ze met gekromde vingers voor haar ogen een kader dat overbodige dingen uitsloot. "Als je de dingen goed wilt zien, dan moet je het zó doen. Dan wordt de wereld een stuk mooier."

Op de ambachtsschool leerde Sjoerd in de jaren dertig schilderen, in het begin van de Tweede Wereldoorlog volgde de tekenakte. Ondanks de bevoegdheid om les te geven, weigerde hij zich te binden met een vaste baan en inkomen, bang om opgesloten te zitten. "Ik ben een vrijheidsminnaar, ongebonden, vrij in doen en laten."

In de oorlog zat Sjoerd ondergedoken op verschillende adressen, maar ook toen zette hij zijn teken- en schilderwerk in de natuur voort. Dat was niet zonder gevaar. Toen hij eens door Duitse soldaten werd aangehouden en tewerkstelling dreigde, schoot zijn fantasie hem te hulp. Hij blufte dat hij zat te werken in opdracht van een hoge Duitse functionaris, die kunstliefhebber. Die kenden ze toch wel?

Sjoerd Andringa met zijn eerste zoon Jaap op schoot, 1947 Beeld TR BEELD

Zijn keuze na de oorlog voor fotografie bleek een schot in de roos. Kranten gingen steeds vaker over tot het plaatsen van foto's, het Friesch Dagblad vroeg hem aanvankelijk er wekelijks een of twee te leveren. Vier gulden per plaat, plus reiskostenvergoeding van zeven cent per kilometer.

Op de motor

Sjoerd reed in een lange leren jas op zijn motor door de provincie. Hij was de enige, de opdrachten begonnen uit heel Nederland binnen te stromen en in korte tijd had hij in Leeuwarden een fotopersbureau uit de grond gestampt waarbij heel het gezin betrokken was.

Vader was de hele dag op stap, moeder coördineerde de opdrachten die telefonisch binnenkwamen. De gsm was nog iets futuristisch, voor een spoedklus belde ze een café op zijn route om hem te waarschuwen. Zonder haar had hij het nooit gered.

De kinderen werden ingezet om foto's te drogen op de glanspersmachine. Ze zagen hem vooral tussen de middag voor de warme hap. Op zondag werd er niet gewerkt. Soms maakte Sjoerd zelfs tijdens de kerkdienst een schetsje. "Even een krabbeltje maken", dat deed hij altijd en overal.

Thuis aan de Molenstraat 50 was het een zoete inval. Correspondenten en journalisten kwamen er vergaderen en bleven soms op de bank slapen. Niet zelden was het dan feest geweest, met Sjoerd achter de Pleyel-vleugel.

De band met zijn kinderen was sterk, hij nam er vaak een paar mee als hij een opdracht in de provincie had. Dan kregen ze met instructies een camera in handen gedrukt. Zoon Frans pronkte als achtjarige op de lagere school met zijn eerste (voetbal)foto in het Friesch Dagblad.

Andringa representeerde de courant als een heer, goed in het pak gestoken en met zijn onafscheidelijke vlinderstrikje. Behalve met zijn motoren had hij bekijks met zijn witte, open sportwagens. En met het trapje waarmee hij vanuit een hoger perspectief kon fotograferen.

Hij was een pionier die altijd de beste materialen aanschafte. Waren die er niet, dan maakt hij ze zelf. Rond een mooie lens bouwde hij zijn eigen vergrotingsapparaat voor zijn amper twaalf vierkante meter kleine doka. In dat bedompte hok werd hij omringd door met rollen gedocumenteerde negatieven uitpuilende planken en een inloopkast met fotomaterialen.

De fijne korrel

Zijn afdrukken werden gekenmerkt door de fijne korrel, dat was opvallend voor die analoge tijd. Zijn recept - de chemicaliën mengde hij zelf - gaf hij niet prijs. Werd er naar gevraagd, dan zwetste Sjoerd er maar wat omheen.

In de badkamer stond een kast vol met chemicaliën, maar ook potjes met kleurpigmenten. Daarmee mengde hij zijn verf in alle kleuren. De 'gifkast' had geen slot, maar niemand die het in het hoofd haalde om die zonder toestemming te openen.

Een paar keer in de week werden de elf kinderen 'gekielhaald' in het granieten lavet. Verder deed die voorziening dienst als spoelunit voor de foto's, die vroeg in de avond in rode treinbrieven op het perron bij de wachtende conducteur werden afgeleverd. Onder de opdrachtgevers was Het Vrije Volk, destijds even de grootste krant van Nederland.

Sjoerd beschouwde Friesland als zijn koninkrijkje, hij kende er mensen uit vele geledingen en elk zandpad. Van een mooi afscheid van het Friesch Dagblad in mei 1983 is het niet gekomen.

Een maand eerder, op 1 april, verdronken zijn zonen Jaap en Anthony bij een zeilongeluk in het ijskoude water van het Sneekermeer. Tien jaar eerder had hij dochter Hanneke bij een verkeersongeval verloren.

"Je moet altijd weer zoeken naar de glans die over het leven valt, de glans die mensen weer optilt", zo trachtte hij zichzelf te troosten. Sjoerd krabbelde op, maar een donkere wolk van verdriet bleef altijd boven hem hangen.

Sjoerd Andringa werd op 22 mei 1921 geboren in Sint Annaparochie en overleed op 5 februari 2017 in Wirdum.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden