Sir Cliff, een weerbare jongere van 58

Sir Cliff Richard, voormalig rock 'n roll-pionier, staat tegenwoordig met beide benen in de burgerlijke traditie. De oude Young One (gisteren werd hij 58), die voor zijn nieuwe cd 'Real as I wanna be' naar Nederland kwam, werd drie jaar geleden tot ridder geslagen en is daar trots op. “Wij Engelsen kunnen op zo weinig echt trots zijn, laten we zuinig zijn op onze traditie.”

Cliff Richard is conservatief en combineert dat met uiterste beleefdheid. Hij spreekt zich onomwonden uit tegen de legalisatie van softdrugs, maar zal over de voorstanders ervan geen wanklank laten horen.

Toen John Major in 1996 zijn politieke favoriet was, vond Cliff dat Tony Blair wat kapitalistisch overkwam. Als hem die uitspraak nu wordt voorgelegd, twijfelt hij niet aan die mening, maar aan het feit dat hij die ooit in het openbaar uitte. “Really, in public?”, klinkt het verbaasd. En dan: “Ach, wie is er geen kapitalist. We horen allemaal bij het systeem.”

Dat systeem heeft de politieke verschillen sterk verkleind, waardoor de overgang van Conservatief naar Labour nu wel blijkt mee te vallen. “Sinds Labour de boel overnam, is er helemaal niets veranderd. Daar maak ik me zorgen om. Waarom was die machtswisseling nou nodig?”

Als het aan Cliff ligt, blijft het oude zoveel mogelijk bij het oude en treedt verandering alleen op via een natuurlijk proces. “Het is net als ouder worden. Elke dag word ik wijzer en moderner, maar stukje bij beetje. Samenlevingen willen 'moderniseren' en snijden dan al het oude weg. Dat is een grote fout. Wij kunnen ons niet veroorloven de geschiedenis achter ons te laten. Het gaat goed, als oudere mensen de macht in handen hebben en jongeren voor verandering moeten vechten. Ergens in het midden gebeurt er dan iets.”

Volgens hem heeft 'oud' voor velen de betekenis van 'zonder enige waarde'. Hij zelf hangt de waarden van het establishment aan. En het zijn vooral jongeren die de bestaande orde overhoop willen halen. De punk van begin jaren tachtig vond hij 'kinderachtig', de Sex Pistols waren 'zielig' en de rest oninteressant. Maar was niet ook de rock 'n roll ooit zo'n tegencultuur, waarmee de jeugd zich kon afzetten tegen de gevestigde orde? “Zeker, rock 'n roll crashed in. Mijn vader hield van Jerry Lee Lewis, maar hij was een uitzondering. Die muziek behoorde toe aan de jeugd. Maar voor mij was dat een puur muzikale kwestie.”

'Fantastisch' vond Cliff de rock 'n roll, toen hij die voor het eerst hoorde - maar om nou meteen een steen door de ruit te gooien, nee. Hij hield zich ver van de rebellie die veelal met de nieuwe muziek samenging en soms al het andere naar de achtergrond drong. Nooit voelde hij de behoefte te choqueren, altijd weigerde hij drugs en bleef hij vriendelijk. “En dat is in onze maatschappij niet gemakkelijk. Veel mensen doen hun best om níet aardig te worden gevonden.” Hij wijkt af en noemt zichzelf dan ook 'de meest radicale popster ooit'.

Cliff is het nooit eens geweest met de toevoeging 'sex and drugs', maar de rock 'n roll kan niet meer uit zijn hart ontsnappen. “Al begin ik nu te begrijpen dat ook andere kunsten prachtig zijn, pop-rock blijft de beste kunstvorm die er is. Rock 'n roll is efficient: je kunt er miljarden mensen gelukkig of verdrietig mee maken, fantastisch. Popmuziek is open. Iedereen is er welkom, in tegenstelling tot de snobistische operawereld. Bovendien heb ik met die muziek mijn geloof kunnen uitdragen.”

De 'gewone' songs bevatten niet zo'n duidelijke boodschap als de gospelsongs. “Mijn eerste taak is mensen te amuseren. Velen beschouwen mij als hun vriend. Ik kan mensen vermaken, zorgen dat ze zich op hun gemak voelen, hen aan het lachen brengen. Op zo'n moment kan ik een boodschap overdragen. Maar die kan heel alledaags zijn of zelfs achterwege blijven.”

Op het podium speelt Cliff een rol. “Ik kan zijn wat ik maar wil.” Hij gooit het hoofd in de nek, armen wijd uiteen: “Popstar on stage!” Hij laat zijn handen soepel langs elkaar glijden: “Of een huisman aan de afwas. Ik ben zo echt als ik wil zijn, 'Real as I wanna be'. Het publiek denkt mij te kennen, maar weet niet dat alleen ík de waarheid ken.” In het echte leven is dat moeilijker dan in de showbusiness, maar ook voor vrienden is Cliff steeds iemand anders. “Je laat ze iets geloven. In alle situaties ben ik echt. Maar niet meer dan ik zelf wil zijn. Het is letterlijk een wereld van make believe.”

Drie keer bekeek Cliff de video-opnames van de musical 'Heathcliff', waarin hij de titelrol speelde. “Als Heathcliff was ik volkomen iemand anders. Ik vind het niet meer zo leuk om naar mezelf te kijken. Maar hier was 't alsof ik een film met een onbekende acteur zag.” De aantrekkingskracht die de figuur Heathcliff uit 'Wuthering Heights' van Emily Brontë op hem uitoefende, is niet zo vreemd. De eerste jaren van zijn leven bracht Cliff (toen nog Harry Webb) door in Lucknow in India. De familie had het altijd over Engeland en over 'later, als we teruggaan'. Spannend was het, toen hij als zevenjarige naar Engeland terugkeerde. Hij voelde zich Brit en wist dat het Engelse Blighty zijn thuis zou worden. Maar daar werd hij de bruingekleurde outsider, net als Heathcliff.

“Nog voordat we waren begonnen, achtte de pers mij al ongeschikt voor die rol in de musical. Heathcliff zou te beleefd zijn. Ze haatten ons! Maar het deed me niets. They don't know anything about anything. We braken het voorverkoop-record van het West End-theater in Londen. De video, die een jaar geleden uitkwam, staat continu in de top twintig. Dat kan geen toeval zijn. Eén avond was ik nerveus en dat was toen de Brontë Society kwam kijken. We brachten een simpele versie van 'Wuthering Heights'. We konden er niet alles in kwijt. Maar volgens de Society was dit de eerste voorstelling waarin je Emily's woorden kon herkennen.”

De gewetenskloof tussen Heathcliff en Cliff bleek niet zo groot. “Ik zou net zo wreed kunnen zijn als Heathcliff. Je denkt misschien dat hij sterk is, maar zijn slechtheid is juist het gevolg van een zwakte die zichtbaar wordt in zijn gedrag. Ik ben sterker. Veel mensen zien mijn vriendelijkheid ten onrechte aan voor zwakte.”

“Ik bezit de kracht om te veranderen, als dat nodig is. Mochten mijn geld en roem ooit verdwijnen, dan weet ik zeker dat ik een andere manier van leven kan vinden. Ik ben zo flexibel als een acteur en niet bang voor strijd of concurrentie.”

In 1963 leerde Cliff op een feestje van Shadowgitarist Bruce Welch de Beatles kennen. 'Love me do' was toen net uit. John Lennon pakte een gitaar van Welch en speelde in de keuken een akoestische versie van 'All my lovin'. Op dat moment besefte Cliff dat er stevige concurrentie was opgestaan. “Zorgen maakte ik niet. Zonder weerbaarheid houd je het geen veertig jaar vol.”

Ook op een ander vlak werden ohn Lennon en Cliff Richard concurrenten. Lennon stelde ooit dat de Beatles groter waren dan Jezus. Een enquête in Engeland maakte onlangs duidelijk dat ook Cliff hoog scoort. Aan welke christen denkt u als eerste, luidde de vraag. Cliff eindigde als tweede, net achter Jezus en ruim voor Moeder Theresa en de paus. “Ongelooflijk. Mijn ego betreedt een gevaarlijk terrein. Ik ben er trots op, maar heel serieus neem ik het niet. Jezus speelt sowieso in een andere divisie dan de rest. En weet jij nog wanneer de paus zijn laatste plaat heeft uitgebracht?”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden