Sinterklaas als superminnaar

De erotische zijde van Sint Nicolaas is in Nederland ruim een halve eeuw geleden beschreven door psycholoog dr. A.D. de Groot. De Engelse vertaling van zijn boek werd goed ontvangen, maar van een tweede druk in Nederland, 'De Groots droom', is het nooit gekomen. Een exemplaar van 'Sint Nicolaas, patroon der liefde' is een antiquarische zeldzaamheid. Onder Sinterklaasvorsers is het boek bekend, maar discreet verzwegen. Jacques Dane spreekt de schrijver op Schiermonnikoog en behoedt diens Sinterklaasboek voor vergetelheid.

'Men moet zelf grondig over de schrik voor de sexualiteit heen zijn om het verband van Sinterklaas-... met levensvoorlichting te kunnen zien en positief te kunnen waarderen.''

Dit schreef A.D. de Groot in 1949 in zijn psychologische studie 'Sint Nicolaas, patroon van liefde'. Het valt te betwijfelen of naoorlogs Nederland openstond voor De Groots freudiaanse en jungiaanse interpretaties van de Nicolaaslegenden.

De pedagoog Ph.A. Kohnstamm (1875-1951) vond het maar niks. In een brief aan een collega schreef hij misprijzend: ,,Het is nog cru (of als Ge wilt naïef) pan-sexualistisch uit de eerste Freud-periode.'' Platte seks dus.

A.D. de Groot (1914), een van de invloedrijkste 20ste-eeuwse Nederlandse psychologen, had zíjn erotische angsten al ver voor de Tweede Wereldoorlog overwonnen. Tijdens zijn studententijd was hij gek op meisjes, maar tegelijkertijd was hij te verlegen om het andere geslacht aan te spreken.

Wat doet een groot geleerde in de dop in zo'n geval? Hij roept de hulp in van een hogere orde: de dieptepsychologie.

De menselijke geest is een grote ijsberg waarvan slechts een piepklein deel -het bewuste- boven water uitsteekt. Wat onder water zit is het onbewuste -verlangens, driften, lusten- waarop de dieptepsychologie grip probeert te krijgen.

Als De Groot verliefd werd op een meisje, dan werd hij overmand door minderwaardigheidsgevoelens. Door C.G. Jungs 'Wandlungen und Symbole der Libido' (1912) kreeg hij controle over deze negatieve emoties. Hij trouwde met een mooie, vruchtbare jonge vrouw en stichtte een gezin.

In een degelijk Hollands huisgezin werden rond sinterklaastijd de verhalen en legenden rondom de goedheiligman aan de kinderen verteld.

De Groot en zijn vrouw stonden in deze traditie. Toen zij hiermee in de eerste oorlogsjaren begonnen, werden zij getroffen, schreef De Groot in het voorwoord van 'Sint Nicolaas, patroon van liefde', 'door de merkwaardige freudiaans-symbolische motieven van bevruchting en vruchtbaarheid in sommige Sinterklaasgebruiken'.

Wat deze dieptepsychologische thema's met de kinderbisschop te maken konden hebben, was hem vooralsnog een raadsel. Maar na een eerste oppervlakkige kennismaking met de folkloristenliteratuur stond het voor De Groot vast, dat 'een zodanige opeenhoping van bevruchtings- en geboortesymboliek' in de Sinterklaaslegenden onmogelijk toeval kon zijn.

Tijdens de oorlogjaren werkte De Groot aan zijn dissertatie. Na de verdediging van 'Het denken van den schaker -een experimenteel-psychologische studie' (1946) bekleedde hij een drukbezette baan bij Philips.

Als hij niet ziek was geworden (hij leed aan natte pleuritis) dan zou 'Sint Nicolaas, patroon van liefde', een studie die ver afstond van zijn dagelijkse bezigheden, veel later of misschien wel nooit verschenen zijn. In een Eindhovens ziekenhuis had hij tijd en rust om te studeren in Freuds 'Traumdeutung' (1900), Gerhard Adlers 'Entdeckung der Seele' (1934) en de publicaties van 19de-eeuwse sinterklaasvorsers.

Met een lessenaar op bed schreef hij het boek en het werken eraan, merkte hij op, was 'niet alleen een vertroosting maar een ware vreugde geweest'.

Wat was volgens De Groot erotisch aan Sint Nicolaas?

Stel dat een meisje het bekende verhaal zou dromen van de man te paard, die over daken rijdt en een knecht met roede en zak bij zich heeft. De knecht kruipt in de schoorsteen en strooit uit zijn zak lekkers in haar gereedstaande schoentje bij de kachel -een duidelijke freudiaanse wensdroom. De seksuele beeldovereenstemming is treffend, maar tegelijkertijd te eenvoudig. Het handelt hier immers om een folkloristisch verhaal.

De strenge methodoloog De Groot ging grondig te werk en analyseerde een aantal Nicolaaslegenden, die hij in verband bracht met vrijage, huwelijk, vruchtbaarheid, zwangerschap, geboorte en een gezinsleven met kinderen. Uit de vele bonte wonderverhalen rond de heilige Nicolaas -onder andere als duivelsuitbanner, patroon van zeevarenden, schutsheilige van handeldrijvende steden- destilleerde hij elementen die bewust of onbewust met de 'reproductieve cyclus' samenhangen.

De Sint als beschermheilige van mannen en vrouwen die hevig naar een beminde verlangen; aan hem de taak een geschikte geliefde te vinden en een huwelijk te bewerkstelligen. De middeleeuwse Sint als heilige van de kinderzegen; hij ontfermde zich over het kinderloze echtpaar dat naar kroost uitzag. En wanneer er kinderstemmetjes in huis klonken, dan strooide Sint zoetigheid en bracht geschenken mee.

De Groot heeft met 'Sint Nicolaas, patroon van liefde' geprobeerd de psychologische achtergronden van de legende en het feest te ontrafelen. Hedendaagse academische psychologen halen hun neus op voor godfathers als Jung en Freud, maar de eclectische en creatieve De Groot maakte handig gebruik van hun dieptepsychologische inzichten om het cultuurhistorische verschijnsel van het sinterklaasfeest te duiden.

Anno 2003 kijkt De Groot met veel plezier en ook een tikje weemoedig terug naar deze studie, zijn intellectuele kind, dat hij in een Eindhovens ziekenhuis baarde. Reeds in 1949 vond hij het sinterklaasfeest vulgair, commercieel: ,,Vooral de warenhuizen buiten in November en December, voor de verkoop een gouden tijd, de figuur van de Sint grondig uit.'' En als een profeet voorspelde hij wat wij tegenwoordig als vanzelfsprekend beschouwen: ,,Binnenkort zal Sinterklaas stellig zijn entree per televisie maken in iedere welgestelde huiskamer; dan hoeft hij helemaal niet meer zelf te komen.''

De Groot hield in 1949 ook een pleidooi voor een betere viering van het sinterklaasfeest. Het feest van de goedheiligman was een manier om kleuters geborgenheid bij te brengen. Samen met de ouders zou het kind de wonderbaarlijke sinterklaasverhalen moeten beleven, zoals sprookjes: ,,Want zo krijgt het opgroeiende kind zijn kans om de emotionele verbondenheid met het leven uit de kleuterjaren door de nuchterheid van de schooltijd en de levenspractijk heen als mogelijkheid te bewaren.''

Criticus Kohnstamm -kennelijk een saaie Piet, een houten Klaas- wilde De Groots boodschap niet zien: de Sint als beschermheer van liefde, 'onderscheiden in geslachtelijke, familiale, sociale en religieuze zin'. Een soort superlover.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden