'Sinds Fortuyn is het hectisch'

interview | Het vergaderen zit er na deze week even op voor de Tweede Kamer, het reces begint. De drie langstzittende Kamerleden blikken terug op het politieke jaar en hun voorgaande vijftien jaar. Conclusie: de politiek in Den Haag is rauwer, informeler en flexibeler geworden.

Het is een bijzonder gezelschap: Harry van Bommel van oppositiepartij SP, Kees van der Staaij van gedoogpartij SGP en Mariëtte Hamer van regeringspartij PvdA. Ze zitten nu zestien jaar in de Kamer, langer dan de 147 andere Kamerleden. Aan nestorconclaven doen ze niet, af en toe spreken ze elkaar in de wandelgangen of bij vergaderingen. Dit is de eerste keer dat ze gezamenlijk in hun rol als langstzittende Kamerleden terugblikken.

Plaats van het gesprek: de Handelingenkamer, de negen meter hoge voormalige bibliotheek van het ministerie van justitie, nu onderdeel van het Tweede Kamergebouw.

Alles wat in het parlement wordt gezegd, valt hier terug te lezen. Ook de benoeming van deze drie Kamerleden.

Van der Staaij heeft het dikke boek waarin het moet staan zo gevonden. Van Bommel helpt hem aan de datum: 19 mei 1998. Ja hoor, daar staat het: de heren legden destijds de eed af, Hamer ging voor de gelofte.

Terugkijkend op hun zestien jaar zien ze een paar omslagpunten. In hun ogen zorgde de opkomst van Pim Fortuyn na twee paarse kabinetten voor de grootste kentering. Geen kabinet zat de rit meer uit. "Sinds Fortuyn is het nooit meer rustig geweest", zegt Hamer, terwijl de anderen knikken.

Uit nood

Als de drie hier over twintig jaar weer zouden aanschuiven, zouden ze de huidige tijd van gedoogkabinetten dan ook als omslagpunt bestempelen?

Ze denken van wel, al zou Van Bommel dat niet als positieve ontwikkeling beschouwen. "De huidige situatie is een uit nood geboren constructie. Terwijl er ook een andere oplossing was: een breder kabinet."

Van der Staaij: "Dat had dan ook een breder kabinet kunnen zijn waar je zelf niet bij zat. Een kabinet dat had kunnen zeggen: we zijn zo blij als we het onderling eens zijn, dat we er niet aan toe komen om te kijken of andere partijen nog iets willen. Ik vind het bijzondere van deze periode dat je als coalitie een plan kan maken, maar meer steun moet hebben om te slagen."

Hamer: "Dat is ontstaan tussen Balkenende IV en Rutte I. Toen het laatste kabinet van Balkenende begon, was dat een heel gesloten kabinet. Ik wilde wel eens wat doen met GroenLinks, of het CDA met de VVD. Dat was niet gebruikelijk. Dat moest je echt met elkaar bespreken. Dat is gelukkig veel soepeler geworden. Dat zie je al bij Rutte I, toen wij geholpen hebben met het pensioenakkoord."

Van Bommel: "Ik zie als voordeel van een breder kabinet dat het echt een visie kan uitdragen waar kiezers zich al dan niet in herkennen. Zodat ook duidelijk is welke kant we opgaan met de samenleving."

Hamer: "Maar is het wenselijk dat een kabinet weer zo geïsoleerd gaat werken zoals dat in het verleden gebeurde? Dat zou ik echt niet willen. Ik vind wel dat we moeten oppassen dat SP en CDA niet geïsoleerd raken. Ik zou het zeer toejuichen als we nog iets zouden kunnen verbreden. Dan krijg je balans."

Van Bommel: "Wij hebben bij akkoorden steeds puur naar de inhoud gekeken. Als er dingen in de maak waren waarvan wij bij voorbaat wisten dat we er niet aan mee zouden doen, ook al komt er wat extra geld voor dit of dat, dan heeft het ook geen zin om aan te schuiven bij onderhandelingen."

Van der Staaij: "Dat snap ik. Bij het leenstelsel en de superprovincie hebben wij die keuze ook gemaakt. Maar jullie zeggen bij elk onderwerp dat er niets te halen valt en dat het allemaal niets is. Dat kan, maar ik zou dat zelf wel lastig vinden. Je hebt mogelijkheden en de verantwoordelijkheid die te benutten."

Hamer: "Neem de Wet werk en zekerheid. Het hart daarvan is een initiatiefwetsvoorstel geweest van SP'er Paul Ulenbelt en mij. Daarbij hebben jullie wel iets meer geprobeerd mee te denken, maar uiteindelijk lukt dat toch niet om met elkaar dat af te maken."

Van Bommel: "Je ziet wel dat er bij ons geen categorische afwijzing is om daaraan mee te werken."

Hamer: "Vice versa ook niet. De SP is een grote volwassen partij om het maar zo te zeggen. Dat is toch heel anders dan toen jullie begonnen in de Kamer."

Romantisch

Dat was in 1994. Vier jaar later belandden Hamer, Van Bommel en Van der Staaij in de Kamerbankjes. Ze waren toen respectievelijk 39, 35 en 29 jaar.

Hamer: "Terugkijkend kun je zeggen dat de periode waarin wij zijn begonnen een rustige, romantische periode is geweest. Dat was na Paars I ook wel het verwijt. Dat de politiek een beetje was ingedut."

Van der Staaij: "Na Fortuyn is echt een nieuwe periode gekomen."

Van Bommel: "Die LPF-tijd was ontzettend chaotisch. Veel Kamerleden vroegen zich af waar het heen moest met dit bedrijf. Als je kijkt naar alle incidenten, een handgemeen, de snelle wisseling van LPF-fractievoorzitters, tot een vuurwapen dat de Kamer in kwam aan toe. Na de LPF kwam een andere dynamiek tot stand. Meer partijen, Wilders."

Van der Staaij: "De stemming werd rauwer."

Snelheid

Daar zijn de drie veteranen het over eens. Sinds de aanslagen op de Twin Towers in 2001 en de moord op Fortuyn een jaar later is veel in de politiek veranderd. Ook de snelheid waarmee Kamerleden menen te moeten reageren op publiek ongenoegen.

Van der Staaij: "Als er in 2001 in de trein tussen Hoorn en Enkhuizen een brandje uitbrak en jongeren aan het klieren sloegen, dan zouden we besluiten dat dit mooi zou passen bij de voortgangsrapportage sociale veiligheid die we over een half jaar bespreken. Alleen de SP zou mopperen dat het eerder moet worden geagendeerd. Verder zou er consensus zijn dat je niet op incidenten moet reageren. Wat ik ook echt een verandering vind, is hoe er tegen regeerakkoorden wordt aangekeken. Nu is de kritiek dat er zo veel is aangepast. Maar voorheen ging het elk jaar weer over knellende regeerakkoorden waar niets aan mocht veranderen."

Hamer: "Je ziet hierbij hetzelfde als in de samenleving. De houdbaarheid der dingen is minder."

Van Bommel: "Ik legde het laatst uit aan een gast uit het buitenland. Vroeger had je een baan, een huis en een vrouw voor het leven. Dat is een zeldzaamheid geworden."

Hamer: "De dynamiek in de samenleving is veel groter. Ik vind het wel mooi dat je dat terugziet in de politiek. Dat we met meerdere partijen samen dingen doen. Dat we met de SGP zouden samenwerken, was tijdens Paars ondenkbaar."

Van der Staaij: "Als je toen zou zeggen: over tien jaar gaan wij deelakkoorden sluiten, had ik gezegd dat je niet goed wijs was."

Voor Bas

Hamer: "In mijn tijd als onderwijswoordvoerder deden we altijd één ding voor Bas (van der Vlies, oud-SGP-Kamerlid, red.). Omdat we hem zo ongelooflijk aardig vonden. En we deden altijd één ding voor GroenLinks. Voor de rest regelden we het een beetje met elkaar."

Van Bommel: "En voor ons deden jullie niets."

Hamer: "Nee. Daar heb jij nou weer gelijk in. Misschien waren jullie minder aardig dan Bas. Hahaha."

Van Bommel: "Onder Ad Melkert bestond de regel dat de PvdA geen motie van de SP steunde, omdat een motie van de SP geen goede motie kon zijn. Als het een goede motie was, had de PvdA hem zelf wel ingediend."

Hamer: "Nee, nee. Dat is niet waar."

Van Bommel: "Jawel. Ik heb bronnen uit die tijd."

Hamer: "Zo heb ik het nooit ervaren. Jullie waren geen vanzelfsprekende gesprekspartner, maar dat kwam ook doordat je niet in de coalitie zat."

Op de vraag of het denkbaar is dat PvdA en SP ooit samen regeren, ondanks de wrok uit het verleden, is de socialist uit Diemen resoluut.

Van Bommel: "O ja. Dat lijkt me zeer denkbaar. In de politiek geldt dat je geen vrienden hebt. Tenminste, dat is mijn opvatting. Op mijn verjaardag komen geen politici."

Hamer: "Ik heb heel veel vrienden in de politiek. Van alle kleuren en partijen."

Van Bommel: "Politiek is in de eerste plaats opkomen voor belangen en met andere partijen zakendoen."

Hamer: "Waarom kun je dan geen vrienden zijn?"

Van Bommel: "De lat ligt bij mij heel hoog."

Hamer: "Oooh! Je wordt met jou niet zo snel vrienden. Dat is het probleem!"

Arie en Pieter

Van Bommel: "Ik heb niet zoveel vrienden in Den Haag, maar mijn verjaardagen worden druk bezocht."

Hamer: "Wat ik wil zeggen, is dat iedereen denkt dat je partij je omgeving is. Maar je ziet vooral mensen die over dezelfde onderwerpen gaan. Toen ik in 2008 fractievoorzitter was, had ik het meeste contact met Arie (Slob, ChristenUnie, red.) en Pieter (van Geel, CDA, red.), en met andere fractievoorzitters. Je gaat met elkaar op reis, deelt van alles. Even los van de vraag of je ze in je privéleven wilt hebben, de dwarsverbanden door partijen heen maken het werk alleen maar leuk."

Van der Staaij: "Dat netwerken is steeds belangrijker geworden. Het gaat veel informeler. Tijdens Balkenende III kreeg ik een sms'je van een minister met de vraag wat ik in een debat ging doen. Dat was tien jaar eerder ondenkbaar. Als je dingen voor elkaar wilt krijgen, moet je niet alleen een keurig verhaal in een debat hebben. Dan moet je ook in persoonlijke contacten investeren."

Van Bommel: "De afstand tussen minister en Kamerlid is ook kleiner geworden. Ik weet zeker dat het in mijn beginperiode niet zo was dat ministers aan het begin van een regeerperiode zeiden: kunnen we eens koffiedrinken?"

Advies

Minder ervaren Kamerleden vragen de drie geregeld om advies. Hamer: "Jongere collega's, ook buiten mijn partij, willen dan weten hoe ik iets aanpak."

Van der Staaij: "Dan krijg je een sms'je van iemand van een andere partij over een motie waar hij het niet mee eens is. Moet ik dan wel mijn hand opsteken, is dan de vraag."

Zo proberen de drie elk op eigen wijze de volgende generatie Kamerleden op weg te helpen. Dat hoort ook bij de levensloop van een Kamerlid, werd Hamer verteld toen ze in 1998 begon. Eerst heb je een periode om het te leren, dan om het te doen en daarna om ook anderen onder je hoede te nemen. Ze kreeg, met Van Bommel, de laatste jaren wel eens vragende blikken. Of ze niet eens op zouden stappen. Maar dat wordt steeds minder. Hamer: "Nu zijn er ook mensen die zeggen: goh, ik ben blij dat jij er nog zit."

Harry van Bommel (52)

was voor hij Kamerlid voor de SP werd leraar, gemeenteraadslid in Amsterdam en beleidsmedewerker bij de Tweede Kamerfractie. Ziet het referendum over de Europese Grondwet als hoogtepunt van zijn Kamertijd. Dieptepunt: de afsplitsing van fractiegenoot Ali Lazrak.

Mariëtte Hamer (56)

werkte als lerares en bij het ministerie van onderwijs voordat ze Kamerlid werd voor de PvdA. Was waarnemend partijvoorzitter en ruim drie jaar fractievoorzitter. Ziet het sociaal akkoord als recent hoogtepunt. Het aftreden van Ad Melkert als partijleider als dieptepunt.

Kees van der Staaij (45)

werkte als stafjurist bij de Raad van State voor hij in 1998 voor de SGP de Kamer in ging. Is sinds 2010 fractievoorzitter. Is zeer te spreken over de akkoorden met het kabinet, waarbij SGP eigen punten kan binnenslepen. Vond Paars II de minste tijd vanwege de omgang met ethische kwesties.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden