Simpel maar moeilijk: Pärt

De verstilde, sacrale muziek van Arvo Pärt spreekt velen aan. Over de Estlandse componist, die liever op de achtergrond blijft, is nu een documentaire gemaakt, vanwege zijn tachtigste verjaardag.

Arvo Pärt draagt een petje, gaat op bezoek in het Vaticaan en knipoogt kinderlijk tevreden naar de camera. Allemaal te zien in de documentaire 'The lost paradise' van Günter Atteln. Pärt, de componist die liever niet in beeld komt en zich terugtrekt in het eeuwige gebed dat zijn muziek vormt, stond zomaar een jaar lang opnames toe.

Vandaag is de Estlandse schepper van de tintinnabuli-stijl tachtig geworden (tintinnabulum betekent 'klokje' in het Latijn). "Tonen die je naar een andere wereld voeren", volgens violist Gidon Kremer, die Pärts noten al veelvuldig voor zijn rekening heeft genomen.

Pärt werd in Paide geboren, verhuisde naar Wenen en Berlijn en woont sinds 2010 weer in zijn geboorteland. In z'n jonge jaren werkte hij bij de Estse radio. Hij experimenteerde met zijn compositiestijl, op zoek naar een handtekening die hem zou bevallen. Want wat moest Pärt met het modernisme?

Eind jaren zestig mompelde hij in zijn baard: "We moeten erachter zien te komen wat moderne muziek moet doen." Collega Sofia Goebaidoelina was getuige. Het begin van een componeercrisis.

In zijn 'Credo' uit 1968, gebaseerd op Bachs Prelude in C, schreeuwt Pärt het uit. Dirigent Paul Hillier vertelt er mooi over in Attelns documentaire. Na dit werk voor piano, koor en orkest werd het stil rond de componist. Pärt trok zich terug en verdiepte zich in het gregoriaans en de renaissancepolyfonie van Josquin en Palestrina. Zou hij ooit nog iets componeren? In 1971 schrijft hij zijn Derde symfonie, valt dan opnieuw stil. Pas in 1976 treedt hij naar buiten met zijn tintinnabuli-stijl: de Pärt die bekend is bij het grote publiek.

De seriële compositiemethode - alle beschikbare noten in een vaste reeks gerangschikt - had hij ingeruild voor een die gebaseerd is op eenvoudige, archaïsche tonale structuren, verwant aan sacrale muziek.

Tot de Pärt-adepten behoren niet alleen klassiekemuziekliefhebbers. Integendeel, het stille, het sacrale, het toegankelijke van de pärtiaanse stijl spreken hele volksstammen aan; voor velen is dit troostende muziek. Of je nu van de man en zijn werken houdt of niet, Atteln maakte met 'The lost paradise' een knap portret. Uit de beelden leer je veel. Achter het looptempo van de componist, zijn breekbare manier van praten, de adempauze tussen de woorden en de voorbijdrijvende luchten in Estland gaat een hele wereld schuil, die je terughoort in de muziek.

De beelden zijn vastgelegd rondom de productie 'Adam's Passion', waarin Robert Wilson Pärts muziek regisseert. Drie hoofdwerken uit het oeuvre van de Est, met als kern 'Adam's Lament' uit 2009, vormen het gedramatiseerde stuk over de val van Adam, al langer dan vandaag een preoccupatie van de componist.

Pärt en Wilson vormen een wijze combinatie, beiden regisseren de stilte in hun kunst, beiden zijn gefascineerd door het licht. In zijn extreem gestileerde handtekening vaart Wilson mee op het serene karakter van de muziek, met haar dwingende waarden van vorm en constructie die de klank ondersteunen.

Muziek die bestaat uit eenvoudige partituren. Maar o wee, juist die eenvoud is de valkuil. Een van de tenoren uit het toenmalige Hilliard Ensemble, dat nauw verbonden was met de componist, verwoordde het zo: "Het materiaal bestaat uit eenvoudige noten, daar is niets gecompliceerds aan. Maar hoe laat je die klinken? De puurheid van zijn werk maakt de uitvoering heel moeilijk. Alleen de noten zingen heeft geen zin, je moet ze beleven, begrijpen."

Een gelijkgestemde ziel is manager Manfred Eicher van het label ECM. 'Tabula Rasa' was in 1984 het eerste album waarvoor hij met de componist samenwerkte, het begin van een verbond dat tot vandaag voortduurt.

Eicher richtte er zelfs ECM New Series voor op, de klassieke tak binnen zijn label, en Pärt kreeg in één klap wereldbekendheid.

Tabula Rasa staat ook op de dubbel-cd die Eicher samenstelde ter gelegenheid van Pärts verjaardag. De reis gaat verder via 'Für Alina', 'Silouans Song', 'Fratres', 'Lamentate' en het 'Stabat Mater'. Allemaal oudere ECM-opnamen, samengebracht onder de titel 'Musica selecta'. Een mooi overzicht voor wie nog niet zoveel Pärt achter de kiezen heeft, en voor de fans het feest der herkenning. Belangrijke naam die én op 'Adam's Passion' én op de dubbele ECM-uitgave zijn stempel drukt, is die van dirigent Tonu Kaljuste. Hij kan lezen en schrijven met het werk van de componist.

Tot slot nog een echte Pärt: "Als wij onze zonden echt zouden kunnen belijden, dan zou God ons vergeven, en zouden wij een ander mens worden. We moeten af van de duistere hoeken die in ons sluimeren. Dat is nodig, dat móét. Ik zou dat zelf moeten doen. Dit mag niet ongezegd blijven."

Verder luisteren naar Arvo Pärt

Cappella Amsterdam en Amsterdam Sinfonietta: o.a. delen uit 'Kanon Pokajanen'. Tournee 11 september t/m 2 oktober. Info: cappellaamsterdam.nl

Radio Filharmonisch Orkest en Groot Omroepkoor: 'Cantus in memoriam Benjamin Britten'. 17, 18 september TivoliVredenburg, Utrecht, en 20 september Concertgebouw, Amsterdam. Info: radiofilharmonischorkest.nl

Nederlands Kamerkoor: onder andere 'Tribute to Caesar' en 'The deer's cry'. Tournee 30 september t/m 8 oktober. Info: nederlandskamerkoor.nl

New European Ensemble en Kamerkoor Kwintessens: Arvo Pärt Festival. 9 t/m 11 oktober Grote Kerk, Den Haag. Info: arvopart.nu

dvd's

The lost paradise

Arvo Pärt/Robert Wilson

(Accentus music)

Adam's Passion

Robert Wilson

(Accentus music)

cd

Musica selecta

Pärt volgens Manfred Eicher

(ECM)

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden