Silicon Valley in de polder?

Beeld thinkstock

Facebook, Google, Apple en Twitter zijn stuk voor stuk Amerikaanse bedrijven. Wordt het niet tijd dat Europa het heft op internet in eigen hand neemt, nu blijkt dat Amerikaanse veiligheidsdiensten het internetverkeer afluisteren?

Wat staat er op je bureau?", vraagt Frans Nauta door de telefoon. De innovatiedeskundige heeft zojuist bevestigend geantwoord op de vraag of we op internet te afhankelijk zijn van Amerikaanse bedrijven. "Waarschijnlijk staat er een computer die in Californië is ontwikkeld en draait daar Windows op, ook Amerikaans. En je telefoon? Een iPhone? Gemaakt in China, maar bedacht in Silicon Valley."

De Amerikanen domineren het internet. Dat is niet nieuw, maar sinds klokkeluider Edward Snowden onthulde dat de Amerikaanse veiligheidsdiensten via achterdeurtjes in de systemen meekijken met e-mails, skypegesprekken en facebookberichten, kun je je afvragen of het niet tijd wordt om het heft in eigen hand te nemen. Om als Nederland - of wellicht nog beter: Europa - eigen internetdiensten te ontwikkelen waar je gegevens wel veilig zijn.

Een aantal Duitse providers nam alvast het voortouw en introduceerde 'veilige Duitse e-mails'. De bedrijven, waaronder Deutsche Telekom en United Internet, beloven dat de informatie in die e-mails automatisch wordt versleuteld en wordt opgeslagen in Duitse datacentra, waardoor ze beschermd zijn tegen afluisterende Amerikaanse inlichtingendiensten.

'Datagraaierij'
Met datzelfde idee deed het Europees Parlement onlangs het voorstel om een Europese cloud te maken. De data die we daarin opslaan - en er worden steeds meer gegevens niet op de computer opgeslagen, maar via een cloud op een externe server - zou op die manier beschermd moeten worden tegen de 'datagraaierij' van de Amerikanen. Op basis van de Patriot Act, de wet die na de aanslagen van 11 september 2001 werd aangenomen, kan de Amerikaanse overheid informatie opvragen bij bedrijven die economische banden met de VS hebben. Zo kan het zijn dat gegevens die in Amsterdam in de cloud staan, toch onder de Amerikaanse wetgeving vallen omdat de cloudaanbieder daar ook een vestiging heeft.

Een puur Europese cloud moet dat voorkomen, zegt GroenLinks-Europarlementariër Judith Sargentini, die in de commissie zat die het voorstel deed. "Helemaal als het gaat om gevoelige gegevens van banken en ziekenhuizen, zou je bedrijven moeten verplichten om de Europese cloud te gebruiken."

Het klinkt mooi: we gaan het lekker zelf doen. Maar hoe realistisch is het idee? Is Europa daartoe in staat? Maar ook: zitten Europese gebruikers er op te wachten en gaan ze massaal overstappen op een Europees alternatief voor Google en Facebook?

Beeld thinkstock

Hyves en Ilse
Dat we het ooit zonder de Amerikanen konden, toont een aantal Nederlandse voorbeelden uit het verleden. Zo was er een tijd dat Hyves hét sociale netwerk van Nederland was. En dat Ilse, de zoekmachine van Nederlandse bodem, de dienst was waar je het internet mee doorzocht. Oprichter Wiebe Weikamp: "Ilse ontstond uit een lokale behoefte in een tijd dat er nog geen grote zoekmachines waren. Maar toen Google begon, was dat snel uit, helemaal toen de zoekmachine in meerdere talen verscheen. Binnen een jaar stond er een bedrijf met 25 miljoen dollar werkkapitaal en veertig werknemers. En eerlijk is eerlijk: Google is als zoekmachine op dit moment nog steeds beter dan de rest."

Hoe krijgen de Amerikanen dat voor elkaar? Hun geheime wapen, volgens Frans Nauta: Silicon Valley. De baai in Californië is het synoniem geworden voor alle innovatieve techbedrijven die zich daar sinds een aantal decennia vestigen. Facebook, Google, Apple, HP: ze zagen er allemaal het levenslicht. En dat is geen toeval, zegt Nauta. "De Verenigde Staten zijn wat dat betreft een fantastisch lopende machine. De hoeveelheid geld, energie en mensen die zij hebben om nieuwe dingen te ontdekken, is enorm. Dat ligt deels aan de scholing. Universiteiten trekken in de VS de samenleving in, terwijl een hoogleraar die in Nederland een bedrijf start, met een schuin oog wordt aangekeken omdat hij aan het bijklussen is."

Wiebe Weikamp, die nog student was toen hij Ilse bedacht, herkent dat. "Het heeft te maken met beschikbaar durfkapitaal in een land, maar het is ook de Nederlandse cultuur: steek niet je kop boven het maaiveld uit."

Wat Silicon Valley bovendien helpt, is het feit dat alle partijen er aanwezig zijn: de innovatieve bedrijven, de Stanford-universiteit waar nieuw talent wordt opgeleid, én de investeerders met kapitaal. Nauta: "Neem zoiets als de één uur-regel: je investeert alleen in bedrijven die maximaal op een uur rijden van je vandaan zitten, anders kost het je te veel tijd. Bovendien zorgt het voor een groot gevoel van loyaliteit. Zo is het gebruikelijk dat succesvolle investeerders in Silicon Valley, vervolgens ook investeren in nieuwe startups. En de Valley heeft al heel wat miljonairs voortgebracht."

Een kwestie van een plek kiezen en een Europese Silicon Valley beginnen dan maar? Was het maar zo simpel, zegt Nauta. "Silicon Valley ontstond ook niet van de een op de andere dag. Er was zo'n vijftig jaar voor nodig. Bovendien werd de kiem gelegd in de Koude Oorlog, door mega-investeringen van het leger. Dat zie ik hier niet zo snel gebeuren."

Startup-cultuur
Toch is er ook goed nieuws: want hoewel we flink achterlopen, zijn we inmiddels in Nederland al wel begonnen aan iets dat op een start-up-cultuur lijkt. Zo zijn er inmiddels een stuk of tien plekken waar jonge, innovatieve bedrijven een goedkope werkplek krijgen om hun onderneming op te bouwen.

Een van die plekken is in Delft. De zogenoemde incubator - oftewel broedplaats - vind je er om de hoek bij de Technische Universiteit. De beginnende ondernemers huren in een grote, open ruimte een hoek of een kamer. Door ze dichtbij elkaar te zetten, kunnen ze elkaar inspireren, helpen en ontstaan er kruisbestuivingen, zo is het idee. Bovendien worden er lessen gegeven in ondernemerschap. Vragen als waar je investeerders vindt en hoe je ze overtuigt van je plannen, komen daar aan bod.

Niet dat ze allemaal zullen slagen, zegt Frans Nauta. "Door wat leuke, jonge mensen bij elkaar te zetten, heb je nog geen Delftse Silicon Valley. Misschien dat er één of twee van de jonge ondernemers straks een miljoen euro verdient. Misschien dat er eentje tussen zit die een miljardenbedrijf gaat runnen. In Silicon Valley werkt het over het algemeen zo: van de duizend voorstellen, worden er zo'n honderd daadwerkelijk gelezen door een investeerder. Van die honderd krijgen er hooguit één of twee geld."

Oost-Londen en Berlijn
Naast Delft en andere Nederlandse steden met veel startups, zoals Eindhoven en Amsterdam, zijn er meer plekken in Europa waar zich langzaam de eerste contouren van een Silicon Valley beginnen af te tekenen. Zo heeft de Britse premier David Cameron de ambitie om een startup-thuishaven in Oost-Londen te stichten. En ook in Berlijn is er volgens Nauta inmiddels een aardige cultuur voor jonge internetbedrijven ontstaan. "Al betekent dat tot nu toe vooral dat het Amerikaanse systeem gekopieerd wordt. Terwijl als Europa echt het heft in eigen hand wil nemen, ze het niet zou moeten kopiëren, maar helemaal iets nieuws zou moeten verzinnen."

Wat ook niet helpt, is dat al die innovatie-harten in Europa zo verspreid liggen. Want het is juist de concentratie in één baai wat Silicon Valley zo succesvol maakt, erkende ook Eurocommissaris Neelie Kroes na een werkbezoek aan Californië in 2011. "Je komt er de nerds en hippies tegen en de opa met het geld. Die factoren zal je ook in Europa tegenkomen, maar allemaal verspreid. Dat limiteert je mogelijkheden", schreef Kroes.

Bovendien is het de vraag of een Europese Silicon Valley het probleem van datagraaien gaat oplossen. Ot van Daalen van Bits of Freedom, de organisatie die opkomt voor de burgerrechten op internet, heeft er een hard hoofd in. "Ik denk niet de oplossing is om de online macht te verplaatsen van Amerikaanse bedrijven naar Europese bedrijven. Wij zien liever een decentraal internet dat in handen is van burgers. Zij kunnen bijvoorbeeld via wifi hun computers onderling verbinden en zo hun eigen netwerk creëren. Dat zal niet alle problemen oplossen, maar omdat er meerdere lijntjes en netwerken lopen, is het bijvoorbeeld wel moeilijker af te luisteren door overheden."

Niet helemaal veilig
Ook voor de Europese cloud, een idee dat door Neelie Kroes werd omarmd, zijn geen garanties dat je gegevens die daarin staan nooit in handen komen van Amerikanen, erkent Europarlementariër Sargentini. Want dat is juist het probleem: omdat het allemaal niet in de openbaarheid gebeurt, weten we eigenlijk niet precies wie er allemaal meekijken in de systemen. "We zouden het wel zo veilig mogelijk moeten maken, door er stevige Europese wetgeving om heen te bouwen", zegt Sargentini. "Eentje die bedrijven verbiedt om informatie af te staan aan buitenlandse mogendheden bijvoorbeeld."

Maar misschien moeten we wel accepteren dat het nooit helemaal veilig kan, zegt Tonny Roelofs van beveiligingsbedrijf Trend Micro. "Het belang van partijen als NSA is zo groot, dat de markt daar niet tegenop kan. In plaats van verwachten dat we een honderd procent veilig internet hebben, kun je er beter rekening mee houden dat het niet helemaal veilig kan. Dat je daarom misschien bepaalde informatie niet via een e-mail wilt versturen."

En dan is er ook nog de gebruiker, die bereid moet zijn om over te stappen op Europese alternatieven én daar ook nog voor wil betalen. Frans Nauta: "Google, Yahoo, Facebook, Twitter en ga zo maar door, lijken gratis voor de gebruikers, maar hebben allemaal een verdienmodel dat gebaseerd is op het verzamelen van zoveel mogelijk gegevens, om vervolgens zo gericht mogelijke advertenties te kunnen verkopen. Die bedrijven hebben dus allemaal de conclusie getrokken dat mensen daar geen moeite mee hebben. Waarom zouden Europese bedrijven het anders gaan doen?"

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden