Shylock is de enige met een hart

interview | William Shakespeare is zaterdag 400 jaar dood. Daarom heeft Howard Jacobson 'De koopman van Venetië' herschreven in het nu. Wat te doen met het Joodse personage Shylock?

Howard Jacobson ontvangt in de Groucho Club in Londen, hartje Soho. Hij is er vaste gast, woont om de hoek. "Zet maar op de rekening", zegt hij als we thee hebben besteld.

Hij heeft drie dagen toeren door Duitsland achter de rug, arriveert net uit Manchester, allemaal ter promotie van zijn boek. De 73-jarige schrijver - warrige bos grijs haar, artistiek sjaaltje - is moe, zegt hij. "Het is aan jou om me tot interessante antwoorden te verleiden."

Maar dat kan hij niet serieus menen. Geef Jacobson één vraag en hij barst los: scherp, gevat, polemisch.

Zo staat hij ook bekend. Het is daarom niet vreemd dat uitgeverij Hogarth Press hem vroeg vanwege 400 jaar Shakespeare een toneelstuk van Shakespeare te herschrijven naar het nu. En dan was het nogal logisch dat de Joodse Jacobson - die zich in Engeland geregeld opwerpt als de Joodse stem in het debat - zich zou buigen over De Koopman in Venetië.

Hierin staat een conflict tussen een Jood en een christen centraal. De Jood Shylock leent geld aan een vriend van de koopman Antonio. Antonio wil wel borg staan voor zijn vriend in geldnood. Min of meer als grap spreken ze af dat Shylock een pond vlees van Antonio krijgt, mocht hij de schuld niet kunnen terugbetalen. Intussen gaat Shylocks tienerdochter er met al zijn geld en de ring die hij van zijn overleden vrouw kreeg vandoor om met een christelijke vriend van Antonio samen te leven. De christenen vinden het erg grappig, maar Shylock is ten einde raad. Als dan alle schepen van Antonio zinken en hij het geld niet kan terugbetalen, eist de getergde Shylock het pond vlees. Hij kiest het hart. Het loopt uit op een rechtszaak. De rechter is Portia, een vriendin van Antonio die zich als man verkleedt. Ze vraagt Shylock eerst - in een beroemde speech - om genade voor Antonio. Als Shylock weigert, komt ze met een juridisch handigheidje: Shylock mag geen grammetje meer nemen dan het pond of het kost hem de kop. Shylock druipt af.

Het personage Shylock zorgt al eeuwen voor tegenstrijdige gevoelens. Zeker sinds de twintigste eeuw ligt er de vraag: was Shakespeare een antisemiet? Maar ook: was Shylock nou de schurk of het slachtoffer?

Een kolfje naar de hand van Jacobson, zou je zeggen. Maar Jacobson dacht daar in eerste instantie heel anders over. "Ik had geen zin in zo'n stuk over antisemitisme. Ik praatte mijn hele leven al genoeg over het Jodendom. Vroeger lazen we als veertienjarigen het stuk in de klas. De leraar zei: 'Jacobson, jij kunt wel de rol van Shylock voorlezen'. Ik geneerde me ervoor dat de Jood er zo slecht afkwam in dat stuk. Later, als wetenschapper, heb ik me veel met Shakespeare beziggehouden. Maar nooit met dit stuk. Toen de uitgeverij me aan dit stuk wilde koppelen, vond ik dat wel erg voor de hand liggend. Maar ik besloot het toch te lezen. En vanaf het eerste moment dacht ik: het is een heel ander stuk dan ik altijd heb gedacht."

Nu ligt er zijn boek 'Mijn naam is Shylock'. Deze satirische versie van De koopman van Venetië speelt zich af in Little Venice, de Londense wijk waar de celebrities wonen. Daar houden de nieuwe rijken zich in zijn roman bezig met kunst kopen of platte tv-programma's maken. De strijd tussen de Joodse Simon Strulovitsj en zijn tegenstander d'Anton gaat over een kunstwerk. Een profvoetballer - bekend van de Hitlergroet die hij op het veld maakt - wil met zijn dochter trouwen, maar moet zich eerst laten besnijden - geen pond, maar toch een stuk vlees. Als de profvoetballer en de dochter ertussenuit knijpen naar Venetië moet zijn vriend d'Anton zijn plaats innemen. Tv-ster 'Anna Livia Plurabelle Schoonheid is voor Eeuwig Christine' zal de rechtszaak in een reality-programma tonen.

U merkte bij het lezen van Shakespeares stuk dat het heel anders was dan u zich herinnerde. Wat heeft u ontdekt?

"Ik voel dat Shakespeare bij het schrijven van dit toneelstuk in een tegendraadse stemming was. Als je goed leest, blijkt Antonio helemaal niet zo'n goede vriend, eerder een masochist, op zoek naar iets tragisch. Hij nodigt Shylock uit om hem iets wreeds aan te doen. Shakespeare heeft duidelijk een hekel aan hem, verafschuwt hem.

"En degene waarop wordt gespuugd, de Jood, daar staat Shakespeare sympathiek tegenover. Bij herlezing viel me op dat Shylock veel scherper, slimmer en geestiger was dan ik me herinnerde. Geen man om gezellig mee uit eten te gaan, maar als hij wordt uitgedaagd, is hij altijd de grappigste. De christelijke tegenstanders kunnen hem niet bijhouden. In de geschiedenis is hij vaak als oude man uitgebeeld. Maar dat is hij niet. Hij is snel, pikant, spottend, flirterig zelfs. Ik ben van Shylock gaan houden. Hij is de enige met een hart en gevoelens. Hij is er kapot van dat zijn dochter ervandoor gaat met de ring die hij van zijn overleden vrouw heeft gekregen."

Waar gaat het stuk volgens u over? Over wraak en genade?

"Nee, het stuk gaat over de echtheid van gevoelens. Hoewel er allerlei liefdeskoppels in spelen, is de enige blijvende liefde die van Shylock voor zijn vrouw. Dat proef je in de manier waarop hij spreekt over de ring die hij van haar kreeg voordat ze trouwden. Die ring is belangrijk voor hem. De anderen praten heel veel over de liefde maar handelen er niet naar, verkwanselen zelfs hun ringen. Natuurlijk gaat het ook over de echtheid van genade. Portia heeft haar beroemde speech daarover, maar zij handelt tegenover Shylock zonder genade. Haar speech komt dus niet van binnenuit. Het is alleen een trucje om Shylock vast te zetten."

In uw versie is Strulovitsj een hedendaagse Shylock. Toch bracht u ook Shylock weer tot leven in dit boek. Waarom?

"Ik vroeg me af: wat uit het stuk interesseert me het meest? Dat is de overleden vrouw. Ik ben zelf altijd bang om zonder vrouw te moeten leven. Ik ben bang voor mijn eigen dood, maar ook voor die van mijn vrouw. Ik wilde daarom in mijn boek een man die zijn vrouw mist.

"Maar ook de vader-dochterrelatie vond ik interessant. Ik zag bij mijn eigen vader hoe hij zijn ruimdenkendheid verloor uit bezorgdheid voor mijn zus. Veel mensen hebben medelijden met de dochter van een strenge vader. Maar Shakespeare heeft veel sympathie voor vaders. Daarom heb ik Simon Strulovitsj en zijn dochter verzonnen. Strulovitsj is zo'n man als ik - hij komt heel vaak in mijn boeken voor.

"Strulovitsj moest eigenlijk de moderne equivalent van Shylock zijn, maar maakte dat niet waar. Begrijpelijk, geen enkel personage kan tegen Shylock op. Toen heb ik heel diep ademgehaald en ben de grens van de realiteit overgestapt. In romans kan alles - Salman Rushdie laat voortdurend magie toe in zijn boeken. Nu doe ik het ook eens: ik breng de zestiende-eeuwse Shylock in het moderne Londen. En hij praat de hele tijd tegen zijn overleden vrouw. En tegen Strulovitsj. Er ontstaat een echte mannenvriendschap tussen hen. Ze bespreken hoe het is om Joods te zijn in deze tijd.

"De vraag was niet alleen of ik Shylock tot leven durfde te wekken, maar ook of ik het kon. Bij d'Anton en Plurabelle kon ik met satire uit de voeten. Maar Shylock wilde ik met respect behandelen. Hij moest een eigen, beetje archaïsche taal hebben. Het is geen man die tv kijkt of op Twitter zit. Zijn grappen moesten bovendien echte, sterke grappen zijn. Door Shylock is dit mijn meest serieuze boek geworden."

Is uw boek een correctie van Shakespeare? Shylock is bij u veel sympathieker.

"Het is een feit dat ik een klein voordeel op Shakespeare heb: ik ben zelf Jood. Shakespeare laat hem praten over het Oude Testament en het Joodse Volk. Dat klonk voor mij nooit overtuigend. Daarom praat in mijn boek Shylock met zijn vrouw over andere literatuur. Ze heeft genoeg van dat Oude Testament.

"Maar verder is mijn boek bovenal een correctie op hoe men Shakespeares stuk al eeuwenlang interpreteert. Men oordeelt oversentimenteel over Portia. Haar rol moest ik recht zetten. Daarom heb ik de speech over genade in de mond van Shylock gelegd. Hij spreekt hem uit tegen Plurabelle. Deze keer spuugt hij bijna op haar in plaats van andersom.

"Ook het einde heb ik veranderd. Bij Shakespeare komt Shylock in het vijfde bedrijf niet meer voor. Hij neemt zijn verlies en dan gaat de laatste, vijfde acte alleen nog maar over die vervelende christelijke lui en hun kleine liefdesperikelen. Na hoofdstuk 23 van mijn boek heb ik daarom een vijfde bedrijf ingevoegd. Daarin voert Shylock het woord. Zijn wraak is dat hij de genadespeech van Portia nu zelf uitspreekt.

"Nee, daarmee ga ik niet tegen Shakespeare in. Ik verdedig Shylock niet tegenover Shakespeare, maar tegen de 400 jaar durende interpretatie van het stuk. Jarenlang is Shylock neergezet als de man met de grote neus die alleen maar in geld geïnteresseerd is. Maar zo heeft Shakespeare hem niet beschreven; die interpretatie is een gevolg van de eeuwenlange houding tegenover Joden.

"Trouwens, ik hoef Shylock niet eens te verdedigen. Zijn wraak is dat hij veel populairder is dan de koopman Antonio of Portia. Wie naar Venetië gaat, gaat op zoek naar Shylock. Heine, Dickens, zij hebben het daarover. Niemand gaat in Venetië op zoek naar Antonio. Shylock leeft in onze verbeelding, zo sterk heeft Shakespeare hem neergezet.

"Ik wilde Shylock niet sympathieker maken. Een Jood hoeft niet sympathiek te zijn. Ik wil het zo, omdat Shakespeare het wilde. Ik kom niet op voor Shylock, maar voor Shakespeare."

Is het vandaag de dag nog wel nodig om Shylock als Jood te verdedigen?

"Vroeger vroegen mijn ouders vaak aan me: 'Je wordt toch niet gepest op school omdat je Joods bent?' Wij lachten daarom. Maar nu ben ik er nog veel meer mee bezig dan mijn ouders vroeger.

"Er is momenteel geen theologisch dispuut tussen christenen en joden. Maar Joden zijn wel heel alert. Er zijn nu grote conflicten over Israël, over antizionisme; dat kan makkelijk antisemitisme worden.

"Een weldenkende westerling zal niet meer zoals in de jaren twintig van de vorige eeuw in het openbaar durven zeggen: ik ben antisemitisch. Maar je kunt gemakkelijk zeggen: ik haat Israël. Dat gebeurt tegenwoordig zo heftig dat ik dat beschouw als de moderne versie van het spugen op Joden. Die haat is disproportioneel. De antipathie - die al zo lang bestaat - is er nog steeds, niet alleen bij moslims. We hebben een 'ander' nodig. De perfecte 'ander' is voor velen nog steeds de Jood."

Mijn naam is Shylock van Howard Jacobson is verschenen bij Nijgh&Van Ditmar, euro19,99, 320 blz.

Acht hervertellingen

Vanwege de 400ste sterfdag van Shakespeare nodigde uitgeverij Hogarth Press acht gerenommeerde schrijvers uit om een stuk van Shakespeare in een hedendaagse setting te herschrijven. Jeanette Winterson ging Jacobson voor. Later volgen onder andere Margaret Atwood, Anne Tyler en Tracy Chevalier. De boeken worden in Nederland uitgegeven door Nijgh&Van Ditmar. Vandaag verschijnt de Nederlandse vertaling van het boek van Jacobson.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden