Showdown in Hüsselby

Buitenwijk in Stockholm, 'symbool van de verbleekte idealen van de welvaartsideologie'. (FOTO HH) Beeld
Buitenwijk in Stockholm, 'symbool van de verbleekte idealen van de welvaartsideologie'. (FOTO HH)

Volgens de Noorse schrijver Johan Harstad heeft de Zweedse verzorgingsstaat zijn keerzijde. In zijn absurdistische roman steekt hij de draak met het Scandinavische model.

Henk van der Liet

De roman Hüsselby van de Noorse schrijver Johan Harstad (1979) begint met een korte film noir-scène, waarin een keurige oudere heer in het centrum van Stockholm door een vrachtwagen wordt doodgereden. Een ongeluk? Opzet, wellicht een aanslag of zelfmoord? De Twin Peaks-achtige, suggestieve grondtoon van de roman is gezet.

Het slachtoffer in kwestie is Bertil überg, de vader van de verteller: Albert überg. Vader en zoon woonden al hun hele leven lang samen in een flat in Hüsselby, een trieste voorstad van Stockholm, symbool van de verbleekte idealen van de welvaartsideologie. De inmiddels 42-jarige Albert ruimt na de dood van zijn vader hun gemeenschappelijke flat op en maakt tegelijkertijd de balans op van zijn leven.

Voor Albert is de dood van zijn kleurloze vader niets minder dan een bevrijding, heel hun leven hebben vader en zoon in een verkeerde symbiose geleefd, ze waren zo afhankelijk van elkaar, dat ze het leven van de ander onmogelijk maakten.

Albert heeft echter wel aan een ander leven geroken. Zijn finest hour beleeft hij midden jaren tachtig, als hij samen met een vriend op interrail door Europa reist. Via een toevallige ontmoeting in Hamburg komt hij in Hongkong terecht, waar hij als tolk optreedt voor een zakenman die een fortuin denkt te kunnen maken met een restpartij Star Wars-speelgoed en vervolgens wordt Albert in Parijs ook nog smoorverliefd op een Duits meisje. Desondanks keert hij terug naar huis, naar zijn vader in Hüsselby die niet zonder hem kan en slijt hij zijn dagen als anonieme magazijnbediende in een filiaal van een grote Zweedse ijzerwarenketen.

Nu zijn vader er niet meer is, kan Albert zijn leven een nieuwe draai geven, maar het is al te laat. Steeds komen er merkwaardige hindernissen op zijn pad en ook hoort hij op de gekste momenten een beangstigend, krassend geluid. Is dat het knagende geluid van zijn geweten omdat hij zijn kansen heeft verspeeld? Is het een verwijzing naar de pen van de auteur, om het fictionele karakter van de tekst te benadrukken? Is het een signaal dat het verhaal maar een dun vlies is, waarachter nog een andere werkelijkheid schuilgaat? Opnieuw veel vragen zonder antwoorden, maar evenzoveel vingerwijzingen die duiden op het ingenieuze spel dat Harstad met zijn lezer en diens verwachtingen speelt.

Steeds duiken er nieuwe raadsels op: licht dat plotseling brandt in een verlaten appartement, mensen en voorwerpen die spoorloos verdwijnen, enzovoorts. Verder maken verwijzingen naar het modern-mystieke oeuvre van de anti-stalinist Arthur Koestler en de songteksten van de popgroep The Police deel uit van Harstads populair-culturele referentiekader.

Ondanks alle vragen en mysteries, geeft Harstad de lezer een glasheldere kritische boodschap mee. Want hij rekent in Hüsselby ongenadig af met de vooruitgangsideologie van de jaren vijftig, de tijd van de opkomst van de verzorgingsstaat. Het is zeker geen toeval, dat de plek waar de vader van Albert overreden wordt vlak in de buurt is van de plek waar Olof Palme werd vermoord. Het was immers onder leiding van bevlogen sociaal-democraten als Tage Erlander en Olof Palme, dat Zweden tijdens de Koude Oorlog, tussen het Amerikaanse kapitalisme en het communisme van de Sovjet Unie, een derde politieke weg zocht. Het Zweedse model werd Folkhemmet genoemd, de staat als een ’thuis voor iedereen’. Het leverde een sociaal systeem op dat naast veel positieve, ook minder aangename kanten kende. Vooral de sterke overheidsbevoogding werd door velen ervaren als aantasting van de persoonlijke levenssfeer.

Dat is de achtergrond waartoe deze roman zich verhoudt, al is ’Hüsselby’ bovenal een geëngageerde roman en geen politiek pamflet. Integendeel, er valt heel wat te lachen, al is het soms wat cynisch. Voor Harstad is het sociaal-democratische Zweden een eng land, waar pleinen bijna stalinistische namen dragen als Medborgarplads, een soort ’Plein van de Hemelse Vrede van Lars Modaal’.

Vanzelfsprekend keert Harstad zich niet uitsluitend tegen Zweden, maar tegen een Orwelliaanse maatschappijvisie waarin alles en iedereen geregeld en geconditioneerd is, en waar de democratie haar eigen parodie wordt. ’Hüsselby’ is een geëngageerde, apocalyptische roman over een samenleving waarin niemand meer iets zegt of doet en alleen nog toekijkt: „Zo is het tegenwoordig. Ik kwam, ik zag. En had daarna geen flauw idee wat ik moest zeggen”.

Toch wordt er op de valreep nog een humoristische ontsnappingsmogelijkheid uit het dreigende ecologische ragnarok geboden, door een maffe Duitse uitvinder die een drijvende overlevingscapsule heeft ontwikkeld – een eenpersoons Ark van Noach – om de stijging van de zeespiegel het hoofd te bieden.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden