Shalev moet zijn verhalen vertellen

Meir Shalev opent de voordeur van oma Tonja?s huis, de deur die van haar nooit open mocht. (FOTO'S ANYA VAN LIT) Beeld
Meir Shalev opent de voordeur van oma Tonja?s huis, de deur die van haar nooit open mocht. (FOTO'S ANYA VAN LIT)

In de autobiografische roman ’Het zat zo’, van de Israëlische schrijver Meir Shalev, spelen zijn oma en haar stofzuiger de hoofdrol. „Ze regeerde de familie met ijzeren hand en het Israëlisch stof werd haar vijand die ze op een obsessieve manier bestreed.”

Het karrenspoor slingert rond Ain Sjeicha, de waterbron met de oude palmboom en voert licht hellend naar de zuidwestelijke dorpsingang, tussen de boerderij van Rachlevski en die van Jehoeda. Met zeventig huizen in een cirkel, koeienstallen erom heen, tractoren op het veld en eeuwig blaffende honden, lijkt de tijd in Nahalal, de oudste mosjav (een semi-coöperatief dorp) van Israël, stil te staan. Hier werd Meir Shalev 62 jaar geleden geboren.

„Langs deze weg werd de svieperrr (de Amerikaanse stofzuiger van het merk Sweeper, uitgesproken op zijn Russisch) van oma Tonja op een boerenkar naar het dorp gebracht”, wijst Shalev. Zojuist is de Nederlandse vertaling verschenen van zijn autobiografische roman ’Het zat zo’, waarin zijn oma en haar svieperrr de hoofdrol spelen. Het boek werd op 18 december besproken in Trouw.

Als een jarig jongetje gaat Shalev ons voor naar de verrassing: het huis van oma Tonja. De voordeur is gesloten en als hij aanklopt, zou de boze stem van Tonja ieder moment door de stilte kunnen snijden: ’Achterom! Door de achterdeur’. Want die voordeur verstrekte de bezoeker toegang tot het streng bewaakte, verboden gedeelte van het huis.

In plaats daarvan vliegt de deur met een kreet open: ’Dassi!’ De gestalte van tante Pnina, eens de dorpsschone van Nahalal en vrouw van oom Menachem, vult de deuropening. Dassie is Shalevs geheime koosnaam. Zijn moeder wilde hem Hadas noemen, zijn vader vond dat te vrouwelijk. In de familie bleef de naam hangen en Hadas werd Dassie.

Wat is het, in dit huis waarover oma Tonja zo angstvallig waakte? Binnengekomen is er een doodnormale, zij het inmiddels door schoondochter Pnina gerenoveerde woning. Een kleine keuken links, een gang met aan het einde een douche, een eetkamer die een keer per jaar voor de Seder (de Joodse paasavond) werd gebruikt en waar opa en oma op alle andere dagen van het jaar sliepen, en een royale slaapkamer in het oudere deel van het huis waar alleen uitverkorenen werden toegelaten. Pnina wijst: „Shalev had hier zo’n veertig jaar geleden een amoureuze nacht met zijn Amerikaanse vriendinnetje Abigael.”

Oma Tonja was een vrouw met smetvrees. Die ging zelfs zo ver dat ze lapjes op de deurklinken legde, bezoekers buiten op de veranda ontving, zodat ze haar huis niet bevuilden en de stofzuiger in de badkamer opsloot en nooit meer gebruikte omdat hij stof in zijn buik bewaarde. Die neurose vormt de rode draad in Shalevs verhaal.

„Het zat zo”, begint Shalev met de woorden waarmee oma Tonja steevast haar verhalen begon. „Tijdens een lezing voor Amerikaanse studenten vertelde ik het verhaal van mijn grootouders en de svieperrr. Ze kwamen uit Rusland, zionisten die naar het toenmalige Palestina emigreerden. Opa Aharon arriveerde met de Tweede Alia (tweede emigratiegolf, begin vorige eeuw) en was een van de oprichters van Nahalal. Oma was nauwelijks achttien toen ze in 1923 uit de Oekraïne in de Jizraelvallei belandde en trouwde met de veertien jaar oudere weduwnaar van haar halfzus. Dat waren interessante gegevens voor een boek.”

Tonja was anders, een beetje eigenaardig. Haar familie was het centrum van haar bestaan. Ze had moeite met het collectieve karakter van de mosjav, maar de kibboets waar alles gemeenschappelijk was vond ze helemaal uit den boze. Ze zei dat mensen van de kibboets naar de mosjav verhuisden en niet van de mosjav naar de kibboets. Nahalal kende meer persoonlijke vrijheden, maar was heel spartaans. Zo waren chocolade, kauwgum, manicure en lippenstift te frivool. Toen tante Pnina gefotografeerd werd terwijl zij haar lippen stiftte, sprak het hele dorp daar schande van.

De tragedie was dat opa als boer niet deugde. Hij was een goede schrijver, die publiceerde in het plaatselijke krantje Hajetoesj (De mug) en in Hapoel Hatsaier (De jonge arbeider) van de Arbeidersbeweging. Hij had ergens anders een ander bestaan moeten opbouwen, maar Tonja zette haar hakken in het zand. Ze wilde een eigen boerderij.

Shalev: „Ze zette haar hakken ook in opa. Ze hadden vele tegenslagen, maar de grootste hindernis vormde oma zelf. Ze regeerde de familie met ijzeren hand en het Israëlisch stof werd haar vijand die ze op een obsessieve manier bestreed. Zware lichamelijke arbeid en het onderdrukken van iedere emotie tekenden het leven van mijn grootouders .”

Die ijzeren discipline heeft Shalev van Tonja geërfd. Een typische werkdag begint om vijf uur ’s morgens. Na een lunchpauze van vier uur, wordt het werk om vijf uur ’s middags hervat tot negen uur ’s avonds.

En als hij een dag geen inspiratie heeft? Shalev glimlacht: „Dan maak ik de muze wakker of ik redigeer eerdere stukken. Schrijven is hard werken. Ja, ik ben obsessief, maar dat zet mij aan tot creativiteit.”

Verhalen vertellen is Shalev met de paplepel ingegoten. De familie van zijn moeder bestaat uit mythische verhalenvertellers en van zijn vader, de dichter Jitschak Shalev, kreeg hij de kennis van literatuur en het Hebreeuws.

Critici speculeren soms over de beeldspraak die Shalev in zijn boeken gebruikt. Een journalist ging zover dat hij de svieperrr als een metafoor voor kapitalisme, bezetting en de joodse strijd betitelde. Maar Shalev heeft slechts een doel voor ogen: er is een verhaal en dat moet verteld worden.

Een bus met toeristen stopt voor het huis van oma Tonja. Camera’s flitsen door de busruiten. Enkele ondernemende zielen in Nahalal hebben de verhalen van Shalev tot handel gemaakt en geven rondleidingen aan bezoekers.

Shalev: „Dat is vooruitgang. Als je vandaag geld wilt verdienen moet je nieuwe ideeën hebben. Veeteelt loont alleen als je een grote gecomputeriseerde stal hebt met honderden koeien. De samenleving is meer gericht op het individu dan op het algemeen belang.”

Toch verlangt Shalev niet terug naar de tijd van zijn jeugd die hij liefdevol, haast nostalgisch in zijn boeken beschrijft. „Ik zou in die gemeenschap niet hebben kunnen leven. Ik heb twee linkerhanden en ben individualist. Het was een arrogante maatschappij die neerkeek op een ieder die niet uit Nahalal kwam en geen boer was. Wel heb ik een groot respect voor de mensen uit mijn jeugd. Zij waren de echte pioniers.”

Hij is bezorgd over het Israël van vandaag, dat volgens hem een gevaarlijke koers vaart omdat het al het land van Abraham wil bezitten. Shalev: „Israël was in de jaren vijftig kleiner maar ruimer. We hadden minder grond maar ruimere opvattingen. Ik heb in de Zesdaagse Oorlog in 1967 als soldaat gevochten. Ik vond toen al dat de bezetting van de Palestijnse gebieden gevaarlijk was. Israël nam een te grote hap en zou erin stikken. We hebben nu meer land, maar voelen ons opgesloten en bedreigd. Het is belachelijk dat bijbelteksten de grenzen van ons grondgebied bepalen. Ik wil geen Joodse nederzettingen in de Palestijnse gebieden. We moeten geen ander volk bezetten. We hebben al een land.”

Shalev wordt om zijn harde kritiek aan het adres van de regering Netanjahoe als een smollanie, een linkse rakker, betiteld.

Zijn motivatie is een andere: „Er zijn Israëliërs die sympathiseren met de Palestijnse onafhankelijkheidsstrijd, maar mijn betrokkenheid komt voort uit mijn bezorgdheid voor de toekomst van Israël. De starre houding van onze regering kan ons vernietigen. De tweestatenoplossing met een Palestijnse erkenning van Israël en het opgeven door Israël van de sinds 1967 bezette Palestijnse gebieden is noodzakelijk. Hoe langer onze regering traineert, hoe verder we van een oplossing geraken.”

Van de huidige machthebbers verwacht Shalev geen resultaten. De Israëlische regering is niet dapper genoeg om de nederzettingen te evacueren, terwijl de Palestijnse overheid geen concessies wil doen ten aanzien van Jeruzalem. De Israëlische oppositiepartij Kadima is zwak. Oppositieleider Tsipi Livni wordt niet door het volk gevoeld en gehoord.

Shalev: „Israël heeft geen visie. Netanjahoe is alleen bezorgd over zijn zetel als premier. Er is geen regeringsprogramma voor de komende jaren en geen ideologie. Er is weinig over van het leiderschap van David Ben Goerion, die een visie had van een Joodse staat en bereid was om persoonlijke offers te brengen.”

Op de begraafplaats van Nahalal leven de doden die Israëls geschiedenis maakten. Naast de aartsvaders van Nahalal ligt hier de oud-minister van defensie, Mosje Dajan, maar ook de astronaut Ilan Ramon en zijn zoon Asaf. De eenvoudige graven van Shalevs grootouders worden gesierd door een hoop kiezelsteentjes, een joods gebruik waarmee bezoekers de doden eren. Op het graf van moeder Batja ligt een roos. „Kennelijk van een stille aanbidder”, zegt Shalev. Hij heeft dit geheim nog niet doorgrond.

Shalev zelf raakte tijdens de Zesdaagse Oorlog levensgevaarlijk gewond. „Ik balanceerde op het randje van de dood en die ervaring was niet onprettig. Mijn levenshouding is erdoor veranderd. Als ik dit overleefde, dan kon ik alles aan.”

De grootouders en ouders zijn overleden, opa’s citroenboom is gerooid, de svieperrr verdwenen en de ganzen die de kleine Meir vroeger achterna zaten, als hij over de binnenplaats naar het washuis liep, zijn er niet meer. Wat blijft zijn Shalevs verhalen die zoals het karrenspoor telkens weer naar het dorp leiden. Verhalen over de gebeurtenissen van toen, of een versie daarvan.

Een reproductie van een foto van de grootvader van Shalev, in Nahalal. (Trouw) Beeld
Een reproductie van een foto van de grootvader van Shalev, in Nahalal. (Trouw)
Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden