Sexy en gruizige jazzpop

Het Nederlandse muziekproject Gare du Nord bestaat tien jaar. Ze behoren tot de succesvolste exponenten van een hele generatie lichtvoetige jazzpopartiesten uit Nederland.

Seije Slager

Nee, meer dan een gelegenheidsprojectje was het oorspronkelijk niet, herinnert Barend Fransen zich. Gare du Nord ontstond tien jaar geleden bij toeval. „Ik zat destijds een paar keer in de studio te prutten met Ferdi Lancee, een bevriende producer. Het was de tijd van de loungemuziek. Je hoorde overal Moby en St. Germain, en wij probeerden ook wat in die richting. Toen vroeg iemand ons om een lounge-soundtrack te maken voor een lifestylebeurs in België. Die noemden we ’In search of excellounge’.”

Toch viert Gare du Nord inmiddels haar tienjarige bestaan met een heuse greatest hits-cd, en tekenden ze een paar jaar geleden bij het gerenommeerde label Blue Note. Hoe kwam het zover? Fransen: „Wij brachten destijds dat cd’tje bij een platenmaatschappij, eigenlijk alleen zodat zij een paar duizend exemplaren konden persen voor de beursgangers. Maar tot onze verbazing zeiden ze dat ze het ook wel voor een groter publiek uit wilden brengen.”

Dus was een lounge act geboren. „En dat was het dan ook wel”, zegt Fransen. „We gaven geen interviews, we hadden geen publiek gezicht. Mensen dachten door onze naam dat we uit Frankrijk kwamen.”

Alles goed en wel, maar na drie albums en een paar jaar kwam het moment dat ze moesten beslissen of ze nog verder wilden. Lounge was op dat moment creatief in ieder geval een doodlopend pad.

Dorona Alberti zat in die tijd op de Rockacademie in Tilburg, en Ferdi Lancee was een van haar docenten. „Hij belde me een keer of ik iets kon komen inzingen in de studio”, herinnert ze zich. „Dat liep een beetje uit de hand. Sindsdien ben ik erbij gebleven.”

Het geluid concentreerde zich vanaf dat moment meer op de catchy vocalen van Alberti, die omlijst werden door makkelijk in het gehoor liggende jazzy arrangementen.

Fransen: „Wij dachten toen: wat willen we nou? Als we er nog iets mee willen, dan moeten we ook live op gaan treden; dan hebben we er ook een gezicht bij nodig. En dan liever een wat knapper gezicht dan onze eigen koppen.”

Want jazz moet sexy zijn, vinden Fransen en Alberti. Voor het album ’Sex ’n Jazz’, uit 2007, werkte Gare du Nord zelfs samen met Marlies Dekkers en Heleen van Royen, die rond diezelfde tijd hun boek ’Stout’ presenteerden.

Het levert ze wel eens geschamper op van jazzpuristen, die neerkijken op de volgens hen gemakzuchtige stijl waarmee Gare du Nord hitjes scoort. Net als veel andere makkelijk in het gehoor liggende jazzpopartiesten die de afgelopen jaren populair zijn geworden – vooral via het label Dox – zoals Giovanca en Wouter Hamel.

Barends: „Ik heb mezelf nooit als lounge act gezien. Maar met piepknorjazz heb ik ook niks. Wij houden van liedjes. Jazz is daarbij het label, maar het moet ook allemaal een beetje luxe aanvoelen, een beetje spannen, een trompetje erbij, en als het kan allemaal mooi aangekleed.”

Is hij dan bang dat mensen hem anders saai zullen vinden? Barends: „Nee, maar kijk nou eens naar Sarah Vaughan, vroeger. Dat had ook glamour, hoor.”

Alberti stift haar lippen en zegt: „Een beetje gruizig moet het wel zijn. En stoffig juist niet. Het heeft in ieder geval jazzinvloeden, het is vrolijk en het heeft sfeer. Vaak zet men ons neer als ’slimme jongens’. Alsof wij een zo glad mogelijke emulsie bij het grote publiek naar binnen proberen te werken. Het komt kennelijk niet in ze op dat wij echt staan achter wat wij doen, en de mensen die naar ons komen luisteren het echt mooie muziek vinden.”

Barends: „Bovendien, wij hebben samengewerkt met een trompettist als Erik Truffaz. Dat is geen kleine jongen. Die komt niet voor het geld uit Frankrijk; die komt omdat hij het een interessant project vindt.”

Maar onverwachte wendingen en experimenten dan, horen die niet ook bij jazz? „Jazeker”, zegt Fransen. Gare du Nord is namelijk nog lang niet klaar. „Ik denk dat mensen best verbaasd zullen opkijken van onze volgende plaat. We willen daarop nog meer van Dorona en haar stem uitgaan, van de liedjes. Van ons verwacht je misschien dat we daar allemaal lagen en frutsels omheen bouwen, maar een goed liedje heeft vaak niet meer nodig dan alleen wat piano of gitaar.”

(Trouw)
Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden