SEVILLA DE TOESTAND IN DE WERELD VOLGENS DE WERELDEXPO

In het Spaanse Sevilla laat de wereld zich vanaf 20 april van haar mooiste kant zien. De Expo '92, zes maanden lang een universeel super-Madurodam. Veel architectuur, veel nadruk op algemeen menselijke waarden en met een Nederland dat nog steeds in boter, kaas en eieren doet.

'Alles in Sevilla is louter spiegeling; niets komt overeen met zijn uiterlijk." De woorden van de Franse schrijver Michel Del Castillo schietenmeewerkend voorwerp - AL corr te binnen op de boulevard Torneo, als de zon haar gevecht met de mist heeft beslecht en de constructies van de wereldtentoonstelling zich op deze januarimorgen grillig en vervormd in de Guadalquivir weerspiegelen. Zelfs het uiterlijk van het klooster Santa Maria de las Cuevas op het eiland Cartuja is bedriegelijk. De Franciscaner monniken maakten in de vorige eeuw plaats voor profanere zaken als het zuidelijke hoofdkwartier van Napoleon en een aardewerkfabriek van de Engelse industrieel Charles Pickman. Pickman bouwde ovens en een schoorsteen in het klooster, waar eens Columbus logeerde, tussen zijn tochten naar de Nieuwe Wereld. Vijf eeuwen later vallen de kapel en de schoorsteen vanaf de overkant van de rivier in het niet bij de laat-twintingste-eeuwse architectonische constructies op Cartuja.

Wat bleef is de spiegeling, niet alleen in de rivier die Sevilla met Amerika verbond, maar op het hele eiland. Expo '92 is een grillige weerspiegeling van de toestand in de wereld, een universeel super-Madurodam op 215 hectare, een zes maanden durend visueel expose van mr. G. B. J. Hiltermann.

Op 20 april opent Cartuja zijn poorten, al zal er die dag nog het nodige geverfd moeten worden en zullen er hier en daar borden met 'werk in uitvoering' zijn te zien. Op 31 december hadden de paviljoens van de 110 deelnemende landen klaar moeten zijn, maar een rondgang leert dat slechts een minderheid daarin is geslaagd. Joegoslavie (Servie) is net aan de fundamenten begonnen, maar dat land had zijn hoofd even niet bij het bouwen. Ook Zuid-Afrika hoort tot de laatkomers nu de boycot is afgelopen. Het ondergrondse paviljoen van Koeweit weerspiegelt onbedoeld de toestand van 1991 op geheel eigen manier in de vorm van een bunker. Iran en Irak zegden na de Golfoorlog af, het kogelvormige gebouw van de DDR kwam niet verder dan de tekentafel, maar de Baltische staten worden kort voor de opening nog in een tent ondergebracht.

Juris Poga, de architect van het paviljoen van de Sowjet-Unie, heeft weer een heel ander probleem. Zijn paviljoen is vrijwel klaar, maar het land dat het zou vertegenwoordigen bestaat niet meer. De letters URSS op het dak zijn verwijderd en de 34-jarige architect uit Letland weet niet of zijn schepping door Rusland dan wel door de onafhankelijke republieken wordt overgenomen. In ieder geval werkt hij voor een buitenland, al is dat niet voor het eerst, zegt de Let lachend. Pogo houdt er rekening mee dat elke republiek een eigen stand verlangt. Tractorkunst en andere verworvenheden van het socialisme zullen er in ieder geval niet te zien zijn. In het amfitheater zullen tientallen projectoren beelden over de relatie tussen de mens en zijn omgeving projecteren, bedacht in de tijd van perestroika. Ook zal er aandacht aan de kerk in Rusland worden besteed, denkt Poga. Het opvallendste van het paviljoen is het schuine dak met zijn 1 708 kubussen. De zijden van de kubussen zijn in wit, rood, groen en blauw gespoten en kunnen door computergestuurde motoren worden gedraaid, waardoor het dak een groot voortdurend veranderend schilderij zal zijn. Poga demonstreert op zijn kleurencomputer de programma's 'zonsopkomst' en 'herfst'. Het voormalig Sowjetpaviljoen is indirect door Spanje gefinancierd door aankoop van (te) dure olie. Ook betaalden Spanje en de EG geheel of gedeeltelijk de paviljoens van China, de Afrikaanse en Zuidamerikaanse landen.

De Oost-West-tegenstelling heeft op de Expo plaatsgemaakt voor de Noord-Zuid-tegenstelling.minder mooi, niet fout; mooier is "de NoordZuidtegenstelling" vervangen door "die tussen "Noord en Zuid" - AL corr De grootste en indrukwekkendste paviljoens zijn die van de landen van de EG, Canada en Japan. Antonio Acosta Rodriguez, directeur van de Expo belast met Afrika, vertelt over de moeite die het hem kostte om de Afrikaanse landen naar Sevilla te krijgen. Verscheidene landen antwoordden niet, te laat, of zegden weer af wegens burgeroorlog of machtswisseling. Toch zal een bezoek aan het gemeenschappelijke Afrikaanse paviljoen de moeite waard zijn, verzekert Acosta Rodriguez. Zimbabwe komt met moderne beeldhouwkunst en toneel en Nigeria laat archeologische vondsten uit zijn nationale museum zien.

De Expo '92 ontbeert in tegenstelling tot haar voorgangers een blikvanger als het Atomium, de Eiffeltoren of het Crystal Palace, of het moet de (tijdelijke) imposante noordelijke toegangspoort van canvas zijn die boven alles uitsteekt. Maar liefhebbers van architectuur kunnen op Cartuja hun hart ophalen, al staan veel gebouwen wat dicht op elkaar. Helemaal klaar en in werking is het kantoor van de organisatie van de wereldtentoonstelling. Het bruine, vierkante gebouw van ongepolijst ijzer spot met de notie dat roest en architectuur niet samengaan. Het roestige gebouw omsluit een patio, die als alle binnenplaatsen in het eens Moorse Sevilla van planten en bomen en een fontein is voorzien. Een 'intelligent' dak van aluminium en glas, met voorzieningen tegen de moordende zomerzon, overdekt de geslaagde symbiose tussen moderniteit en traditie.

Een ander gebouw waar je niet omheen kan, is het Hongaarse paviljoen. Hongarije heeft van hout en zwart steen een gebouw met zeven torens gemaakt dat op een oude Hongaarse plattelandskerk lijkt. Het westelijke deel symboliseert een boom, waarvan de wortels door een glazen vloer zijn te zien, de wens van het land om bij het Westen te horen. In het oostelijke deel wordt wordt een film over de geschiedenis van het land geprojecteerd.

Enkele andere opvallende paviljoens zijn die van Denemarken, Zwitserland en NieuwZeeland. De Denen maakten in de geest van hun maritieme geschiedenis een 25 meter hoog gebouw, dat aan een zijkant gedeeltelijk wordt afgeschermd door een zeilconstructie waarop films worden geprojecteerd. Zwitserland bouwt aan een hoge toren van papier en het Nieuwzeelandse paviljoen zal met rotsblokken, watervallen, planten en vogels op het eiland lijken zoals zijn ontdekker kapitein Cook het aantrof.

Het thema van de Expo is '500 jaar ontdekkingen'. Hoewel het verwijst naar het jaar waarin Columbus voet op Amerikaanse grond zette, hebben de organisatoren het thema met opzet breed gehouden. De 'ontdekking van Amerika' is immers een omstreden begrip, dat door de nazaten van de oorspronkelijke bewoners op goede gronden eerder 'ontmoeting' of zelfs 'invasie' kan worden genoemd, nog afgezien van het feit dat eerder in de geschiedenis Vikingen Amerika aandeden.en de Portugees Cabral in 1423 in Brazilie landde - AL corr In het themapaviljoen over de 15e eeuw in het gerestaureerde klooster proberen de organisatoren een euiristische kijk te vermijden door eveneens aandacht aan het pre-columbiaanse Amerika, de islamitische wereld en het Verre Oosten voor 1500 te besteden. Hoe de Spaanse organisatoren de beladen geschiedenis van hun land met Amerika zullen uitbeelden, waaronder de in veel gevallen letterlijke decimatie van de autochtone bevolking in de eerste eeuw na 1492, kan pas na de inrichting van de paviljoens worden beoordeeld.

In ieder geval besteedt de Expo geen aandacht aan de twee gebeurtenissen in het Spanje van 1492 die voorafgingen aan de reis van admiraal Columbus en er volgens historici niet van los gezien kunnen worden: de inname van Granada als de laatste moslim-staat in Spanje en de verdrijving van de joden. Sevilla kende de wreedste inquisitie van Spanje. De verdrijving van de joden wordt dit jaar wel door het comite Seferad '92 (Sefarad is de Hebreewse naam voor Spanje) op tentoonstellingen en een congres in Toledo herdacht.

Als de Expo in dit historisch gecompliceerde en pijnlijke mijnenveld iets van een boodschap uitdraagt, is die rijkelijk vaag: de wens tot een nieuwe universele harmonie die alle tegenstellingen overwint, zoals de Spaanse luchtvaartmaatschappij Iberia deze maand in haar magazine vroom laat weten.

Het thema dat veel landen in hun paviljoen uitdragen, sluit daarbij aan. De nadruk wordt gelegd op algemeen menselijke waarden, de relatie tussen mens en milieu in verleden en toekomst. De grootste exporteurs van techniek en vernuft, Japan en Duitsland, willen af van het beeld van veroveraars van de wereldmarkt van auto's, machines en elektronica. Het sterkst is dit het geval bij Japan. De architect Tadao Ando ontwierp een reusachtig gesloten paviloen van Afrikaans hardhout, het grootste houten gebouw ter wereld. Het is gebaseerd op een traditioneel Japans huis en heeft iets van een ark. De vraag of dit Japans reputatie als oerwoudvernietiger moet onderstrepen, ontmoet een beleefd ontkennende glimlach bij het aanwezige delegatielid. Op de vier verdiepingen wordt aan de hand van het begrip 'kinary' (natuur) de Japanse geschiedenis en traditie op verscheidene tentoonstellingen beklemtoond.

Opener en toegankelijker oogt het Duitse paviljoen, dat samen met dat van de Britten haaks staat op de Avenida de Europa, de straat van de EG-landen. Boven het paviljoen 'zweeft' een ellipsvormig dak. Daaronder bevinden zich een agora voor voorstellingen en een aan een zijde 'open' tentoonstellingsruimte, die is afgeschermd door een stalen netwerk waarop transparante kunststofplaten zijn bevestigd. Het gebouw weerspiegelt Duitslands welvaart en aanwezigheid in de wereld, maar heeft niets patserigs. De jongste Duitse geschiedenis is aanwezig in de vorm van een stuk Berlijnse muur, dat in de grond wegzinkt. De Duitsers beloven op kunstzinnige wijze aandacht te besteden aan het leven in de stad, de relatie tussen mens en natuur en uitvindingen en ontdekkingen, in het bijzonder 'de droom van het vliegen'.

Martin Visser, hoofdopzichter van een Rotterdams installatiebedrijf, geeft een rondleiding door het Nederlandse paviljoen, dat klaar is en wacht op de inrichting. Het ontwerp van Peter Trimp, Fred Temme, Moshe Zwarts en Rein Jansma wordt betreden via een houten loopbrug over het water rond het gebouw. "Als het aan mij ligt komen er eenden in het water" , zegt Visser. Dank zij de transparante gevels van kunstvezel heeft het gebouw een licht en open karakter, maar erg gewaagd is het ontwerp vergeleken met andere paviljoens "verscheidene ExpoGENOTEN" kan slechts op personen slaan - AL corrniet. In de

ijd tegen de temperatuur, die hier de komende zomer tot boven de 40 graden kan oplopen, worden de kunstvezelwanden besproeid, waardoor warmte aan het gebouw wordt onttrokken. "Maar dan moet het wel waaien" , zegt Visser. In de presentatie van Nederland ontbreken diepzinnigheden als bij de Duitsers en Japanners. Bezoekers leren Nederland kennen als exportland, dat goed is in water, landbouw en industrie, transport, toerisme en kunst. "Per produktschap kun je op drie units via CD-I's je kennis van achtereenvolgens pluimvee, zuivel, vlees, akkerbouw, groente en fruit, margarine, vetten en olien vergroten" , meldt de Nieuwsbrief van de Stichting Holland-Sevilla 1992 weinig prozasch. CD-I is de nieuwe interactieve compact-disc van Philips. In roltrap-tunnels tussen de verdiepingen krijgt de bezoeker het Nederlandse water, de dienstverlening en cultuur gedemonstreerd. De bovenste verdieping lijkt nu nog op een lege parkeergarage, maar zal straks werk van vormgevers en van Rembrandt, Van Gogh en Mondriaan bevatten, evenals de World Press Photowonderlijk, het laatste; of gaat het om een of meer winnende Nederlandse foto's?; dan ook zo formuleren - AL corr. Na afloop gaat het gebouw naar Alphen aan de Rijn als onderkomen voor een archeologisch themapark. En dan is er levende cultuur. In het paviljoen en in theaters op Cartuja en in de stad spelen het Concertgebouworkest, de Toneelgroep Amsterdam en DOGtroep, om een greep te doen. In totaal zullen in Sevilla 50 000 voorstellingen worden gegeven, van Jose Carreras tot straatzangers en van Peter Brook tot Dire Straits.

Het gedegen Amerikaanse blad The New Republic noemt het paviljoen van de Verenigde Staten "een mikpunt van spotternij" . Volgens een Amerikaans architectuurblad laat het "een vermoeide natie met weinig belangstelling voor de rest van de wereld" zien en de Spaanse pers schrijft over "de grote teleurstelling van de Expo" . Het land dat een jaar geleden de wereld versteld deed staan van zijn politieke en militaire vermogen, presenteert zich in Sevilla in twee oude koepels van vinyl, die sinds 1967 al op tal van exposities zijn gebruikt. In de ene koepel komt een kopie van de Bill of Rights, in de ander presenteert American Motors zich en de VIP-room is van Coca-Cola. Een commissie van het Congres blokkeerde twee jaar geleden overheidsgeld voor het paviljoen met het argument dat het bedrijfsleven zijn weg naar Sevilla wel zou weten te vinden. Dat bleek een misvatting. In het Amerikaanse consulaat in Sevilla vertelt de directeur van het paviljoen, Frederic Bush (geen familie), dat hij meer dan 300 bedrijven bezocht, maar tot zijn verbazing merkte dat de bedrijven hun produkten niet als 'made in the USA' aan de man willen brengen, omdat dat niet meer het imago van kwaliteit heeft.

"Bedrijven als Rank Xerox en IBM willen als wereld-bedrijven en niet als Amerikaans worden gezien" , zegt Bush. Bush vindt dat de critici hun oordeel tot 20 april moeten opschorten en haalt trots het ontwerp voor een 40 meter brede wandschildering te voorschijn. Te zien zijn een Indiaan, een schip van Columbus en vooral de stijl van de Beatles-film Yellow Submarine. Peter Max, de tekenaar van beiden, bedient zich 25 jaar na de film nog van precies dezelfde stijl en versterkt daarmee het deja-vu-gevoel dat het paviljoen oproept.

Hoe veelzeggend voor de verschuivende verhoudingen in de wereld is het verschil in aanpak met het Japanse paviljoen, dat onder verantwoording van het machtige ministerie van internationale handel en industrie (MITI) tot stand kwam en door presidentdirecteur Akio Morita van Sony wordt geleid. Bush solliciteerde tevergeefs naar het ambassadeurschap in Luxemburg.

Carmen gaat dansengeen "d" ? - AL corr / door de straten van Sevilla / Zij heeft blonde haren / en fonkelende pupillen, dichtte Federico Garca Lorca. Sevilla, de zingende stad, de stad van de flamengo, van Carmen en Don Juan, heeft een merkwaardige relatie met de Expo, zegt de redacteur van het dagblad El Pais, Pablo Julia. Markeert de Expo Spanjes succesvolle integratie in Europa, het in zichzelf gekeerde Sevilla stond aanvankelijk uiterst gereserveerd tegenover de tentoonstelling. De Expo kwam van buiten, uit Madrid, maar - paradoxaal - werd zij genitieerd door 'Sevillianen' in Madrid met voorop premier Felipe Gonzalez. De inwoners van Sevilla keken op tegen de stijging van de huren in de stad. De toegangsprijs voor de Expo, ongeveer 75 gulden per persoon, werd vorig jaar inzet van de gemeenteraadsverkiezingen en het Expoterrein werd een dag bezet. Voor de geplande metro was het geld op, zodat er 100 miljoen gulden in de grond verdween. Maar geleidelijk heeft de stad zich met 'haar' Expo verzoend. In de bars van Santa Cruz en Triana vallen welwillende geluiden te horen nu de Sevillianen zien wat ze ervoor terugkrijgen: opgeknapte monumenten, een nieuw vliegveld en een nieuw station, een hoge-snelheidstrein met Madrid, zeven nieuwe bruggen, nieuwe snelwegen en een daling van de werkloosheid. Bovendien kreeg Sevilla de Guadalquivir terug, waar het lange tijd met de rug naartoe leefde,gescheiden door een spoorwegemplacement.

De Expo moet quitte spelen en de inkomsten zijn voor een belangrijk deel gebaseerd op de te verwachten 18 miljoen bezoekers, die elk gemiddeld twee bezoeken zullen brengen. Zullen ze alle 18 miljoen komen, gezien de forse toegangsprijs, de astronomische prijzen van hotelkamers, die vaak alleen nog in steden ver buiten de stad kunnen worden gevonden, de dreigementen van de ETA en de concurrentie van Disneyland bij Parijs,dat een week eerder opent?

Jaime Montamer, minister van financien en economie van de regionale regering van Andalusie en verantwoordelijk voor de miljardeninvesteringen in de infra-structuur, wuift de bedenkingen van de hand. Montamer, bijgenaamd 'de Andalusische Kennedy', is met zijn 45 jaar een van de oudste socialistische ministers van de grootste, maar op een na armste Spaanse regio. "Het is geen gok" , zegt Montamer. "De werkloosheid is van 33 naar ruim 23 procent gedaald en de Expo heeft Andalusie een infrastructuur gegeven die het niet had." Montamer heeft zijn hoofd al bij de afloop van het evenement. Als de Expo op 12 oktober sluit en tweederde van de gebouwen wordt afgebroken, zal Cartuja een centrum voor onderzoek en ontwikkeling worden. Grote internationale bedrijven zoals Siemens en IBM hebben zich al gemeld. De hoge-snelheidstrein tussen Madrid en Frankrijk zal er, dank zij de lijn naar Sevilla, komen als de conjunctuur in Europa weer aantrekt, aldus de zelfverzekerde Montamer. En wat de ETA betreft vertrouwt hij op de Spaanse veiligheidsdienst en de extra politie. Voor de rest, zegt de minister, zal Sevilla "een grote fiesta zijn" .

In de stilte van de tuinen van het Alcazar vervallen dergelijke wereldse beslommeringen tot nietigheden. In dit eens Moorse sprookjespaleis met zijn binnenplaatsen en zijn geheimen, zijn klaterende fonteinen en zijn sinaasappelbomen en geurende jasmijn, waan je je in een andere wereld. Wie hier geen lichte extase ondergaat, lijdt aan een zware depressie. Al-djanna, noemen moslims het paradijs: de tuin. Aangezien een goede moslim zich tijdens het aardse leven op het paradijs voorbereidt, genoten de sultans van Sevilla vast van hun aardse tuin. Na de reconquista hielden de katholieke koningen hem in ere. In 1526, tijdens Sevilla's Gouden Eeuw na de ontdekking van Amerika, hield Karel V - 'den koning van Hispanje heb ik altijd geeerd' - er zijn huwelijksfeest. Spanje was het rijk waar de zon nooit onder ging, de Armada was nog niet verslagen en de Nederlanden hielden zich nog koest. De gasten aten mais, aardappel en tomaat en andere lekkernijen van overzee, die de Guadalquivir naar de stad bracht.

Sevilla is een stad van luchtspiegelingen en uitbundigheid. Zelfs op de koude winteravond staan drommen mensen voor de bars op het Plaza del Salvador te praten en te drinken, vrouwen in bontmantels, meisjes in minirokken. De cafedichtheid behoort tot de grootste van het westelijk halfrond. De mannen lachen, de ogen van de vrouwen maken rumbapasjes. Voor de Salvador-kerk, die zich achter steigers en plastic mooi maakt voor de komende toeristenstroom, dansen meisjes in een zingende en klappende kring. Ook zonder Expo is Sevilla betoverend. De spiegeling krijgt de bezoeker te pakken en de kans is groot dat hij zich gewonnen geeft en besluit van de stad te houden.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden