Seoul stopt adoptiestroom

Van onze buitenlandredactie AMSTERDAM - De regering van Zuid-Korea wil uiterlijk in 1996 de adoptie van kinderen door buitenlanders verbieden om van het imago af te komen dat het land één grote babyfabriek is.

Het verbaast Hyang Sook Schöndorff niets dat dit Aziatische land geen kinderen meer ter adoptie wil aanbieden. “Dat was eigenlijk al een paar jaar zo. Sinds de Olympische Spelen in Seoul lieten ze eigenlijk alleen nog gehandicapten gaan. De laatste jaren zijn er maar een paar Koreaantjes naar Nederland gekomen. Een stuk of negen per jaar.”

Schöndorff, geboren in Seoul, is bestuurslid van de Nederlandse vereniging Arierang. Die vereniging behartigt de belangen van geadopteerde Koreaanse kinderen. Ze houdt het adoptiebeleid van zowel Nederland als Zuid-Korea streng in de gaten. “Al vanaf 1988 worden er voornamelijk nog Chinese kindertjes geadopteerd, meisjes die ongewenst zijn vanwege het één kind-beleid daar.”

Zelf had Schöndorff, vijfentwintig jaar oud, best ook wel een Koreaans kindje willen adopteren. Dat gaat nu niet meer. “Wel jammer”, zegt ze daarvan. “Dan maar een Chineesje. Eigenlijk maakt dat natuurlijk niet uit, als ze maar niet te oud zijn. Dan wordt het te traumatisch. Waar ze ook vandaan komen, ik wil graag een kind kunnen helpen. Ik denk dat ik heel veel geluk heb gehad, omdat ik werd geadopteerd, dat wil ik ook een ander bieden.”

Bovendien, zegt ze, is het nu ook mogelijk om een soort Foster-parents adoptie te doen. Hulp van buitenaf wordt in Zuid-Korea steeds meer geaccepteerd. In de jaren zestig, toen ze zelf werd geboren, kon dat nog niet. “En het is natuurlijk voor iedereen het beste als kinderen bij hun eigen ouders kunnen blijven.”

Weeshuis

Laura King, verslaggeefster van het persbureau Associated Press bezocht onlangs een weeshuis in Seoul. Op de onderzoekstafel ligt een, op het eerste gezicht vrolijke gezonde baby. Kinderarts Cho Byung-Kuk is blij met al die energie, maar ziet de toekomst van de tien maanden oude baby somber in.

Het is een wees en hij heeft aan de complicaties bij zijn te vroege geboorte waarschijnlijk een ontwikkelingsstoornis overgehouden. Zulke baby's zijn niet populair bij Zuidkoreaanse adoptie-ouders. Sociaal werkers zijn nu bang, als buitenlandse adoptie-ouders in 1996 wegvallen, dat veel van deze kinderen hun hele jeugd in weeshuizen en instellingen moeten doorbrengen.

Het zou ideaal zijn als een kind een thuis vindt in zijn eigen land, vindt directeur Soh Hwa-Yeong van Holt Children's Services, een groot adoptie-bureau. “Maar het baby-aanbod is veel groter dan de vraag.” Adoptie is in Zuid-Korea, waar de traditie veel nadruk legt op afstamming en de bloedlijn, veel minder sociaal geaccepteerd dan in westerse landen. Veel adoptie-ouders proberen de afkomst van hun kind zelfs voor hun familie geheim te houden, sommigen simuleren zelfs een zwangerschap. De meesten overwegen ook alleen een kind te adopteren als ze zelf geen kinderen hebben. Over het algemeen nemen ze maar een kind, om het voorbestaan van de familie-lijn te garanderen.

Vanwege het stigma op ongehuwd zwangerschap zijn er amper gevallen bekend van vrouwen die hun kind in zo'n geval willen houden. De meeste voor adoptie beschikbare baby's zijn van ongetrouwde vrouwen. Volgens dokter Cho willen aanstaande adoptie-ouders over het algemeen geen oudere kinderen of kinderen met medische problemen. Als een kind serieuze gezondheidsproblemen krijgt proberen de ouders het ook vaak terug te brengen.

De druk om een einde te maken aan de adoptie naar het buitenland begon zes jaar geleden toen de Olympische Spelen in Seoul werden gehouden. Het grote aantal baby's dat naar buitenlandse ouders ging was toen een regelmatig terugkerend onderwerp in de overzeese media. Zuidkoreaanse functionarissen schrokken en vonden dat het land werd afgeschilderd als harteloos baby-exporteur. Het jaar daarop werd een wet aangenomen die geleidelijk een eind moest maken aan adopties naar het buitenland.

“Er heerste publieke consensus dat Zuid-Korea een rijk land was geworden en dat het in staat moest zijn zelf voor zijn baby's te zorgen”, zei Song Young-yup van het ministerie van gezondheidszorg. Zij gaf toe dat men nu beseft dat dat misschien niet zo realistisch was. Song zei dat de maatregelen nog zijn herzien, maar dat er geen besluit is gevallen dat de druk van de ketel haalt.

Woestenij

De babystroom naar het buitenland begon na de Koreaanse oorlog die grote delen van het land in een woestenij veranderde en waardoor duizenden kinderen hun ouders verloren. Sinds het einde van die oorlog, in 1953, zijn meer dan honderdduizend Zuidkoreaanse kinderen door buitenlanders geadopteerd. Zo'n tweederde verdween naar de Verenigde Staten, de rest ging naar Canada en Europa. Het aantal buitenlandse adopties bereikte een hoogtepunt in 1986. Toen waren het er meer dan 8 600, vorig jaar waren het er nog maar 2 290. Volgens de overheid is de verhouding tussen binnenlandse en buitenlandse adoptie dit jaar twee op drie.

Veel sociaal werkers vinden dat Zuid-Korea adoptie in het binnenland met premies, hervormingen en voorlichting moet stimuleren en tegelijkertijd de mogelijkheid van adoptie naar het buitenland als alternatief voor moeilijk te plaatsen kinderen moet aanhouden.

Langzaam openen Zuidkoreanen hun deuren voor kinderen met speciale behoeften. Kinderarts Cho kreeg weer moed toen ze voor het eerst in tientallen jaren dat ze met wezen werkt, hoorde dat een echtpaar onlangs een baby met een misvormd armpje had geadopteerd.

De vrolijke baby die Cho onderzoekt zal waarschijnlijk in het buitenland opgroeien. Anna Johnson van Wide Horizons for Children Inc., een adoptiebureau uit Waltham in Amerika stond er bij. Haar bureau werkt al jaren in Zuid-Korea. Johnson vindt de energieke baby met zijn piekhaartjes “een schatje” en weet zeker dat ze hem kan plaatsen. Het maakt haar niet uit dat hij misschien een ontwikkelingsstoornis heeft.

Cho hoopt dat de houding van de Zuidkoreanen verandert voor de wetgeving in 1996 buitenlandse adopties helemaal verbiedt, maar ze rekent er niet op. “Je kan mensen wel vertellen dat een houding moet veranderen, maar het hart loopt niet gelijk met het hoofd.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden