Senaatsdebat over wet nabestaanden spannend

DEN HAAG - “De regering heeft zwaarwegende redenen om dit wetsvoorstel in te dienen. Verwerping ervan kan budgettaire risico's hebben, die niemand exact kan becijferen, maar die de regering onaanvaardbaar acht. Ik spreek het machtswoord niet met plezier uit. Het kan gevolgen hebben voor de verhouding met de Eerste Kamer. Maar het kabinet heeft het recht en de plicht om aan te geven dat hier een grens wordt bereikt. Het kabinet heeft een uiterst serieuze, gewetensvolle afweging gemaakt, die wel degelijk is gebaseerd op de financiële risico's.”

Het zijn woorden van Kok in de Eerste Kamer. Hij zou ze zo kunnen uitspreken tijdens het debat over de nabestaandenwet, waaraan de senaat vandaag begint. Maar ze dateren uit december 1989. Kok was nog maar koud minister van financiën (en vice-premier) in het derde kabinet-Lubbers toen hij op een onaangename manier kennismaakte met de Eerste Kamer. De senatoren dreigden een noodwetje (het ging om het uitsluiten van 65-plussers van AAW-uitkeringen) te verwerpen.

Het ging om een wetvoorstel dat staatssecretaris Ter Veld (PvdA) van sociale zaken en werkgelegenheid alleen met de grootste moeite door de Tweede Kamer had weten te loodsen. Verwerping zou het kabinet met een strop opzadelen van in het ergste geval enkele miljarden guldens. Kok moest er aan te pas komen om dat te voorkomen. Pas toen hij in de Eerste Kamer met een kabinetscrisis dreigde, schikten de senatoren zich in de plannen van het kabinet.

Zal het deze keer - maar nu met de opvolger van de algemene weduwen- en wezenwet als inzet - weer zo gaan? In elk geval zijn alle ingrediënten voor een spannend debat aanwezig. De Eerste Kamer heeft forse bezwaren tegen het wetsvoorstel en zou het liever niet aannemen. “Een rampwet”, zo betitelt D66-senator Gelderblom het werkstuk van het paarse kabinet. Verwerping ervan heeft grote financiële gevolgen: dat scheelt op termijn 1,3 miljard gulden aan bezuinigingen per jaar.

De verantwoordelijke staatssecretaris van sociale zaken en werkgelegenheid - Linschoten (VVD) - heeft nogal wat moeite gehad de Tweede Kamer mee te krijgen. En ten slotte heeft Kok, deze keer in de rol van premier, andermaal dreigende taal geuit aan het adres van de senaat.

Afgelopen weekeinde gaf Kok voor de radio een schot voor de boeg, waarin een verkapt dreigen met een kabinetscrisis viel te beluisteren. “Er zijn in het regeerakkoord een aantal afspraken gemaakt die vitaal - letterlijk vitaal - zijn voor het voortbestaan van het kabinet. Als daar door de Tweede Kamer of de Eerste Kamer gaten in worden geschoten, kan het kabinet zijn werk niet meer volwaardig doen.”

“We hebben destijd het compromis gesloten dat, als de nabestaandenwet wordt hervormd, andere drastische ingrepen in de sociale zekerheid achterwege kunnen blijven. In dat compromis mogen geen gaten worden geschoten. Daar kan het kabinet niet ongeïnteresseerd tegen aan kijken. Daar hecht het kabinet zeer aan.”

Het is niet voor niets dat het kabinet grijpt naar maximale drukmiddelen om de Eerste Kamer in het gareel te krijgen. De politieke en financiële belangen zijn groot, en het verzet tegen de nieuwe nabestaandenwet in de senaat is hardnekkig. De bezwaren zitten diep. En de Eerste Kamer vindt dat de afgelopen jaren al te vaak wetsvoorstellen bij haar zijn ingediend, die niet door de beugel konden: de nieuwe WAO-wet, de prestatiebeurs, het plan-Simons voor de ziektekostenverzekering, de herziening van de vreemdelingenwet. Meestal ging de senaat na zware politieke druk wel overstag.

De Eerste Kamer zei in 1993 echter nee tegen een minder vergaand voorstel van het vorige kabinet (CDA/PvdA) voor een algemene nabestaandenwet. Het nieuwe kabinet, dat steunt op de fracties van PvdA, VVD en D66, heeft dat voorstel ingetrokken en een eigen wetsvoorstel ingediend. Maar ook voor dat plan geldt, dat het volgens de Eerste Kamer niet voldoet aan eisen van deugdelijke wetgeving.

De strekking van die wet is dat het aantal mensen dat recht heeft op een uitkering na het overlijden van de partner sterk wordt beperkt. Uitgangspunt is dat alleen die nabestaanden nog recht hebben op een uitkering van wie mag worden verwacht dat zij niet zelf (volledig) in hun onderhoud kunnen voorzien. Volgens de nieuwe wet krijgen weduwen en weduwnaars alleen nog een nabestaandenuitkering als ze kinderen jonger dan 18 jaar verzorgen, arbeidsongeschikt zijn of zijn geboren voor 1950. Bij het toekennen van de uitkering wordt voortaan rekening gehouden met het inkomen. Dat geldt ook voor mensen die nu al een uitkering krijgen op grond van de AWW.

De Tweede Kamer heeft - onder aanvoering van de grootste fractie, de PvdA - al een reeks wijzigingen aangebracht om de scherpste kantjes er af te halen. Maar de Eerste Kamer gaan die aanpassingen lang niet ver genoeg. Alle fracties vinden dat het wetsvoorstel geen recht doet aan wat de senaat in februari van dit jaar stellig heeft uitgesproken: bij wijzigingen in de sociale zekerheid moeten de rechten van degenen die al zijn aangewezen op een uitkering worden geëerbiedigd.

De senaat wil in elk geval twee punten gewijzigd zien, ook al hebben de leden van de Eerste Kamer formeel niet het recht om wijzigingsvoorstellen in te dienen. Allereerst moeten ook weduwen en weduwnaars, die een arbeidsongeschiktheidsuitkering hebben, in aanmerking kunnen komen voor een nabestaandenuitkering. Het kabinet vindt dat de twee uitkeringen niet naast elkaar kunnen worden verstrekt. Maar de Eerste Kamer stelt zich op het standpunt dat het gaat om uitkeringen van een geheel verschillende aard. Als arbeidsongeschikten ook een nabestaandenuitkering krijgen wordt ook bij hen, net als bij werkenden, rekening gehouden met (een deel van) het inkomen.

Verder wil de senaat dat er een uitkering komt voor mensen die een partner verliezen en onder het regime van de nieuwe nabestaandenwet geen uitkering krijgen. Te denken valt aan weduwen die geen eigen inkomsten hebben, jonger zijn dan 45 jaar en geen kinderen hebben onder de 18. De Eerste Kamer wil voorkomen dat zij direct na het overlijden van de partner de gang naar de bijstand moeten maken en wil deze mensen in elk geval nog enige maanden een 'overlijdensuitkering' geven.

Als het kabinet deze wensen nu al zou willen inwilligen - de signalen wijzen totnogtoe eerder op het tegendeel - dan doet zich het probleem voor dat dat niet tijdens het debat met de senaat kan worden geregeld. De enige weg om de Eerste Kamer zekerheid te bieden is dan het indienen van een nieuw wetvoorstel. Dat moet dan echter ook eerst weer langs de Tweede Kamer. De beoogde invoeringsdatum, 1 april 1996, zou dan wel eens in gevaar kunnen komen en daarmee de ingeboekte besparingen.

Een uitweg die dat probleem ondervangt, is dat het kabinet belooft de ontwikkelingen, als de wet eenmaal is ingegaan, op de voet te volgen en in geval van schrijnende gevallen met reparatiewetgeving te komen. Maar al te ruimhartig kan het daarin, vanwege de beoogde bezuinigingen, niet zijn. En het is de vraag of dat voor de Eerste Kamer genoeg is.

Het kabinet moet er in elk geval rekening mee houden dat de oppositie, goed voor 31 van de 75 senaatszetels, zal tegenstemmen. De drie paarse partijen hebben in de Eerste Kamer samen 44 zetels. Een enkel fractielid mag uit de boot vallen. Maar als zelfs maar de kleinste coalitiepartij, D66, zeven zetels, besluit en bloc tegen te stemmen, krijgt het kabinet net geen meerderheid. Dan resten 37 stemmen vóór, één te weinig.

De vraag is of Kok dan zijn dreigende taal zal omzetten in daden. Maar ook als hij dat achterwege laat, zijn de problemen voor de eerste sociaal-democratische premier sinds twintig jaar fors. Als het niet lukt om de in het regeerakkoord afgesproken bezuinigingen op de sociale zekerheid te realiseren - medio volgend jaar wordt de balans opgemaakt - moet Kok er rekening mee houden dat van de kant van de VVD de hoogte en duur van de sociale uitkeringen ter discussie zullen worden gesteld om het geld langs die weg binnen te halen.

Het PvdA-Tweede-Kamerlid Adelmund, ook nog vice-voorzitter van haar fractie, heeft onlangs al laten weten dat het wat haar betreft dan over is met paars. Met andere woorden: als Kok het kabinet niet opblaast, in het geval de Eerste Kamer de nabestaandenwet verwerpt, doen zijn geestverwanten in de Tweede Kamer het wel. Over een half jaar.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden