Seksverslaving ontstaat vaak in eenzaamheid

Cruciaal is dat de man leert wezenlijk anders met seks om te gaan. ( (de man op de foto speelt geen rol in het verhaal)) Beeld
Cruciaal is dat de man leert wezenlijk anders met seks om te gaan. ( (de man op de foto speelt geen rol in het verhaal))

Help, mijn man is verslaafd aan seks op internet. Niet iedere relatietherapeut kan uit de voeten met dit groeiende probleem. „De-dramatiseren, dat is belangrijk.”

Edwin Kreulen

’Seksverslaving’ is een term die terrein wint. Verslavingsklinieken storten zich erop en ook de reguliere GGZ biedt behandeling aan.

Je zou zeggen dat therapeut en onderzoeker Gertjan van Zessen – al ruim een kwart eeuw gespecialiseerd in dwangmatig seksueel gedrag – daar dolblij mee is. Maar dat valt tegen. „Eigenlijk is dit geen verslaving in de traditionele zin, waarbij je duidelijke lichamelijke effecten ziet. Je moet het dus ook niet zo behandelen, met een afkickperiode bijvoorbeeld. Een ander verschil is dat seksverslaving doorgaans ontstaat in eenzaamheid, terwijl alcoholverslaving vaak sociaal is.”

Vandaag schoolt Van Zessen – hij heeft eigen praktijken in Breukelen en Lunteren – medewerkers van GGZ Drenthe bij: over problematisch pornogebruik tijdens een relatietherapie. „Het is al verbeterd, maar veel therapeuten zijn nog bang om er de vingers aan te branden.”

„Ik krijg steeds vaker de vraag van hulpverleners: hoe moeten we hiermee omgaan”, bevestigt Hannie van Rijsingen. De seksuologe uit Lelystad schreef een boek over de aanpak van seksverslaving. „Vaak wordt pornogebruik genegeerd, ook tijdens therapie. Zo van: het moet kunnen. Maar het kan schadelijker zijn dan het lijkt, voor de man en voor het zelfbeeld van de vrouw. En vergeet niet: vaak sites bezoeken leidt nogal eens tot chatten en webcamgebruik.”

Wat moet de relatietherapeut dan doen? „Eerst maar eens goed laten praten”, zegt Van Zessen. „Er is vaak al veel aan voorafgegaan en het probleem is loodzwaar geworden.”

Daarna: ’de-dramatiseren’. „Ontrafelen wat nou precies het probleem is en vaststellen dat het best wel op te lossen is.” Van Zessen beschouwt internetporno op zich niet als problematisch. „Heel veel mensen maken er gebruik van, ook vrouwen, en vaak is het geen onderwerp in relaties.” Twee derde van de mannen en een kwart van de vrouwen kijkt naar erotische films op dvd of internet.

Toch kunnen de gevolgen ernstig zijn, zeker binnen relaties. „Bij de mannen die bij mij komen zie je vaak dat ze door het surfen naar porno andere zaken gaan verwaarlozen: hun relatie, kinderen, hun eigen gezondheid, hobby’s zoals sporten. Ze kunnen niet meer kiezen om ermee te stoppen.” Hoe lang iemand achter de computer zit, maakt niet uit in de ogen van Van Zessen. „Zelfs van een halfuurtje per week kan een leven behoorlijk ontwricht raken.”

Van Zessen is ervan overtuigd dat het werkelijke probleem zit in de persoonlijkheid van de ’dader’. „Met alleen afzweren van gedrag, zoals je in christelijke hulpverlening nogal eens tegenkomt, schiet je niets op. Het gaat meestal om mensen met een heel lage zelfwaardering. Men voelt zich niet geliefd, men heeft het zoeken naar seks nodig als zelfbevestiging.”

De pornosurfer als slachtoffer, en niet als dader? Daar wil Van Zessen ook niet aan. „Ik ga niet in hun verleden zitten wroeten en zeggen dat het zo erg is dat ze vroeger weinig aandacht kregen. Want dat is de wens van elke verslaafde: veel praten, maar het gedrag niet veranderen. Dat zal juist wel moeten gebeuren.”

Een ’gewone internetverslaving’ is volgens Van Zessen met vijf tot tien sessies wel aan te pakken. Komt er meer bij kijken, zoals psychiatrische problemen, dan duurt het langer. Hij betrekt de partners – ofwel vrouwen, bij de overgrote meerderheid van zijn cliënten is de man de surfer – zoveel mogelijk bij de gesprekken. „Bij veel vrouwen gaat het nog niet eens om de seks, maar om het feit dat de man heeft gelogen. Ze zijn boos en het vertrouwen is weg. Dus ook al verandert de man zijn gedrag, de relatie is daarmee nog niet uit de problemen.”

Bovendien vraagt de vrouw zich vaak af: ben ik nog wel aantrekkelijk? Van Zessen: „Het valt mij op dat vrouwen soms wel erg veel koppelen aan dat gedrag van hun man. Soms denk ik wel: zo erg is dat ook weer niet. Maar dat zeg ik niet, ik wil daar niet over oordelen.”

Seksuologe Van Rijsingen hanteert dezelfde aanpak: „Je kunt wel zeggen dat de vrouw minder eigenwaarde moet halen uit haar uiterlijk, maar dat zit er echt te diep in om effect te hebben.” De echte oplossing zit volgens haar toch aan de andere kant. „Cruciaal is dat de man leert om wezenlijk anders met seks om te gaan.”

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden