Seks, drugs, rock-’n-roll en eeuwig verlangen

(Jörgen Caris, Trouw)

In de popmuziek gaat de hemel al heel wat generaties mee. Vaak staat die hemel voor een ontembaar verlangen naar liefde, vrijheid en een eeuwig (jong) leven. Dat geldt voor zowel de popmuzikanten zelf als hun luisteraars.

’Voor een droom is geen hemel te hoog’, zingt Ramses Shaffy op zijn nog maar pas verschenen ’Onmogelijke droom’ (van het album ’Laat me’, 2009, zie kader). En zo is het: zolang er mensen zijn zal er gedroomd en gezongen worden van een betere wereld zonder pijn, dood en verlies.

In zijn studie ’Een nieuwe hemel en een nieuwe aarde’ (1961) heeft godsdienstsocioloog Fokke Sierksma (1917-1977) aan de hand van een vergelijking tussen christelijke en andere eschatologische opvattingen (van onder anderen indianen in Noord-Amerika en Polynesiërs in de Stille Zuidzee) laten zien hoe de hemel het ideale witte doek is waarop wij onze eigen verwachtingen over ons persoonlijk geluk of de ideale maatschappij projecteren.

Eerst dat geluk maar. Dromend over de verwezenlijking van een onbereikbare liefde combineert de Canadese Joni Mitchell in ’At Last’ (’Both Sides Now’, 2000) subtiel de begrippen ’blauwe luchten’ en ’hemel’: At last, the skies above are blue / My heart’s wrapped up in clover / Every since the night I looked at you / I found a dream that I could speak to And now we are in heaven / I found my love at last.

Zij is niet de enige. Talloze zangers en zangeressen verbinden een ontembaar verlangen naar persoonlijk geluk met het hemelse. Denk aan Bryan Adams (And love is all that I need / And I found it there in your heart / It isn’t hard to see / We’re in Heaven, 1984) en Oasis met ’Live Forever’ (’Definitely Maybe’,1994).

Allemaal zoeken ze het hogerop, met als klap op de vuurpijl Jason Lytle van de inmiddels opgeheven band Grandaddy: So you’ll aim toward the sky / And you’ll rise high today / Fly away, far away / Far from pain (’The Sophtware Slump’, 2000). IJler kan niet.

Een ontembaar verlangen naar liefde, vrijheid en een eeuwig (jong) leven. Als de uitdrukkingsvorm van onze moderne westerse samenleving is de popmuziek ervan doordrenkt, van een romantisch individualisme waarin de nadruk is komen te liggen op ’een gevoel dat groter is dan het alledaagse’, zoals Stine Jensen laat zien in haar studie ’De verlangenmachine, Vrouwen in de popmuziek’ (2001).

Dan die betere wereld. Met name in de jaren zestig is daar volop van gedroomd. Niet voor niets heeft Melanie een grote hit met ’Peace Will Come’ (1970) en schildert Donovan zijn hemel in de zee van het verdronken rijk ’Atlantis’ (1969). Donovans droom voert terug tot een lang vervlogen verleden. In een wereld die beheerst wordt door onpersoonlijke technische en industriële processen, grijpen de hippies terug naar een gesublimeerde boerensamenleving waar alle symbolen van technische vooruitgang afwezig zijn.

Daartegenover vinden we grappig genoeg niet veel later het futuristische ideaalbeeld van de Amerikaanse zanger en gitarist Todd Rundgren.

De akoestische gitaren van de folk zijn door hem vervangen door gierende stratocasters en het platteland is een stad van de toekomst geworden – een eigentijdse voorstelling van Thomas More’s ’Utopia’: City in my head / Utopia / Heaven in my body’.

Een bijzondere plaats is weggelegd voor John Lennon (1940-1980). Het aardige van zijn credo (’Imagine!’) is dat hij de aandacht niet alleen verlegt van de droom naar de daad, maar ook van het vroeger of later naar het heden. Stel je voor, zingt hij, dat we eens ophouden met dat oeverloze verlangen, dan kunnen we samen eindelijk eens echt beginnen met de bouw aan een nieuwe wereld. Hier en nu, want een betere wereld begint bij jezelf.

Hoewel Lennon de christenheid schokte door met de hemel meteen ook maar God en alle religie af te schaffen, had hij bijbels gezien een punt: niet de nieuwe hemel, maar de nieuwe aarde verdient alle aandacht. In dat licht krijgt Lennon bijval van de Amerikaanse door de punk beïnvloede zangeres Patti Smith. Zij gebruikt in haar visioen op het door de mensen zelf te bouwen vredesrijk een beeld uit Jesaja, als zij in ’Peacable Kingdom’ (Trampin’, 2004) lam en leeuw samen laat grazen.

Juist omdat de wereld maakbaar leek, dachten politici als Joop den Uyl en wetenschappers als Sierksma in navolging van Lennon dat het messianisme zijn langste tijd gehad had. „Het zou van realisme getuigen”, schreef de laatste, al was het maar omdat organisaties als „vakbonden en de Verenigde Naties het wereldproletariaat zou helpen opheffen”.

Maar hoeveel wij ook willen of kunnen, sommige dingen kunnen we nu eenmaal niet laten. Dus volgde een andere, veelkleurige, generatie die het romantische verlangen naar God en de hemel weer nieuw leven in zou blazen. Met name de Engelse zangeres PJ Harvey (1969) en de Australische zanger Nick Cave (1957) hopen vurig dat de hemel, die voor Bob Dylan en ook Boudewijn de Groot (getuige zijn ’Achter de hemelpoort’) gesloten bleek, ooit iets van Gods geheimen prijs zal geven. Zo smeekt PJ Harvey in ’The Dancer’ (’To Bring You My Love’, 1995) letterlijk om een hemels teken (Cause I’ve cried days / I’ve cried nights for the Lord just to send me up some sign), terwijl Cave de hemel rechtstreeks met het Koninkrijk van God verbindt in ’New Morning’ (’Tender Prey’, 1988) en ’There Is A Kingdom’ (’The Boatman’s Call’, 1997).

Ook Michael Jackson doet dit. In ’HIStory’ (’Blood On The Dance Floor’, 1997) brengt hij het einde der tijden in verband met een goddelijke koning die vrede zal stichten.

Hoe dat rijk er verder uitziet, wordt, op grond van Openbaringen, ook bezongen. Met name in de gospel. De stad krijgt niet alleen een naam als Mahalia Jackson swingend ’Walkin’ in Jerusalem’ zingt, maar met The Staple Sisters (‘Twelve Gates To The City’) ook twaalf poorten. Dylan heeft het beeld voltooid in ’City of Gold’ (’Saved’, 1980). In de vertaling van Bindervoet en Henkes uit 2006 levert hij de stad zo aan ons over:

Er is een luwte van licht

Met verlichte straten op de hemelen gericht

Glorie zij God – maar niet door macht of plicht

Is er een luwte van licht.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden