Review

SEIZOENEN OP OOSTERHOUW

'Seizoenen op Oosterhouw' van C. O. Jellema is te bestellen door ¿ 24,95 (inclusief verzendkosten) over te maken naar postbankrekening 911 33 ten name van Trouw Amsterdam onder vermelding van 'Seizoenen'.

“Je zou aandachtig willen zijn,” vervolgt Jellema in 'Lentetuin', “zo intens, dat je in de beschouwing van een enkele bloemkelk, van zeg maar de mooiste witte narcis, die Pheasants eye heet, narcissus poeticus, de vervulling ziet van jouw eigen levensverwachting, het waartoe van der dingen aanwezigheid, Gezelles zin. Je weet dat zoiets bestaat, anderen schreven erover, je mist het zintuig, het mystieke talent.”

Dat schrijft de dichter die aan zijn verzamelde gedichten - Gedichten, oden, sonnetten - een motto meegaf van de mysticus Meister Eckhart: 'Wêre es also in disem lebenne, daz wir einen spiegel vor uns hêten alle zît, in deme wir in eime ougenblicke alliu dinc sêhen und bekanten in einem bilde, so enwêre uns wûrken noch wizzen kein hindernûsse.' (Zou het in dit leven zo zijn, dat wij altijd een spiegel voor ons zouden hebben, waarin wij in één ogenblik en met één oogopslag alle dingen zouden zien en kennen in één beeld, dan zou ons handelen noch ons weten een hindernis voor ons zijn.)

En dan beschrijft Jellema met al zijn zintuigen en talenten de winteriris, Iris reticulata, 'het hemelste blauw', de treurbeuk, 'boven in de treurbeuk huizen jaar in jaar uit de gepluimoorde ransuilen', de aalbessen en het aalbessenlied, de koplampen van de gonzende combines, de merel en de honden, het roppen van de fazantehaan, met dat 'gezichtje van verwijt, met halfgeloken ogen'. Hij loopt door de tuin, bukt en knielt. In de herft merkt hij dat 'de tuin, alles in de tuin, jou heeft losgelaten', in de zomer ligt hij op zijn rug onder de kastanje: “Vreemd, dat je altijd weer probeert het moment te betrappen op wat het werkelijk is, en op die manier eraan voorbij leeft wellicht - om het je later te herinneren als een gemis. En zo val je, soezerig van het turen naar dat lichtspel tussen de bladeren boven je, gemakkelijk onder de boom in slaap.”

Enkele jaren geleden schreef de criticus Maarten van Buuren: “Jellema is de laatste tijd inzet geweest van een pittige discussie over poëzie. Er is hem voor de voeten geworpen dat hij niet verder zou kijken dan de heg om zijn tuin, dat zijn poëzie zoiets zou zijn als het snoeien van buxusboompjes en het aanharken van het pad: een kleine wereld waarin de volheid van het leven node wordt gemist. Die beschuldiging snijdt geen hout. Het tegendeel lijkt me eerder het geval. De mystici wisten al dat het onzegbare alleen gesuggereerd kon worden door beelden die ze in hun nabije omgeving waarnamen.”

Dat was precies de reden waarom de redactie van Trouw aan de dichter vroeg zijn tuin te beschrijven. Het werden vier poèmes en prose - wintertuin, lentetuin, zomertuin, herfsttuin: 'Seizoenen op Oosterhouw'.

“Dit huis heet 'Oosterhouw', naar een wierde iets verderop, De Houw, waar het ten oosten van ligt.” Het ligt aan de weg die leidt naar het einde van het alfabet, de weg van Winsum naar Zoutkamp. “Voor iemand die niet aan deze weg woont, maar bijvoorbeeld in Aswan of Benares, zou de gedachte aan Zoutkamp als eindbestemming een volstrekt absurde, misschien zelfs een beangstigende zijn. Op het moment dat je dat denkt kun je je niet goed voorstellen dat je hier woont, aan deze weg, zo toevallig is dat.” Het is een prachtige weg.

'Weet nu wel, dat ik Akka van Kebnekaise ben.'

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden