Seirawans zoektocht naar medicijn voor de schaakwereld

De blik glijdt over het krantenartikel uit 1993. Jasser Seirawan lacht als hij de foto ziet. ,,Daar zijn inmiddels tien kilo bij gekomen'', zegt de Amerikaanse schaakgrootmeester met zelfspot.

Het meegenomen Trouw-interview handelt over de WK-match tusssen Jan Timman en Anatoli Karpov. Seirawan was destijds Timmans secondant en een vurig bestrijder van de rebellie die Gary Kasparov en Nigel Short met hun alternatieve, solistische bondje PCA pleegden. ,,Het leven was toen een stuk overzichtelijker: je had de Fide en er waren twee schurken.''

Wie Seirawan in 2001 tegen het lijf loopt, krijgt een compleet ander verhaal te horen. Zijn afkeer van de Fide (en voorzitter Kirsan Iljoemzjinov) is zo groot geworden, dat hij weigert in de toernooien van de wereldbond uit te komen. En als Seirawan in de straten van Wijk aan Zee Kasparov tegen het lijf loopt, wordt er hartelijk gegroet. Hoe kan iemand in nog geen acht jaar tijd 180 graden van mening veranderen? Zelf schuift hij twee belangrijke elementen naar voren: de dramatische bestuurlijke ontwikkelingen bij de wereldbond en zijn curieuze relatie met Kasparov.

,,Mijn relatie met Gary, die al dateert van 1980, is er altijd een geweest van extremen. Kasparov en Bessel Kok waren de initiatoren van de GMA, de vakbond voor schaakgrootmeesters. Het waren de gouden jaren, schakers hadden het relatief goed. Toen al leidde het karakter van Gary tot strubbelingen. Hij staat je niet toe een andere mening te hebben. Je moet op zijn lijn zitten.''

,,Gary zag de GMA uitsluitend als een tegenwicht tegen de Fide en hij gebruikte de GMA om zijn persoonlijke doelen te verwezenlijken. Gary was uit op de vernietiging van de Fide. Hij is mij nu ook dankbaar dat ik met de Fide heb gebroken. De werkelijkheid is dat wij om heel verschillende redenen de Fide de rug hebben toegekeerd. Kasparov had een persoonlijk conflict met voorzitter Campomanes, ik heb een afkeer van de huidige politiek van Iljoemzjinov. Hij gaat te ver.''

Het ergste is dat de Fide zich durft te presenteren als een democratische organisatie. 'Wij werken niet alleen voor de topsterren, maar voor alle schakers', zeggen ze dan, met een verwijzing naar de WK-knock-out-toernooien. Dat is een aardige presentatie, maar het is vals. In een democratie heb je het recht te stemmen. In de Fide stemt geen enkele schaker, alleen de al of niet omgekochte nationale federatie. Wij hebben een dictator, dat is het. Einde verhaal. Wil je de agenda? Vraag het Iljoemzjinov. Wil je de besluiten? Vraag het Iljoemzjinov? Het is pure dictatuur.''

,,De gevolgen zijn er naar. We zien het schaken afglijden. Ik zeg niet dat de sport in elkaar stort, maar we zien minder sponsors, minder traditionele toernooien. Kijk naar Nederland: we hadden Tilburg, VSB, Groningen, het Donner Memorial. Als je nu de directeur van een toernooi benadert om achter een toernooi te gaan staan, zegt hij: 'Waarom? Er zijn twaalf wereldkampioenen die allemaal naar elkaar schreeuwen.' Kijk naar de grote ego's van Kasparov, Karpov of Sjirov en zie hoe ze elkaar in de haren vliegen; dan wordt het meteen duidelijk dat er voorlopig veel geduld en diplomatie nodig is. Schakers zouden er goed aan doen naar boksers te kijken. Voor de match brullen ze 'ik maak hem af', om na de strijd in elkaars armen te vallen.''

,,Anand heeft nu hier op de dag van de opening gezegd dat het als Fide-kampioen niet zijn taak is sponsors te vinden. Hij vergeet gemakshalve dat de grote schakers voor hem dat wel deden. Max Euwe haalde tijdens zijn leven een massa sponsors binnen, hij was een ambassadeur, schreef honderd boeken en deed alles wat hij kon om het spel te ontwikkelen. En iemand als Kasparov zou beledigd zijn, als je hem zei: 'je hoeft alleen maar te schaken'. Hij is op dit moment een uitzondering. Het is jammer, maar spelers komen niet verder dan het spelen van hun partijen. Ze moeten gewoon hard werken om brood op de plank te krijgen.''

,,Ik zie een tweede gevaar opdoemen. Wat hier in Wijk aan Zee gebeurt is uniek. Je hebt een kroongroep, de grootmeesters B, de reservegroep en alle tienkampen daaronder. Wat je echter steeds meer ziet, zijn toernooien als in Linares en Sarajevo. Het is een reizend circus van spelers, maar je mist daar de piramidevorm, het zijn wolkenkrabbers. Het gevolg is evident: maak je deel uit van de toptien, dan zit je goed, ben je daarentegen een tophonderdspeler, dan is het knap waardeloos.''

,,Op termijn zal er toch opnieuw een vakbond moeten komen, er moet een Grand Prix-cyclus op de agenda en er moeten professionele organisatoren ingeschakeld. Schakers zijn egocentrisch. Dat is nodig: je moet winnen, dus je hebt geloof in eigen kunnen nodig. Soms echter moet je beseffen dat je groeit door deel uit te maken van een groep. Hopelijk is Kramnik zo'n man die voor afkoeling kan zorgen. Op dit moment heeft hij meer dan wie ook het recht te zeggen dat hij de wereldkampioen is. Ik denk dat de schaakwereld hem altijd heeft onderschat. Kramnik is niet gemeen, kwaad of opvliegend. Hij is eigenlijk een lieve, Russische beer. En beren houden van honing. Daarnaast is Vladimir een geweldige schaker. Hij zou best eens het medicijn kunnen zijn dat de schaakgemeenschap nodig heeft.''

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden