Sedat heeft op school een prive-chauffeur INTEGRATIE MYTYL

Leerlingen in een rolstoel en kinderen die niet met de hand, maar op een computer leren schrijven, zijn op de Rotterdamse openbare basisschool Pluspunt heel gewoon. Pluspunt heeft twintig gehandicapte leerlingen in huis van mytylschool De Brug in Rotterdam. “Het is hier net een hutspot”, vindt Gertjan (11). Een mooi project, zeggen de schooldirecties. “Maar we moeten wel uitkijken dat De Brug geen minpunt wordt.”

MAAIKE VAN HOUTEN

Gertjan kan het weten. Hij is dik bevriend met klasgenoot Sedat Koc (11), die is geboren met een open rug. Gertjan moest even wennen aan het moeizame lopen van zijn vriend en aan zijn hoge schoenen. Maar nu weet hij niet beter. En als Sedat een tijdje in een rolstoel zit, dan duwt Gertjan. “Hij is mijn prive- chauffeur.”

Op de vriendschap heeft de handicap van Sedat slechts te verwaarlozen effecten, vinden de jongens. Ze kunnen in de klas niet naast elkaar zitten, omdat Sedat anderhalve kop kleiner is dan zijn maat. Op het plein dollen ze wat minder dan andere kinderen. 't Is niet dat Sedat dat niet kan. Hij meldt trots dat hij heel sterk is in zijn armen. Hij slingert als geen ander aan de touwen, en hij kan net zo goed op zijn handen staan. “Maar buitenspelen is voor ons meestal praten over jongensonderwerpen. Computers en zo.”

Tot vorig jaar zomer zat Sedat op de openbare mytylschool De Brug. Toen Pluspunt werd gebouwd, stelde zijn moeder hem voor de keus. “Ze vroeg of ik op de gehandicaptenschool wilde blijven, of dat ik hierheen wilde. Ik vond dit leuk, en de school heeft alles vervolgens geregeld.” Samen met zeven medeleerlingen van De Brug maakte hij de overstap naar de onlangs officieel geopende basisschool, waarop vorig jaar 80 kinderen zaten. Dit leerjaar is de verhouding 20 - 215 en volgend jaar zullen van de 450 leerlingen er 36 gehandicapt zijn.

De gehandicapte leerlingen vormen nu geen aparte groepen. Ze zitten met hun niet-gehandicapte leeftijdgenoten in de klas. Soms hebben ze daarin een vaste plaats, omdat de computer waarmee ze schrijven niet een, twee, drie verzet kan worden. Soms volgen ze de les een tijdje hangend tegen een soort leunstoel met lessenaar. Wie dat nodig heeft, gaat naar fysiotherapie, ergotherapie of logopedie. “Maar dat gebeurt nooit onder rekenen of taal”, zegt directeur Bert Hoogwerf. “Op een mytylschool heeft de medische kant prioriteit. Wij geven voorrang aan het onderwijskundige deel. Dus ze gaan naar fysiotherapie op momenten dat dat onderwijskundig kan.”

De paramedici huizen op de eerste verdieping van Pluspunt, dat bouwtechnisch is aangepast aan de komst van gehandicapte leerlingen. Er zijn geen drempels, er zijn alleen schuifdeuren en bij de ingang zit een elektronische deur. Hoewel deze aanpassingen niet goedkoop waren, kon Pluspunt toch gebouwd worden zonder overschrijding van het budget. De school telt vijftien lokalen. Alle leerlingen zitten nu nog door elkaar, maar op papier zijn er twaalf bestemd voor valide kinderen, en drie voor de leerlingen van de mytylschool. Voor die laatste drie betaalt de overheid meer. Pluspunt heeft dat geld gebruikt om de voorzieningen door de hele school te spreiden.

Ook de samenstelling van het team is anders dan op een reguliere basisschool. De meesten komen wel van zo'n school, maar er zijn er ook twee afkomstig uit het mytyl-onderwijs. De leerkrachten kunnen beroep doen op een klasse-assistent, die de kinderen naar de wc brengt, of naar fysiotherapie. Een van de leerkrachten geeft geen les, maar begeleidt leerlingen die extra steun nodig hebben.

Dat kunnen ook mytylkinderen zijn. Zelf moest directeur Hoogwerf ook wennen aan de gehandicapte leerlingen. “Het is voor mezelf een leerproces geweest”, blikt hij terug. “Een kind dat in een rolstoel zit en een heerlijke babbel heeft, is makkelijk acceptabel. Maar van een kind met een slechte mondmotoriek denk je dat het cognitieve vermogen minder is. Je merkt nu hoe dat werkt, zo'n vooroordeel. Het is een hele nieuwe wereld, ook voor mij.”

Hoogwerf heeft de indruk dat zijn school in de nieuwe, keurige Rotterdamse wijk Prinsenland is geaccepteerd. Net als de nabijgelegen katholieke Montessori-basisschool en de protestant-christelijke school, groeit de openbare school als kool. De directeur van Pluspunt weet ervan dat zijn instelling onder kinderen weleens spottend 'mongolenschool' wordt genoemd. Maar voorzover hij kan bekijken heeft dat geen invloed op de aantrekkingskracht op de ouders. Als ze al bang zouden zijn dat bijvoorbeeld hun zwak presterende kind in de verdrukking komt, dan kan hij - met de hand op zijn hart - daartegenover stellen dat op Pluspunt elk kind de aandacht krijgt die het verdient.

Dat het aantal gehandicapte kinderen aan een maximum is gebonden, draagt volgens Hoogwerf bij aan het succes. Zesendertig, meer komen er niet bij. “Ik denk dat dat een voorwaarde is. De gehandicapte kinderen moeten een omvang houden die acceptabel is voor anderen.”

Zijn collega van De Brug, Rinus Witvoet, staat daar volledig achter. “Ik weet niet waar het omslagpunt ligt, maar ergens ligt de grens dat de school van een gewone school met gehandicapte kinderen, verandert in een mytylschool met gewone kinderen.”

Voor Witvoet is Pluspunt niet het hoogste ideaal. Het liefst ziet hij 'zijn' kinderen in een gewone school om de hoek, eventueel met hulp van zijn team. Dat bestaat nu ook al. Maar die vorm is nu eenmaal niet voor iedereen geschikt. “Leerlingen voor wie dat niet haalbaar is, moeten nu op de mytylschool blijven, terwijl het om andere redenen heel goed kan zijn om op een reguliere school te zitten.”

Voor Pluspunt komen, vertelt Witvoet, die kinderen in aanmerking die zich kunnen handhaven in een kinderwereld waarin niet altijd lichtzinnig wordt omgesprongen met hun handicaps. Ze moeten redelijk weerbaar en zelfstandig zijn, en daarnaast niet zoveel zorg nodig hebben dat het onderwijsprogramma in het gedrang komt.

Witvoet vindt het vervelend om te zeggen, maar het komt er op neer dat de 'lichtere gevallen' naar Pluspunt gaan, en dat op De Brug de zwaarder gehandicapte kinderen blijven. “Ze hebben meer medische en onderwijskundige zorg nodig. Dat betekent voor ons een taakverzwaring, terwijl we er niet meer formatie voor krijgen.”

In zijn team bespeurt de directeur niet louter enthousiasme voor de dependance op Pluspunt. De mytylafdeling is behoorlijk kleiner geworden en leerkrachten hebben het gevoel met de probleemkinderen te blijven zitten. “Wij zijn hartstikke blij met Pluspunt, maar we moeten wel zorgen dat wij geen school voor de achterblijvers worden”, omschrijft Witvoet de gevoelens. Veel praten en discussieren is voorlopig Witvoets strategie om de neuzen weer in een richting te krijgen. “Want onze taak blijft, voor alle kinderen een voldoende onderwijsaanbod te verzorgen.”

Volgend jaar wordt de opzet iets veranderd. De klassen bij De Brug zijn, zoals Witvoet het noemt, afgeroomd. Dat betekent dat er komend schooljaar ook kinderen naar Pluspunt gaan die, door teveel behoefte aan zorg en te weinig weerbaarheid, niet in een gewone klas kunnen, maar apart moeten zitten. Pluspunt krijgt er dus een 'mytylklas' bij. Maar dat is, vindt de directeur, nog altijd beter dan helemaal apart.

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden