Interview

SCP-directeur: 'Nog grotere inzet van mantelzorgers is niet realistisch'

Kim Putters: 'Met een onafhankelijk persoon staan cliënten sterker'. Beeld ANP

In het nieuwe zorgstelsel ziet SCP-directeur Kim Putters een belangrijke rol voor de cliëntondersteuner.

Drie jaar is Nederland onderweg naar een nieuw zorgsysteem waarbij mensen minder naar de overheid en meer naar zichzelf en elkaar moeten kijken. Waar staat Nederland in de overgang van verzorgingsstaat naar participatiemaatschappij?

Deze week publiceerde het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) een evaluatie van drie jaar hervormingen in de langdurige zorg. Kim Putters, de directeur van het SCP, vindt het eigenlijk nog wat vroeg om te zeggen waar Nederland staat "omdat we pas drie jaar bezig zijn", zegt hij. "Tegelijkertijd is de beweging van verzorgingsstaat naar participatiemaatschappij al vijftien tot twintig jaar bezig. Een aantal doelen is dichterbij gekomen. We zien dat mensen langer thuis wonen en dat de groei van de kosten afvlakt. Problemen zijn er ook. Een van de aannames onder het beleid is dat mensen meer mantelzorg gaan geven, maar mensen doen al veel. In totaal zijn er 4 miljoen mantelzorgers. Eén miljoen Nederlanders besteedt er wekelijks meer dan acht uur aan, gedurende meer dan drie maanden. Meer kan je niet zomaar verwachten. Daarom hebben we in onze evaluatie geschreven dat de overheid zich niet rijk moet rekenen en zich opnieuw moet bezinnen om te kijken of nog grotere inzet van mantelzorgers wel realistisch is."

Meer mantelzorg en vrijwilligerswerk, staat dat niet haaks op de tijdgeest van individualisering?

"Je moet onderscheid maken tussen mantelzorgers en vrijwilligers. Mantelzorg, daar rol je vaak in omdat een familielid ziek wordt of ouderdomsklachten krijgt. Veel mensen noemen het geen mantelzorg. Je zorgt gewoon voor elkaar. De betrokkenheid binnen de familie staat los van de tijdgeest en is niet verdwenen.

"Bij vrijwilligerswerk ligt dat anders. Mensen zijn best te mobiliseren, maar minder structureel. In steden met veel studenten heb je bijvoorbeeld flitsvrijwilligers. Dat zijn studenten die bereid zijn in de weekenden of avonden klusjes te doen, maar niet elke avond.

"Over het algemeen zie je dat Nederlanders het vanzelfsprekend vinden om eerst in het eigen netwerk te kijken voordat ze naar het overheidsloket stappen voor zorg. Blijkbaar heeft discussiëren over dit onderwerp ervoor gezorgd dat we het goed vinden als we voor elkaar zorgen, buiten de overheid om. Dat betekent niet dat burgers vinden dat zij de hulp helemaal zelf moeten regelen; zij zien zorg zeker ook als een taak voor de overheid."

Een pijnpunt in het nieuwe stelsel is de toegankelijkheid van zorg. U ziet een belangrijke rol voor een hulpje dat bijna niemand kent: de cliëntondersteuner.

"Dat is iemand die je helpt om je hulpvraag te formuleren en die je de weg wijst in het zorglandschap. Zo iemand is onafhankelijk, werkt dus niet voor gemeente of zorginstelling. Hulp van de cliëntondersteuner is in de wet vastgelegd. Maar zelfs hulpverleners weten vaak niet van het bestaan.

"Als je zorg wilt, praat je met de gemeente en bijvoorbeeld een zorgkantoor. Als je dat samen doet met een onafhankelijk persoon heb je een sterkere positie. Daar valt nog een wereld te winnen. Het begint ermee dat iedereen weet dat hij of zij de hulp van een cliëntondersteuner kan aanvragen."

Zorg begint vaak bij de zogeheten keukentafelgesprekken. De gemeente komt langs en bespreekt welke zorg iemand nodig heeft. Verlopen die gesprekken naar wens?

"De overgrote meerderheid is tevreden over de gesprekken en dat is winst. Mensen geven aan dat ze het prettig vinden dat zij hun hele verhaal kunnen vertellen. Het gaat niet alleen over steunkousen of de chronische ziekte, maar ook over kinderen die in de buurt wonen of een buurvrouw die helpt. Maar overheid, realiseer je wel dat er aan tafel machtsverschillen zijn. Er is een cliënt en er zijn mensen die indiceren en het geld verdelen. Om ervoor te zorgen dat er gelijkwaardigheid is, is de onafhankelijke cliëntondersteuning van belang. Het is belangrijk om daar werk van te maken, want door het machtsverschil ligt er ongenoegen aan de keukentafel op de loer."

Lees ook: Mantelzorg, oppassen: ook bij ouderen dreigt de burn-out

Ouderen, dat zijn niet alleen bemiddelde pensionado’s die volop van het leven genieten. Het zijn ook drukke vrijwilligers, oppasopa’s en –oma’s, en mantelzorgers die kampen met stress, of zelfs burn-out.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden