Column

Schuchter op campagne met het CDA

Romana Abels. Beeld Trouw
Romana Abels.Beeld Trouw

Politiek redacteur Romana Abels werd lid van een tiental partijen om van binnenuit de verkiezingscampagne te verslaan. Vandaag: de nieuwe generatie CDA’ers is bedeesd.

Ik loop al een tijdje mee, ook in de politieke journalistiek, en zodoende heb ik wel zo’n beetje een idee van het CDA. Mannen als Piet Hein Donner, vrouwen als Ruth Peetoom, vergaderingen. De inhoud van het CDA-tijdschrift dat ik eens in de zoveel tijd krijg, bevestigt dat beeld meestal.

Dus toen ik Sebastiaan van Triest voor het eerst ontmoette, dacht ik dat hij een uitzondering was. Van Triest is de voorzitter van de afdeling Amsterdam. Hij belde me toen ik eerder een keer geschreven had dat een CDA-lid in Amsterdam bijna niets merkt van zijn partij.

Dat kon niet waar zijn, zei Van Triest, die jong en enthousiast bleek. Hij veegde een lange blonde lok uit zijn gezicht en begon allervriendelijkst te vertellen over een prachtige Iftar-maaltijd die er was geweest, maar die ik gemist had.

Hij vertelde hoe hij zijn afdeling juist probeert weg te sturen uit dat eeuwige vergaderwezen. Hoe hij zijn achthonderd leden liever iets laat dóen. Ik beloofde plechtig dat ik de eerstvolgende keer echt zou komen, wat het hoofdstedelijk CDA ook van plan was.

Het bleek dat we een schuur gingen afbreken.

Geen spandoek, geen flyers

Het was zaterdagmiddag, het vroor en het CDA Amsterdam kwam bijeen bij een speeltuin midden in een achterstandswijk om een oude, vermolmde keet tegen de grond te werken. We droegen groene CDA-jassen, deelden met zijn tienen drie breekijzers en sjorden en trokken eerst de voorkant eruit, toen de deur, en uiteindelijk het dak eraf.

In de schuur stonden een oude koelkast en een oude hondenmand. We legden het rotte hout bij het rotte hout, de ijzeren dakbedekking apart en de hondenmand bij het plastic. Met mijn werkhandschoenen aan schudde ik zo af en toe eens de hand van een partijgenoot, meestal jonger dan ik. Omdat hij de zoon is van de voormalig minister van onderwijs, onthield ik de naam van Derk-Jan van Bijsterveldt, 28 jaar.

Verderop stonden vaders en moeders die hun dochters en zonen leerden timmeren, want de plek waar we waren is een huttenbouw-speeltuin. We spraken ze niet aan, we gaven ze geen folder. Evenmin hadden we een CDA-spandoek opgehangen. Het was anderhalve maand voor de verkiezingen.

Waarom niet? Ik weet het niet. Ik gaf me ook op om te flyeren, posters te plakken en om te bellen, maar ik hoorde niets.

Politiek actief

Wel ging ik op uitnodiging van Derk-Jan van Bijsterveldt op een middag langs bij zelfstandig wooncentrum Elisabeth Otter Knoll. Omdat uit onderzoek is gebleken dat ouderen in de stad niet weten wat ze kunnen doen, had hij een bijeenkomst georganiseerd. Het publiek leerde dat je eerst lid moet worden van de Zonnebloem voordat je op die boot mee kunt, dat het inloophuis een koor heeft en het wijkhuis filmavonden.

Het CDA was er ook. Erik van Geijn bijvoorbeeld, een CDA-deelraadslid in Amsterdam-Zuid, die gloedvol over muziek sprak. ‘Ik ben ook politiek actief’, zei hij, maar voor welke partij zei hij niet. Even daarvoor had ene Marc Haverkamp een inleiding gehouden. Dat het nodig was om ouderen bij elkaar te brengen, dat er vaak meer kan dan ze denken.

Hij werd onderbroken door een vrouw op de eerste rij. ‘Wie bent u?’, vroeg ze, ‘en waar bent u van?’. “O, ik ben van het CDA”, bloosde Haverkamp. “Ik ben zo gewend om te luisteren, dat zenden me wat minder goed afgaat.”

Dat zal het zijn. Het Amsterdamse CDA is nogal bedeesd.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden