Schouten / Zinloze gedachten

Telkens als ik langs het Rijksmuseum fiets, neem ik mij voor om eens wat meer aandacht te besteden aan de werken van Jan van Terwen, Jan ten Doem en J. Blooteling.

door Rob Schouten

Geen flauw idee wie ze waren en wat ze gemaakt hebben, maar hun namen staan onder die van vele anderen op het Rijksmuseum: weet wie wij zijn! Ja, schilders natuurlijk, of beeldhouwers, dat snap je, anders kom je daar niet te hangen. Kunsttempels die de namen van hun leveranciers uitdragen, zijn er genoeg. Ook het Concertgebouw en de Amsterdamse Stadsschouwburg trakteren hun bezoekers op de namen van hun bewoners: Grieg en Cornelis Dopper in het Concertgebouw, Pieter Langendijk in de Stadsschouwburg. Of die borden met namen erop zijn geschilderd om bij ons herkenning op te roepen dan wel om ons naar hun werken toe te drijven, weet ik niet, wel dat ze me soms beschuldigend aanstaren. Maar in het Concertgebouw of de Stadsschouwburg voel ik me toch al minder nalatig, want om daar de befaamde namen te lezen moet je minstens binnen zijn, dus je bent al bezig met bezoeken, je doet je best. Maar de namen van Nederlands beeldend puikje hangen zomaar in de buitenlucht, zichtbaar voor iedereen. Al zou je nooit een museum binnengaan, je krijgt ze toch door de strot geduwd. Inmiddels ben ik maar eens gaan kijken wie ze zijn. Jan ten Doem kon ik nergens vinden, maar Jan van Terwen is de verdietsing van Jeannin de Thérouanne, een beeldsnijder die onder meer het koorgestoelte voor de O.L. Vrouwekerk in Dordrecht heeft gemaakt, en de J. Van Blooteling zal vreemd genoeg wel voor Abraham staan, 17de-eeuws graveur van portretten en historische voorstellingen. Ik neem me voor zo het hele Rijksmuseum af te werken, maar dat zal er wel niet van komen – er is nog zoveel achterstallige kennis die ik moet aanvullen. ’Zouden meer fietsers er last van hebben?’, vraag ik me en passant af terwijl ik langs de museale hekken fiets, als een echte Amsterdammer dwars door de drommen Japanse en Amerikaanse toeristen heen die zich dagelijks verplicht komen laven aan onze geschilderde luchten en straattafereeltjes? Ook alweer van die zinloze gedachten: zouden er mensen zijn die op dit moment precies hetzelfde denken als ik, misschien in Australië; op Groenland? Zijn er meer mensen die de laatste tijd willen weten wie Abraham Blooteling was? Soms kom je toevallig achter een gedeelde belangstelling, bijvoorbeeld als je een ongewoon boek uit de bibliotheek wilt lenen met, ik noem maar wat, een titel als ’Adam en Eva en Pinocchio’, en het blijkt uitgeleend. Dat geeft wel even een solidair gevoel, maar meestal doen andere mensen ook andere dingen. Er komt iets verscheurds in me, iets onoverzichtelijks: was het toch niet makkelijker geweest als we allemaal hetzelfde deden – als schapen, allemaal bezig met gras; als mieren, werkend voor de koningin. Al dat onderscheid, gek word je er soms van. ’Alle levenswil is distinctiedrift’, schreef Carry van Bruggen. Zou dus mijn verlangen naar eenheid en gelijkvormigheid doodsdrift zijn? Zeker is dat al het vele me soms verwart – ’delirium’ noemen ze dat in de psychiatrie. Maar geen zorg: ik fiets rustig door.

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden