schouten / Oud eten

Ik weet inmiddels hoe je Armeense sesambroodjes moet maken: broodbloem, droge gist, water, olijfolie, zout, een losgeklopt ei, sesamzaad. Dat stond namelijk in de krant van 3 april, die ik op het punt stond weg te gooien.

Armeense sesambroodjes, ik moest onmiddellijk aan mijn vader denken. Niet dat die er dol op was, integendeel, ik denk niet dat hij ooit een Armeens sesambroodje heeft gegeten. Dat soort voedsel vond hij liflafjes, hoezeer het ook oogt als een soort standaardgerecht uit de Kaukasus. Hij was een liefhebber van de Hollandse pot: aardappels, groente, stukje vlees maar niet elke dag, jus. Zo ben ik ook opgevoed, met de nadruk op het laatste deel van dat woord. Ergens in mijn puberteit voltrok zich dan wel het wonder van de exotische keuken, maar daar moesten wij nog heel erg aan wennen, zoals we er ook aan moesten wennen dat je buitenshuis kon eten. Buitenshuis eten, dat was een ijsje halen bij ijssalon Veld op de Zijlweg. Jarenlang hadden de Schoutens namelijk gegeten wat er om ze heen groeide. En zo zie ik mijn opa zitten achter een enorm bord met aardappelen, en vervolgens een bord met karnemelkse pap toe. En mijn vader die van andijvie hield en raapsteeltjes, liefst door de aardappels geprakt. Het meest exotische wat ik mij kan herinneren was misschien alleen een naam: California Soep, die is pas lekker, en inderdaad, prompt dacht ik aan zon en aan vrijheid en aan ’Het Beste van Readers Digest’. Pizza’s bestonden allicht nog niet, mij is er in elk geval in mijn jeugd nooit een gevoerd, en ook de Chinese keuken stond nog in de geur van ’pinda pinda lekka lekka’. Een doodenkele keer kregen we iets dat aan bami deed denken, als mijn vader van huis was want die deed je daar geen plezier mee. Wel had je al macaroni, dat was zo ongeveer het enige Italiaanse gerecht dat mensen in Nederland aten. Macaroni werd geserveerd met een eenvoudige tomatensaus, met hier en daar wat gehakt erin. En dat was het dan voor het Italiaanse gevoel. ’s Ochtends op de radio, ergens in de buurt van de ochtendgymnastiek van Ab Goubitz met aan de vleugel Arie Snoek sprak ’de groenteman’ de Nederlandse huisvrouw toe en deed een maaltijdsuggestie: doet u eens prei mevrouw, of vanavond koolraap, lekker. Maar ergens boven ons hoofd hingen de exotische gerechten en konden elk moment losbarsten. Pizza’s, hamburgers, gevolgd door nog verder afgelegen voedsel, sjasliek, baklava, jongens vanavond gaan we fonduen. En opeens was de Nederlandse keuken internationaal. Mijn grootouders hebben het niet hoeven meemaken, die zijn nog met de piepers en yoghurt toe gestorven, mijn kinderen weten al niet beter, die bestellen sushi als ze een avond voor de televisie hangen, een pizza frutti di mare, bakje olijven. Aan dat alles moest ik denken toen ik de krant van 3 april met de sesambroodjes weggooide. En hoe mijn hoofd misschien wel veranderd is van wat ik intussen allemaal naar binnenwerkte: Ethiopische pannenkoeken, Patagoonse bevercarpaccio, Zuid-Afrikaanse Boboti. Want je bent wat je eet: wereldburger dus.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden