Schoonheid uit de tsunami

Jan Lauwereyns onderzoekt hoe een ramp een gedicht wordt

Is er ergens ter wereld een ramp, dan kun je dagenlang niet de krant opslaan of de televisie aanzetten of nieuwe feiten, foto's en achtergronden stromen je tegemoet. Afhankelijk van de omvang van de ramp (of de misstand) duurt die nieuwsstroom een week of twee, dan raakt het drama uit beeld, verdwijnt het uit het actieve geheugen.

Lezend in 'De willekeur', de nieuwe bundel van dichter, essayist en neurowetenschapper Jan Lauwereyns, komen enkele van die soms recente rampen weer boven. Meteen op een van de eerste pagina's staat eenzaam en omringd door wit het woord 'Tohoku'. Alsof het in z'n eentje stilte vraagt voor de slachtoffers van de Tohoku-aardbeving en de daarop volgende tsunami en kernramp in Japan (maart 2011). Het enige gedicht in deze afdeling laat de aanrollende zee aan het woord: "Ik kwam aan wal ik dacht/ het hele dorp gaat zwemmen." Het is een bijna gemeen gedicht, vooral omdat de zachte, kalmerende wiegeliedtoon zo schril contrasteert met het afschrikwekkende natuurgeweld.

Een afdeling verder volgen we een man die in de chaos na de ramp zijn geliefde zoekt. Deze oude man "begreep geen snars van wie gestorven waren/ waarom en hoe geen snars van wie maar blijven leven". Die willekeur als het gaat om wie mag leven en wie moet sterven, de angst voor de dood en voor het leven, probeert Lauwereyns te ontleden. Hij gaat daarvoor terug tot de zeventiende eeuw, tot John Wilmot en zijn 'A Satyr of Mankind'.

In een essayistische cyclus brengt hij Wilmot en de hedendaagse wetenschap samen, want in het tijdschrift Science ziet hij zijn lezing van de zeventiende-eeuwer bevestigd: 'angst als bron voor valse rede', 'angst als het ultieme kwaad'. Bij wijze van illustratie verschijnt opnieuw oud wereldnieuws, de martelingen in de Iraakse Abu Ghraib gevangenis, onaangenaam scherp op het netvlies.

Toch is wakker schudden niet Lauwereyns' eerste doel. Hij onderzoekt of (en hoe) schoonheid kan ontstaan uit wat lelijk is. Angst wil hij te lijf door te 'leren houden van de nachtmerrie'. Of zoals hij elders met een verwijzing naar Baudelaire schrijft: "Uit het kwaad van oorsprong ontstonden/ vormen van bloemen." In zijn zoektocht gebruikt hij behalve lyrische en essayistische verzen ook lange, meanderende gedichten en kortere verzen die direct en bondig van taal zijn. Gedichten waarin de tragedie is losgezongen van de 'geschiedenismakende gebeurtenis' en alleen nog in de woorden van het gedicht bestaat.

'De willekeur' sluit aan bij Lauwereyns' Gedichtendag-essay uit 2011, een onderzoek naar de werking van ontroering van poëzie via hart en hersenen. Proefondervindelijk en essayerend zoekt hij in deze nieuwe gedichten verder naar wegen om verstand én gevoel aan te spreken. Een onderzoek dat hier alvast een intrigerende bundel oplevert.

Jan Lauwereyns: De willekeur. De Bezige Bij, Amsterdam; 136 blz. € 18,90

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden