Schoolklas geeft weggevoerden stem

Elf gezinnen uit de Oranjestraat in Assen overleefden de Tweede Wereldoorlog niet. Leerlingen van de school dichtbij reconstrueerden de levens van die Joodse families.

Robbert gaat naar een stoffenzaak voor elf stukken glanzende stof. Een paar slagen groter dan A3, zegt Robberts geschiedenisleraar Roelof Hut. „En geen draderige stof”, tipt Esther Koops van het Herinneringscentrum Kamp Westerbork. Iedereen vindt wit een betere kleur dan zwart. De lappen komen over de lessenaars te hangen die vandaag worden onthuld in elf voortuinen aan de Oranjestraat in Assen. Op elke lessenaar staat het levensverhaal van een Joods gezin dat in het begin van de Tweede Wereldoorlog in de straat woonde. Robbert en zijn klasgenoten reconstrueerden de familiegeschiedenissen. Ook maakten zij samen een herdenkingsgedicht voor op een veldkei die permanent in de straat blijft liggen.

Woensdagmiddag bereidt de eindexamenklas vmbo geschiedenis van het dr. Nassaucollege de opening van de expositie voor. Wie noemt de zesendertig namen op van de gedeporteerden? Wat voor kleren trekken we aan? Esther Koops brengt de spanning erin: „Er komen mensen helemaal uit het westen, speciaal voor jullie. Jullie hebben het gedaan. Jullie hebben die gezinnen een stem gegeven.”

Docent Roelof Hut is blij met het project van het Herinneringscentrum Kamp Westerbork. Zijn klas heeft er twee maanden intensief aan gewerkt, zelfs in de vrije tijd. Normaal gesproken komt de Tweede Wereldoorlog alleen in de tweede kort – een week of vier – aan bod. Te weinig vindt Hut. Maar Anika (15) zegt dat ze, voor het project begon, best veel over de oorlog wist. „Alleen is het wel voor het eerst dat het zo dichtbij komt.”

Anika verdiepte zich in nummer 27. Daar woonden Izak en Deborah Behr met de kinderen Abraham en Hester en nog een huisgenoot, waarschijnlijk een zus van moeder Deborah. Terwijl moeder en de kinderen van Westerbork naar Auschwitz werden gebracht en vergast, moest vader werken aan de Moerdijkbrug, vertelt Anika. Later ging hij naar Warschau. De scholiere heeft niet kunnen achterhalen hoe vader Behr is overleden. „Warschau was geen vernietigingskamp. Misschien door het zware werk.”

Alle bewoners van de Oranjestraat, vlak achter het Nassaucollege, gaven toestemming voor een lessenaar in de tuin. Anika mocht ook binnen kijken op nummer 27, maar dat deed ze niet. „Wat zou het me opleveren?”

De klas baseerde zich voornamelijk op informatie van Westerbork en op internetbronnen.

Westerbork bleek een prachtige foto te hebben van Sientje Rozeveld en Eva Mosis, twee buurmeisjes uit de Oranjestraat. Ze werden niet ouder dan vijf. Een nog levende vriendin van Eva en Sientje schonk de foto aan het Herinneringscentrum. De leerlingen hadden met de schenkster kunnen spreken. Roelof Hut noemt het ’een gemiste kans’ dat ze dat niet deden. Alex (17) had Sientjes huis op nummer 42. Hij vond over de familie Rozeveld slechts drie regeltjes in de archieven. Waarom hij geen contact zocht met de vriendin van Sientje om nog meer van het meisje te weten te komen, weet hij niet goed. Anika wel: „Het is toch een wildvreemde. Straks zeg je iets verkeerds.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden