School voor topsporters in spe, midden in de sloppenwijk

De historische wijk Santa Teresa is met zijn oude villa's en de artiesten die zich er vestigden een van de toeristische trekpleisters van Rio. Tegelijkertijd is de buurt berucht vanwege de favela. Santa Teresa vormt zo een afspiegeling van Rio de Janeiro, waar rijkdom en armoede samen op kleine oppervlaktes een contrasterende lappendeken vormen.

Het eerste Gimnasio Experimental Olímpico (Geo), Juan Antonio Samaranch, kijkt uit op een sloppenwijk. De opleiding, waar de nadruk ligt op sport, persoonlijke expressie en 'goed burgerschap', is toegankelijk voor leerlingen uit alle bevolkingslagen. Met accent op die uit de achterstandswijken.

Inmiddels is de droom van bedenker Mauricio Pinto uitgegroeid tot drie instituten; tijdens de opening van de Olympische Spelen moet in het olympisch dorp het zesde worden geopend. In totaal kunnen dan 3000 kinderen in de leeftijd van 11-15 jaar er terecht.

Het IOC vond het zo'n goed plan, dat de merknaam 'olympisch' aan het project mocht worden gekoppeld. Pinto, ooit zaalvoetbalprofessional, had in 2006 zijn plan voor een school waarin sport en onderwijs hand in hand gaan al eens ingediend. Het werd afgeserveerd door de toenmalige burgemeester. "Een werkbezoek van een wethouder aan China bracht verandering. Zij zag daar soortgelijke scholen, en was enthousiast." Nu is Pinto, beleidsambtenaar bij de gemeente, als manager verantwoordelijk voor zijn eigen project.

Dat de Geo's fulltime scholen zijn, is in Brazilië bijzonder. Volgens Pinto wordt in Rio de Janeiro slechts op 130 van de 1074 scholen fulltime onderwijs gegeven. Het merendeel van de kinderen krijgt een halve opleiding. Pas in 2030, zo is het streven, moeten alle scholen een vol programma draaien.

Binnen het door NOC-NSF omarmde project vormt sport de hoofdmoot. De school is open van acht tot half vijf, de leerlingen krijgen er hun maaltijden en kunnen buiten de lesuren onbeperkt sporten.

De school biedt accommodatie voor judo, worstelen, atletiek, tafeltennis, zwemmen, handbal, volleybal en schaken. "Voetballen mag voor de lol, maar staat niet op het lesrooster", aldus Pinto. "Voetbal is er op andere scholen genoeg. Toch winnen wij veel schoolvoetbalcompetities."

De kinderen doen alle sporten, maar beoefenen driemaal per week hun specialisme. "Topsporter is een studierichting. Heb je het talent daarvoor niet, dan kan je voor een andere carrière in de sport kiezen: sportleraar, journalist, dokter, manager, trainer, noem maar op." Ook is er veel aandacht voor creatieve ontplooiing, van schilderen tot samba, en verantwoord omgaan met het milieu.

Toen NOC-NSF zich officieel aan het project verbond, gaf Elisabeth Willeboordse in Santa Teresa een judoclinic en toonde ze haar olympische medaille. "De kinderen hadden er een complete Hollandse week van gemaakt met foto's van Alexander en Maxima, Nederlandse vlaggen en gedichtjes", herinnert Maurits Hendriks zich.

NOC-NSF wil met uitwisseling van ervaring helpen de staf sportleerkrachten te versterken. Er komt een uitwisselingsprogramma en atleten die zich in Rio voorbereiden zullen er clinics geven.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden