Scholier scoort hoog op desinteresse

Onderwijsinspectie: Groot gebrek aan motivatie kan niet alleen aan docent of aan pubertijd liggen

Denemarken, Nieuw-Zeeland, Hongarije, Israël: kies een willekeurig (rijk) land en leerlingen zijn er gemotiveerder dan de gemiddelde Nederlandse scholier. In één op de vijf lessen in het voortgezet onderwijs zijn leerlingen met van alles bezig 'maar niet met waarvoor de les is bedoeld', constateert de Onderwijsinspectie in haar jaarlijkse onderwijsverslag.

Ze spelen met hun mobieltje, zitten te kletsen of letten simpelweg niet op, signaleren de inspecteurs. Nederlandse scholieren zijn weliswaar gelukkig op school, voor de lesstof zijn ze 'weinig gemotiveerd'.

Dat kan niet alleen met hun (puber)leeftijd te maken hebben, zegt hoofdinspecteur Annette Roeters. Leeftijdsgenoten in vrijwel alle rijke landen blijken enthousiaster als het gaat om lezen en wiskunde. Bij dat laatste vak bungelen de Nederlandse leerlingen helemaal onderaan. Gaat het over leesplezier onder tieners, dan doen alleen de Oostenrijkers dat met nog een tikkeltje meer tegenzin, blijkt uit cijfers van de Oeso, de organisatie van rijke landen.

Scholieren zelf wijzen in eerste instantie naar de leraar en de school, zegt Roeters. De lessen sluiten niet aan bij hun niveau of belevingswereld, ze hebben te weinig invloed op de lesstof of de roosters, ze krijgen te weinig feedback op opdrachten.

Deels zit daar wat in, denkt de inspectie. Driekwart van de leraren beheerst zijn vak in de basis, maar slechts één op de drie weet de lessen af te stemmen op zowel de sterke als de zwakke scholieren.

Maar volgens de inspectie is er meer aan de hand. "Tot nu toe zochten we de verklaring altijd bij de leraar: hoe gaat die te werk in de les? Maar het ligt niet alleen aan de leraar. We constateren dat de kwaliteit van de les mede wordt bepaald door de houding van de leerlingen."

Als een toets of opdracht niet voor een cijfer is, daalt de motivatie van leerlingen zienderogen, tekent de inspectie op uit de mond van een leerling. Is het dan een kwestie van mentaliteit? Zijn Nederlandse scholieren extreem kritisch, of zijn ze verwend? Dat durft hoofdinspecteur Roeters niet te beweren. Evenmin weet de inspectie of leerlingen minder enthousiast zijn dan tien jaar geleden. "We willen over dit thema in gesprek met scholen, docenten en leerlingen- en studentenorganisaties, want zij herkennen dit verschijnsel. Ik denk echt dat het mogelijk is om leerlingen in beweging te krijgen, dat ze kunnen genieten van hard werken."

Vrouwen zijn betere schoolleiders

¿ Migrantenkinderen scoren hoger op sociale vaardigheden dan autochtone kinderen.

¿ Het aandeel leerlingen dat blijft zitten op de basisschool nam af, van 19,5 naar 17,5 procent.

¿ Eindexamens havo en vwo zijn beter gemaakt dan in voorgaande jaren, vermoedelijk vanwege de strengere exameneisen.

¿ Helft mbo-opleidingen heeft onvoldoende examenkwaliteit. Vooral zelfgemaakte examens zijn vaak onder de maat.

¿ 18 procent van de hbo'ers stopt in het eerste jaar helemaal met studeren. Dat cijfer blijft stijgen.

¿ Bijna dertig procent van de studenten aan de universiteit wisselt van studie. Dat aantal neemt toe.

¿ Vrouwen zijn betere school-leiders dan mannen. 37 procent scoort bovengemiddeld goed tegenover 22 procent van de mannen.

¿ Driekwart van de 5300 jongeren die tijdelijk werden geschorst op het voortgezet onderwijs was jongen. Bron: Onderwijsverslag, Onderwijsinspectie

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden