Schoen nu richting eigen baas

Niet Israël maar Palestijnse Autoriteit doelwit van woede over economische malaise

Brandende banden in Birzeit, rotsblokken op de weg bij Nabloes en honderden schreeuwende mannen met Palestijnse vlaggen in Ramallah en Hebron. De beelden van de Westelijke Jordaanoever roepen de herinnering op van twaalf jaar geleden: het begin van de Tweede Intifada.

Toch zijn er grote verschillen. Het protest is niet alleen kleinschaliger, maar belangrijker nog: de Palestijnse woede is gericht tegen de eigen autoriteiten, niet tegen Israël.

De Palestijnse Autoriteit, die onder leiding staat van president Mahmoed Abbas, wordt door de demonstranten verantwoordelijk gehouden voor de alom aanwezige economische malaise. Bovendien is van de beloofde autonomie niets terecht gekomen. "Niemand wil die verdomde Palestijnse Autoriteit nog", zegt Joesef Daoed, econoom aan de Birzeit Universiteit. "Laat dit het einde van de twee-staten-illusie zijn. Dan maar één groot Israël, want in Israël heeft het merendeel van de bevolking tenminste een baan met een normaal inkomen."

Bij het tankstation aan de voet van de oude stad in Nabloes praat men over niets anders dan de economische problemen. President Abbas is de boosdoener en ook voor de in Amerika gepromoveerde premier Salam Fajad hebben Palestijnen geen goed woord over. De 24-jarige pompbediende Imad werkt zes dagen per week. Zijn maandsalaris: 1100 sjekel (zo'n 220 euro). "Het is net genoeg om mijn huur en eten van te betalen, meer niet", zegt hij. "Ik heb een auto, maar die gebruik ik al maanden niet, de benzine is te duur." Imad vertelt dat hij tot dusver met alle demonstraties in Nabloes meedeed. "Het zit me tot hier", zegt hij, wijzend naar de rand van zijn koffiekopje. "En dat geldt voor veel, heel veel mensen die ik ken."

Met zijn 220 euro per maand verdient Imad nog boven het Palestijnse gemiddelde: dat ligt omgerekend nog 30 euro lager. Dat het modale Israëlische inkomen meer dan tien keer zo hoog ligt, is voor velen moeilijk te verteren. Bovendien leeft één op de zes Palestijnen op de Westoever onder de armoedegrens.

Recente belastingverhogingen en de oplopende brandstofprijzen maken president Abbas en premier Fajad alleen maar impopulairder. Een liter benzine kost nu bijna 8 sjekel, zo'n 1 euro 60. "We betalen evenveel als de Israëliërs in Jeruzalem en Tel Aviv, met ons salaris is dat be- lachelijk", zegt de gepensioneerde Ahmed Chiad op het pompstation in Nabloes, terwijl hij toekijkt hoe er precies tien liter Euro95 in zijn gedeukte Honda Civic verdwijnt. "Als de Palestijnse Autoriteit een kans wil maken om aan te blijven, moeten ze het Parijs Protocol morgen nog afschaffen."

Het is een veelgehoorde leus tijdens de protesten: het Parijs Protocol moet de prullenbak in. Het verschaft Israël het recht de Palestijnse omzetbelasting te heffen, koppelt de Palestijnse brandstofprijzen aan die van Israël en stelt alle import en export onder Israëlisch toezicht.

De overeenkomst tussen Israël en de Palestijnen dateert uit 1994 en diende destijds als economische aanvulling op de vredesakkoorden van Oslo, een jaar eerder. De verdragen van Oslo en Parijs moesten binnen vijf jaar de weg plaveien voor een Palestijnse staat. Die staat is er echter nog steeds niet.

"De Palestijnse Autoriteit is het loodsmannetje van Israël geworden", zegt econoom Daoed. "Abbas en zijn kompanen waarborgen de Israëlische veiligheid, terwijl Israël ons langzamerhand afsluit met de afscheidingsmuur en totale controle houdt over onze natuurlijke bronnen en economie. Het was al een tijdje duidelijk dat de Palestijnse Autoriteit het belang van de Palestijnen niet voorop stelt, de woede daarover komt er nu uit."

In reactie op de onrust beloofde premier Fajad de prijsverhoging op benzine en diesel terug te draaien - voor zover het Parijs Protocol dat toestaat - en de salarissen van topambtenaren te verlagen. Toch lijkt hij de geest van het protest niet terug in de fles te krijgen. De vakbond van buschauffeurs kondigde opnieuw een staking aan, terwijl de minibussen het vervoersmiddel bij uitstek zijn op de Westoever. Onderwijzers sloten vorige week de scholen uit onvrede over hun lage lonen. En donderdag staakten de ambtenaren van alle ministeries omdat ze hun loon van augustus nog niet volledig hebben ontvangen.

Bij het benzinestation in Nabloes ontvouwt pompbediende Imad zijn uiteindelijke wens: "Eerst moet de Palestijnse Autoriteit weg, dat is de kleine boosdoener. En daarna moet de Israëlische bezetter opdonderen, uiteindelijk zijn zij de echte schurken."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden