Schijnvertoning haalt hulp aan derde wereld overhoop

Minister Pronk van Ontwikkelingssamenwerking enige dagen geleden: “Eigenlijk ben ik de schijnvertoning rond ontwikkelingssamenwerking zo beu. Kabinetsleden in westerse landen constateren steeds dat ze niets doen aan bijvoorbeeld de strijd in Bosnie en kijken naar ontwikkelingssamenwerking. Daar moet dan geld vandaan komen.”

Dat kan zo niet langer, constateerde de bewindsman en onder het motto 'de aanval is de beste verdediging' presenteerde hij daarom een nota, waarin hijzelf de ouderwetse vorm van steun aan de derde wereld aanpast en een verregaande integratie van defensie, buitenlandse zaken en ontwikkelingssamenwerking bepleit. Pronk wil voortaan zijn waar het conflict is.

Critici plaatsen grote vraagtekens bij de weg, die Pronk lijkt te zijn ingeslagen en vragen zich af wat er is gebeurd met de bewindsman in een jaar. Toen werd in de Tweede Kamer de aloude hulpnorm van 1,5 procent voor hulp losgelaten en erkende de Haagse politiek dat uit Pronks' begroting van alles wordt betaald buiten de derde wereld om. In het begrotingsdebat van vorig jaar november verwoordde een emotionele Pronk zijn strijd tegen graaiende collega-bewindslieden zo: “Ik voel me als een Hansje Brinker, steeds bezig een gat te dichten.” Hij kenschetste zichzelf als een “burgemeester in oorlogstijd, een politiek looser.” Om erger te voorkomen moest hij in het vijandige kabinetsberaad steeds iets meegeven.

Nu verdedigt de bewindsman een beleid waarin politieke partijen zich grotendeels prima kunnen vinden. Net als in de meeste verkiezingsprogramma's kiest Pronk voor vervaging van de grenzen binnen het Nederlandse buitenlandbeleid. Er moet een grote hulppot komen waarop alle noodlijdende landen een beroep kunnen doen, of ze nu in OostEuropa of de derde wereld liggen. En net als CDA, VVD en PvdA pleit hij daarnaast voor bescherming van een percentage voor hulp aan de werkelijk arme landen. Niet onverwacht hanteren CDA en VVD daarbij een lagere norm (0,7 procent) dan de minister voor ogen heeft (0,9 procent) en geven zij een andere uitleg aan de vervagende grenzen.

Een veranderde aanpak van hulp aan de derde wereld lijkt op til, maar toch knaagt er iets. Wie beschermt in de toekomst de hulpnorm, nu al zo duidelijk is dat de huidige norm 'flexibel' wordt gehanteerd? Is het reeel om als klein land steeds te willen zijn waar het conflict is? Ofwel; zijn er niet voldoende arme maar stabiele landen waar Nederland met haar bescheiden hulppotje (op wereldniveau) nog voldoende traditionele ontwikkelingssamenwerking kan bedrijven zonder dat het geld in een oorlog verdwijnt? In hoeverre wordt Pronk niet in de nabije toekomst simpelweg teruggefloten door collega-ministers omdat hij zich met teveel zaken wil bemoeien?

Oud-minister van Ontwikkelingssamenwerking Jan de Koning zei afgelopen dinsdag in een debatje met Pronk: “Het aantrekken van een grote broek maakt je benen niet automatisch sterker.” Pronk reageerde fel: “Natuurlijk is mijn nota een politiek stuk waaraan een politiek risico kleeft. Maar ik ben ervan overtuigd dat je alleen met een stevig verhaal meer dan het minimum binnen haalt.” Door voor de muziek uit te lopen wil hij een vijandige omgeving voor zijn ideeen winnen. Daarnaast kan hij het niet over zijn hart verkrijgen niets te doen in al die crisisgebieden. En dat zou wel zo zijn, zo wekt hij de indruk, als hij niet zijn budget had opengesteld.

Het zijn wrange woorden uit de mond van de man die in Nederland lange tijd de solidariteit met de armste landen belichaamde. Die tijd lijkt voorbij. Het vertrouwen in de bewindsman is geslonken. Menig ontwikkelingswerker begrijpt niet hoe juist Pronk zijn traditionele achterban zo in de steek kan laten. Ook De Koning vraagt zich af waarom hij in een omgeving van “zakkenrollers” zich niet heeft ingegraven in zijn beleidsterrein. Het is toch duidelijk, aldus deze tegensprekers, dat hij als eenling in een politiek vijandig klimaat niet kan winnen? Vanuit het CDA wordt nu al gepleit voor een staatssecretaris van ontwikkelingssamenwerking.

Vileine geesten betogen zelfs dat Pronk Ontwikkelingssamenwerking ondergeschikt heeft gemaakt aan zijn eigen ambities om zich met de gehele buitenlandpolitiek te bemoeien.

De bewindsman zelf werpt dit alles ver van zich af. Alsof hij zich niet heeft stukgevochten in het kabinet voor een behoorlijke bescherming van de armen op de wereld. En daarnaast: zonder stabiliteit geen ontwikkeling. Ergens in de maanden na het emotionele debat van vorig jaar heeft de 'burgemeester in oorlogstijd' blijkbaar geconcludeerd dat de oude weg heilloos was. Maar of de strijdende eenling met het motto 'if you can't beat them, join them' verdere ontmanteling van ontwikkelingssamenwerking weet te voorkomen?

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden