Schier eindeloos duurt de zaak-Milosevic

Het eerste deel van het proces tegen Slobodan Milosevic sleept zich naar het einde. De aanklagers hadden graag nog (veel) meer tijd hadden gehad om hun zaak te bewijzen, maar de rechters zetten er een punt achter. In mei is het de beurt aan de beklaagde.

Twee dagen voor het proces tegen Slobodan Milosevic op 12 februari 2001 begon, arriveerde juriste Judith Armatta in Den Haag. De medewerkster van de Coalition for International Justice, een onafhankelijke organisatie die assisteerde bij de oprichting van de Joegoslavië- en Rwanda-tribunalen, ging ervan uit dat de zaak anderhalf jaar zou duren. ,,Maximaal.'' Inmiddels volgt de Amerikaanse al ruim twee jaar vrijwel dagelijks vanaf de publieke tribune de ontwikkelingen in de rechtszaal en is de zaak nog niet eens halverwege. Met het aangekondigde vertrek wegens ziekte van voorzittend rechter Richard May, per 31 mei, dreigt er nieuwe vertraging.

,,Het is van het begin af aan een vreemd proces geweest. Milosevic erkent het tribunaal niet omdat hij het beschouwt als een politiek instrument om de Serviërs te demoniseren. Maar tegelijkertijd is hij zeer actief en heeft hij veel ruimte gekregen om zichzelf te verdedigen, omdat de rechters vóór alles wilden voorkomen dat de indruk ontstaat dat Milosevic oneerlijk behandeld wordt.''

Op het eerste gezicht lijkt het rechterstrio niet erg van de ex-president van Servië en Joegoslavië gecharmeerd. Vooral tussen May en de verdachte is het regelmatig tot knorrige woordenwisselingen gekomen. Soms snoerde hij Milosevic de mond door diens microfoon uit te zetten. ,,Maar dat is de oppervlakte. In werkelijkheid mag Milosevic heel ver gaan in kruisverhoren. Hij heeft mensen in KGB-achtige stijl ondervraagd. Een advocaat zou veel eerder tot de orde zijn geroepen'', meent Armatta. Volgens haar zijn de aanklagers veel meer ingeperkt.

De inspanning heeft Milosevic waarschijnlijk geen goed gedaan. Veertien keer moest het proces onderbroken worden omdat hij zich niet goed voelde. Het aantal zittingen per week is teruggeschroefd, de zittingsdagen zelf bekort.

Voor Armatta is dát dus in ieder geval een belangrijke les van dit proces: ,,Dit mag nooit meer zo gaan. Natuurlijk heeft een verdachte het recht zichzelf te verdedigen, maar dan moet hij de procedure wel eerst erkennen en moeten niet de regels voor hem worden veranderd.'' Desnoods moet een onwillige verdachte maar een raadsman toegewezen krijgen, vindt ze, zoals in de zaak tegen de recalcitrante Servëir Vojislav Seselj inmiddels ook is gebeurd.

Maar, zo moet Armatta toegeven, het is niet alleen de opstelling van Milosevic die het proces schier eindeloos lijkt te maken. De aanklager, die een lange stoet getuigen heeft opgeroepen (en er nog veel meer op de rol had willen oproepen) is mede-verantwoordelijk. Armatta begrijpt het wel; het is de eerste zaak tegen een staatshoofd dat van zware misdaden wordt verdedigd. ,,Dan wil je niet met te weinig bewijsmateriaal komen.'' Inmiddels is echter wel duidelijk dat zo'n 'gootsteenbenadering', zoals de juriste het wat onparlementair noemt, 'waarbij je alles bij elkaar gooit in één proces', niet goed werkt. De samenhang en het overzicht gaan verloren.

Het grote publiek is de draad nu allang kwijt. Voorzover dat zich nog met de zaak bezighoudt, herinnert het zich vooral de eerste dagen van het proces toen een strijdbare Milosevic diverse keren getuigen op leugens of tegenstrijdigheden wist te betrappen. ,,De getuigen maakten de fout te ontkennen ook maar iets te weten van het UCK (het Kosovaarse guerrillaleger, red.). Het was natuurlijk gauw duidelijk dat dat niet kon kloppen, maar die mensen waren niet anders gewend; het was tegenover de Servische politie levensgevaarlijk om zoiets te erkennen. De aanklager heeft toen met verschillende mensen gesproken en gezegd dat ze de waarheid moesten vertellen.''

Uiteindelijk heeft de aanklager het echter juist in de aanklacht over Kosovo het gemakkelijkst gehad, is de overtuiging van Armatta. ,,Milosevic was als president van Joegoslavië verantwoordelijk voor het leger. Hij had de jure het commando in die provincie. Het enige wat de aanklagers in die zaak hoefden te doen was aantonen dat er oorlogsmisdaden zijn begaan.''

Dat lag gecompliceerder in Bosnië en Kroatië. Officieel had hij daar geen bemoeienis mee, maar hoe zat het in de praktijk? De aanklager liet tal van getuigen opdraven: tegenstanders van Milosevic uit het voormalige Joegoslavië, zoals de Sloveense ex-president Milan Kucan en Hroje Sarinic, adviseur van de in 1999 overleden Kroatische president Franjo Tudjman, buitenlanders die tijdens de Balkanoorlogen met Milosevic te maken hadden zoals de Britse onderhandelaar David Owen, de Amerikaanse oud-generaal Wesley Clark en VN-commandant Philippe Morillon; en ten slotte zogenoemde 'insiders', Serviërs die direct met Milosevic te maken hadden, zoals Borisav Jovic, de laatste president van het oude Joegoslavië en Milan Babic, leider van de Kroatische Serviërs.

Het bewijs van Milosevic' invloed kwam, behalve van getuigen, ook van afgetapte telefoongesprekken en, nog eenvoudiger, notulen van vergaderingen van het Bosnisch-Servische parlement. In én zitting somde bijvoorbeeld Ratko Mladic al het militair materieel op dat was geleverd door het Joegoslavische leger en zei erbij dat het 90 procent was van wat er nodig was. Ook Milosevic' prominente rol toen er uiteindelijk over vrede werd gepraat, is tegen hem gebruikt.

Armatta wijst er op dat we veel niet weten. ,,Er is veel schriftelijk bewijsmateriaal overlegd waar de buitenwereld maar beperkt toegang toe heeft. En bovendien zijn er nogal wat getuigen achter gesloten deuren gehoord.'' Eén van hen was de eerder genoemde Milan Babic. Na een dag of wat besloot hij echter dat de zaak maar in de openbaarheid moest. ,,De aanklager heeft toen deels bekendgemaakt wat Babic in de gesloten sessie had gezegd en dat was onthullend. Volgens hem was het Milosevic die de opdrachten gaf, de rekeningen betaalde en bepaalde wat het leger en de politie moesten doen. Dat geeft een idee van wat de andere geheime getuigen te melden hadden.''

Het is uitermate jammer, vindt Armatta, dat de Bosnisch-Servische ex-president Biljana Plavsic uiteindelijk niet als getuige is opgetreden. Plavsic werd zelf vorig jaar na een gedeeltelijke schuldbekentenis tot elf jaar cel veroordeeld. ,,Maar bij haar schuldverklaring zit een opsomming van feiten die Milosevic wel degelijk als betrokkene aanwijzen'', aldus Armatta, die ervan uit gaat dat ook dat als bewijsmateriaal wordt ingebracht.

Voor Armatta staat buiten kijf dat Milosevic schuldig zal worden bevonden aan een aanzienlijk deel van de 66 aanklachten die tegen hem zijn ingediend. ,,Zijn verdediging was niet sterk. Hij greep bovendien elke mogelijkheid aan om politieke toespraken af te steken.''

De grote vraag is of Milosevic ook schuldig zal worden bevonden aan genocide, 'de intentie om een groep geheel of gedeeltelijk te vernietigen'. Het is de zwaarste aanklacht die het tribunaal kent en de rechters worstelen ermee. Bij het Joegoslavië-tribunaal is tot nu toe één keer genocide bewezen geacht, in de zaak tegen de Bosnisch-Servische generaal Krstic. Zijn hoger beroep loopt nog. Bepaalde tribunaalrechters vinden dat het begrip 'genocide' bij Krstic erg ver is opgerekt door daaronder ook te begrijpen 'de intentie om een deel van een groep te vernietigen', namelijk de mannelijke bevolking van het moslimdorp Srebrenica. Een minder brede interpretatie in de beroepszaak zal ook doorwerken in het proces-Milosevic.

Armatta denkt dat genocide niet is bewezen, maar wijst erop dat de aanklacht ook 'medeplichtigheid aan genocide' omvat. Daar ligt het volgens haar anders. ,,Bij de Bosnische Serviërs was na 1993 wel degelijk de intentie aanwezig de Bosnische moslims te vernietigen. Milosevic wist dat en toch bleef hij ze van hulp voorzien.''

Het oordeel is uiteindelijk aan de rechters, die zich pas na de slotpleidooien, vermoedelijk pas in 2006, over de bewijslast gaan buigen. Een vonnis kan makkelijk een jaar op zich laten wachten. Bij hoger beroep sleept de zaak nog langer.

Tenzij het proces voortijdig wordt beëindigd. Dat is het geval als Milosevic sterft. Of als na Richard May ook een van de andere twee rechters de rechtszaak niet kan afmaken. De regels van het tribunaal bepalen dat het proces dan moet worden overgedaan. Armatta moet er niet aan denken. ,,Dan is al het werk voor niets geweest.''

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden