Opinie

’Scherpe netels’? Steek de banden van Richard II’ vijanden lek!

Masterclass Gijs Scholten van Aschat in het Theaterfestival, 2/9.

Als prins Hamlet zijn opgetrommelde toneelspelers aan het Deense hof verwelkomt, maant hij ze meteen om in plaats van stadsomroepers te declameren hun tekst ’tripp’lend op de tong’ uit te spreken. ,,En zaag ook niet te veel de lucht met uw handen, zo, maar beweeg u ongedwongen.’’

Toneelspeler Gijs Scholten van Aschat verwees gisteren niet voor niets naar die wijze woorden van Hamlet-de-regisseur. Het Theaterfestival had hem uitgenodigd een zondagse masterclass te geven. Plaats van handeling: De Balie in Amsterdam. Dramatis Personae: negen vierdejaars toneelschoolstudenten.

Elegant op zwarte gympjes manoeuvrerend ment en lasso’t Scholten van Aschat zijn pupillen in adembenemende vanzelfsprekendheid. Spelmethode is niet heilig, wel hoe je weet om je in de tekst senang te voelen. Het is een kwestie van muziek: hoe Chet Baker ’Altijd is Kortjakje ziek’ gaat spelen, hoe die – tatatataah – met de structuur van het liedje aan de haal zou gaan. ,,Zie de klassieke partituur van Shakespeare aan te passen aan je adem, gevoel, ritme. Als dat goed zit, kun je pauzes nemen wanneer en waar je maar wilt. Zolang je het klassieke deuntje maar in je achterhoofd houdt, blijft Shakespeare altijd hedendaags omdat je niet weet hoe je het vanavond of morgen gaat spelen.’’

Dat weet de acteur die Richard II speelt ook nog niet, en toch moet hij ’de aarde groeten’, en die oproepen: ’steek op mijn vijand in, met scherpe netels.’

De regisseur doseert zijn adviezen meesterlijk lakoniek en geestig apodictisch. ,,Neem die scherpe netels concreet: ’Steek z’n banden lek!’ Het publiek moet denken: wat doet ie nou, begroet ie de aarde? Terwijl jij als Richard weet: aarde, je gaat me geen loer draaien! Zestig procent van wat je zegt, hóórt het publiek niet. Daarom hoef je niet alles belangrijk te maken. Wel: wát moet in ieder geval overkomen? Hop tussen eilandjes, en frommel de rest daar tussendoor.’’

Scholten van Achat verhaalt van zijn Roemeense mentor die hem leerde hoe een voorgeschreven opsomming geen opdreuning wordt als je de kleuren van de regenboog opnoemt, en zo een aangename klankschakering ontstaat.

Prompt zit hij op de knieën om ’die goede aarde’ eerst in Kleutertje Luistertoon te begroeten. ,,Maar nu wil ik zien dat je speelt met de metafoor, iets minder naïef.’’ Waarop Richard II-in-spe: ,,Dus iets meer als een druïde-generaal?’’ De pupil krijgt een compliment: ,,Goed dat je ook naar het publiek keek, en daarmee de dreiging van die ijdele Richard toont: wie met mijn kloten speelt, krijgt een zware dobber.’’ In kokette lichaamsdrapering werpt Scholten van Aschat zich ter aarde, onraad voorwendend: ,,Als je moeite met een scene hebt, doe je die eerst als parodie hoe het niet moet.’’

De actrice die met de lastige slotmonoloog van Kaat uit ’Het temmen van de feeks’ ook progressief-obstinaat vrouwvolk moet zien uit te leggen dat ’een boze vrouw is als een troebele bron, van alle schoonheid beroofd’, krijgt het moeilijk.

’Begin maar klein’, adviseert de mentor. En na de eerste keer: ,,Hoe wil je ’m doen? Naar het publiek? Naar ’de vrouw’? Want er zitten hier, ik heb ze al gezien, veel, te veel doorgeëmancipeerde vrouwen.’ Kaat de Feeks-in-spe spartelt (hoewel gelouterd alsnog) even tegen: ’Ik vind die beginwoorden ’Foei, foei!’ zo lastig.’ Master Gijs: ,,Ja, en toch staat het er. Verzin een list. Zoek een toeschouwster uit, wijs die terecht, neem een volgende, en dan ben je al begonnen voordat je er erg in hebt.’’

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden