'Schemertoestand' op westelijke Jordaanoever leidt tot schending mensenrechten

JERUZALEM - De meeste Palestijnen van de westelijke Jordaanoever kijken halsreikend uit naar het autonome Palestijnse zelfbestuur. Dat begint naar verwachting op 18 september, als Israël en de PLO hun overeenkomst tekenen voor uitbreiding van het Palestijnse bestuur. Maar of de Palestijnen erop het terrein van de mensenrechten op vooruit zullen gaan is de vraag.

Het leven onder de Israëlische bezetting is voor de Palestijnen geen pretje geweest: de massale arrestaties, deportaties, gesloopte huizen, afsluitingen, vernederingen, martelingen van verdachten en de economische discriminatie zijn uitgebreid vastgelegd, onder meer door de gerespecteerde Israëlische mensenrechtenorganisatie Betselem.

Maar deze week kwam Betselem met een opzienbarend rapport over martelingen van Palestijnen door de Palestijnse geheime dienst, PSS. Officieel zijn de activiteiten van deze PSS beperkt tot de autonome Palestijnse enclave Jericho (en natuurlijk ook de Gaza-strook). Maar in werkelijkheid zijn volgens PSS-functionaris Abd Aloen de PSS-agenten “aanwezig in alle wijken, vluchtelingenkampen en dorpen” in de gehele westelijke Jordaanoever. Aloen geeft zonder meer toe dat ze er informatie verzamelen, ruzies oplossen, arrestaties verrichten en mensen aan ondervragingen onderwerpen. Ze geven zich daarbij uit voor politieke activisten van Jasser Arafats Fatah-beweging.

De Israëlische autoriteiten, daartoe aangemoedigd door de geheime dienst, de Sjien Bet, staan de activiteiten oogluikend toe, in ruil voor het delen in de informatie (vooral over islamitische oppositie-groeperingen). Deze 'schemertoestand' zou het gevolg zijn van een heren-akkoord dat Jibril Radjoeb, het hoofd van de Palestijnse geheime dienst in Jericho, in januari 1994 in Rome sloot met het hoofd van de Sjien Bet en de adjunct-stafchef van het leger. Volgens Betselem heeft premier Jitschak Rabin vorig jaar tegen zijn regeringsploeg gezegd dat “de Israëlische veiligheidsdienst en de PSS samenwerken, en de PSS heeft de vrije hand gekregen in de hele westelijke Jordaanoever.”

Hoeveel de PSS heeft geholpen bij het opsporen van terroristen is onbekend. Wat Betselem heeft ontdekt, is “dat de PSS-agenten in hun enthousiasme om vermeende criminelen en collaborateurs te straffen grove schendingen van de mensenrechten begaan. De agenten ontvoeren mensen uit hun huizen, verrichten arrestaties zonder aanhoudingsbevel, houden verdachten voor lange tijd vast zonder gerechtelijk onderzoek en weigeren hun gerechtelijke bijstand. Ook worden verdachten geslagen, op een pijnlijke manier vastgebonden, vernederd, en mogen ze niet slapen en krijgen ze geen medische behandeling.”

Verder moet Betselem concluderen dat “het gedrag van de PSS-agenten niet toe te schrijven is aan afwijkende acties van een paar agenten, maar het gevolg is van het beleid van de Palestijnse autoriteiten.”

Het rapport documenteert dertien mishandelingen, waaronder het in de benen schieten, voor misdaden variërend van 'collaboratie met Israël' tot 'seksuele relaties buiten het huwelijk'. De 24-jarige Iman Anwar Nimar Sjihab uit Ramalla getuigt over haar ontvoering en driedaagse gevangenschap dat haar ondervragers haar sloegen met stokken en rubber slangen, terwijl ze aan haar handen aan het plafond was opgehangen. Ook bespoten ze haar met traangas, druppelden heet kaarsvet op haar en trokken met tangen aan haar tepels.

Ze werd uiteindelijk gered door andere PSS-agenten die een rapport opstelden over haar beproeving. Sjihab heeft ook een verklaring afgelegd tegenover de Palestijnse mensenrechten-gedeputeerde Hanan Ashrawi en, niet van harte, de Israëlische politie in Ramalla. Toch heeft ze tot nu toe “niets gehoord over de mensen die mij dit aangedaan hebben.”

De man achter deze misdadige activiteiten, de 42-jarige Jibril Radjoeb, is geen onbekende in de Israëlische media. Deze week heeft hij zelfs telefonisch meegedaan aan een populaire tv-show. Gearresteerd op zijn zeventiende voor het gooien van een granaat naar Israëlische soldaten, bracht hij de volgende vijftien jaar door achter de tralies. Hij kwam vrij tijdens de Israëlisch-Palestijnse gevangenenruil van 1985. Drie jaar later, nadat hij hoofd van de Fatah op de westelijke Jordaanoever was geworden, wees Israël hem uit wegens zijn rol tijdens de Intifadah. In Tunis werd hijassistent van de PLO-voorman Aboe Djihad. Na de moord op Aboe Djihad door een Israëlisch commando nam Radjoeb sommige van diens taken over. Toen hij in 1993 samen met de Palestijnse autoriteiten terugkeerde nam hij zijn plaats als hoofd van de Fatah weer in.

Knus

Sindsdien heeft Radjoeb, die vloeiend Herbreeuws spreekt, een knusse relatie ontwikkeld met hoge Israëlische ambtenaren waaronder het (toenmalige) hoofd van de Sjien Bet, Ja'akov Perry, en huisvestingsminister Benjamin Ben-Eliezer. Toen het leger hem een keer tegenhield bij een wegblokkade buiten Jeruzalem, belde hij met zijn draagbare telefoon de vice-chefstaf van het leger, die toestemming gaf om hem door te laten. De laatste tijd ligt dit enthousiasme voor de bruuske Palestijnse 'kolonel', die zo lijkt weggelopen uit een Amerikaanse gangsterfilm, onder toenemende kritiek. Palestijnen noemen hem sinds kort 'J.R', naar de gladde en manipulerende speler uit 'Dallas'.

Op een persconferentie afgelopen donderdag antwoordde Radjoeb op de beschuldigingen in het Betselem-rapport, door vraagtekens te plaatsen bij de nauwkeurigheid van het onderzoek. Hij beweerde dat het was gepubliceerd om “schade te berokkenen aan de PSS, ten gunste van elementen die vijandig staan tegenover onze doelen en aspiraties.”

Hij ontkende ook met klem dat martelingen en andere schendingen van de mensenrechten onderdeel zijn van beleid. Wel gaf hij toe dat “hier en daar fouten voorkomen”. Maar het is twijfelachtig of zulke verklaringen de vrees wegnemen over hoe de zaken kunnen worden wanneer de Palestijnse autoriteiten de westelijke Jordaanoever gaan besturen, en mensenrechtengroepen niet langer toegang hebben om te ontdekken en onthullen wat er echt aan de hand is.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden