Scheiding der letteren

Veel volwassenen lezen graag jeugdboeken, maar toch steken velen de grens tussen volwassenen- en jeugdliteratuur niet over. Wat is daar de reden van?

Dit weekend zullen niet alleen miljoenen kinderen, maar ook ontelbaar veel volwassenen het laatste boek over tovenaarsleerling Harry Potter verslinden. Een jeugdboek, maar daar lijkt geen volwassene zich druk om te maken. Je hoeft je tegenwoordig niet meer te schamen als je met een kinderboek in de trein zit. De hype rond de serie van J. K. Rowling heeft aan het licht gebracht dat veel volwassenen het prettig vinden om jeugdboeken te lezen. Maar zullen zij, nu de serie is afgerond, dat blíjven doen? Zullen zij ontdekken dat er nog veel meer lezenswaardige jeugdliteratuur bestaat?

„Onze ervaring is dat weinig volwassenen het vanzelfsprekend vinden om ook op de jeugdafdeling van een boekhandel op zoek te gaan naar mooie romans, Harry Potter ten spijt”, zegt Jean-Christophe Boele van Hensbroek, directeur van Uitgeverij Lemniscaat. „Veel mensen steken de grens tussen de volwassenen- en jeugdliteratuur nog niet makkelijk over.”

Maar dat ligt volgens hem niet aan het boekenaanbod: „Er zijn ongelofelijk veel prachtige jeugdromans die ook volwassenen zullen aanspreken.” En die gaan lang niet allemaal over heksen en tovenaars. Door de literaire emancipatie van het jeugdboek is er de afgelopen twintig jaar langzaamaan een nieuwe categorie ontstaan: boeken die zich bevinden in het schemergebied tussen jeugd- en volwassenenliteratuur. Deze romans misstaan volgens Boele van Hensbroek op geen van beide afdelingen in de boekhandel.

„Maar als je die boeken voor jongeren uitbrengt, liggen ze alleen op de jeugdafdeling, waar nauwelijks volwassenen komen. En als je ze voor volwassenen uitgeeft, mis je juist de jongeren. Dat heeft te maken met de kunstmatige scheiding tussen de jeugd- en volwassenenliteratuur, die door het hele boekenvak, maar vooral door boekhandels in stand wordt gehouden. De meeste winkeliers delen de boeken in op basis van een NUR-code (zie kader, BM). Een boek met een jeugdcode zal, hoe interessant het ook voor volwassenen is, meestal niet op de volwassenenafdeling terechtkomen. Dat is jammer.”

Joris van de Leur, uitgever jeugdliteratuur van De Fontein, is het daarmee eens. „Af en toe zie je wel dat die boeken op eigen kracht hun weg vinden naar een volwassen publiek. Denk aan ’Het wonderbaarlijke voorval met de hond in de nacht’ van Mark Haddon en ’Schijnbewegingen’ van Floortje Zwigtman. Maar dat gebeurt nog te weinig. Ik krijg vaak manuscripten onder ogen waarvan ik denk: dit verdient een groot lezerspubliek, dit kan jongeren én volwassenen boeien. Het is moeilijk om in algemene termen aan te geven om wat voor boeken het gaat. Maar het zijn in elk geval altijd verhalen die me zowel inhoudelijk als wat stijl betreft overrompelen, waarvan ik meteen zie: dit is geen klassiek jeugd- of volwassenenboek, maar uitzonderlijk werk uit de tussencategorie.”

De enige oplossing is: twee edities maken, voor jeugd en volwassenen, met elk een eigen NUR-code, een eigen omslag en flaptekst, maar met hetzelfde verhaal. De afgelopen jaren komt dat steeds vaker voor. Zo verschenen ’Schijnbewegingen’ van Zwigtman, ’Hoe ik nu leef’ van Meg Rosoff en ’Perenbomen bloeien wit’ van Gerbrand Bakker in twee edities. Lemniscaat geeft sinds kort zelfs jeugdboeken voor volwassenen uit onder een heel nieuw label: ’Lemniscaat Literair’.

Het kost uitgeverijen dus behoorlijk wat moeite om volwassenen te verleiden tot het lezen van jeugdliteratuur. Waarom doen ze het dan? Is het idealisme of gewoon een slimme marketingtruc om méér boeken te verkopen?

„Het heeft met beide dingen iets te maken”, zegt Thille Dop, uitgeefster van onder andere de boeken van Meg Rosoff. „Het is niet zo dat je per definitie rijk wordt als je een jeugdboek voor volwassenen uitbrengt. De volwassenenmarkt is een verdringingsmarkt. Er verschijnen zoveel titels, dat een boek het binnen drie maanden moet maken, anders lig je eruit. In het jeugdsegment is een boek een veel langer leven beschoren. Je moet dus wel overtuigd zijn van de kwaliteit van het manuscript voor je het in een volwassen editie uitbrengt. Maar áls je dan succes hebt, heb je meteen een veel groter publiek bereikt.”

Boele van Hensbroek denkt er net zo over: „Vertrekpunt is de kwaliteit van het boek. Wij vinden het zonde om volwassenen bijvoorbeeld de boeken van John Green te onthouden. En naar de auteur toe is dat ook niet eerlijk. Als zijn verhaal jongeren en volwassenen als lezers verdient, waarom zouden wij dan de helft van zijn publiek negeren? Soms is het overigens ook een wens van de auteur of een vraag van lezers. Wij krijgen sinds het succes van de literaire thrillers van Simone van der Vlugt regelmatig e-mails waarom we haar historische jeugdromans niet in een volwassenen jasje uitbrengen. Dat gaan we nu met twee titels doen. Niet meer met een tekening op het omslag, maar een foto.”

Samenvattend zijn het vooral praktische en geen inhoudelijke zaken die volwassenen tegenhouden om jeugdliteratuur te lezen. Het uiterlijk van het boek speelt een rol en de plek waar het in de boekhandel ligt. Maar waar heeft Harry Potter zijn succes dan aan te danken? Die boeken lagen de eerste jaren ook alleen op de jeugdafdeling.

Thille Dop moet lachen: „Als ik zou weten hoe een hype ontstaat, zou ik elk jaar ten minste één boek een hype laten worden. Ik denk dat volwassenen om verschillende redenen naar jeugdboeken grijpen. Smaak speelt tenslotte ook een rol. Sommigen willen een echt kinderboek lezen, waarin de tegenstelling goed-kwaad op een spannende manier wordt uitgewerkt. Anderen omdat een jeugdboek een volwassen thematiek behandelt, er diepte in het verhaal zit en het literair geschreven is, maar het wel toegankelijk blijft. Maar dit is giswerk, je zou het wetenschappelijk moeten onderzoeken. Je belandt ook snel in de discussie wat volwassenenliteratuur en wat jeugdliteratuur is. Daarover verschillen de meningen.

Ik zie soms volwassenenboeken die ik ook als jeugdboek uitgegeven had kunnen hebben, zoals ’Echt sexy’ van Renate Dorrestein. En soms zie je uitgeverijen die zich normaal alleen met volwassenenliteratuur bezighouden plotseling een kinderboek uitbrengen alsof het oorspronkelijk voor volwassenen geschreven is. Dat zag je met ’De jongen in de gestreepte pyjama’ van John Boyne. Ik denk dat we uiteindelijk gewoon van die hokjesgeest af moeten. Lees wat je mooi vindt: een goed boek is een goed boek.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden