Scheiding der geesten

Wat is waar? Het verhaal over Jezus die een discussie van een niet-joodse vrouw verliest, dát zal niet verzonnen zijn

Wat weten we van de Oudheid? Volgens oudhistoricus Jona Lendering maar heel weinig. Daarom vindt hij zijn vak ook zo interessant. Hij beheert een prachtige en informatieve site: Livius.org, die een breed overzicht geeft van de wereld van de klassieke Oudheid en wie deze bron raadpleegt gaat twijfelen aan de stelling dat we maar weinig van deze tijd weten.

In zijn boek 'Israël verdeeld. Hoe uit een klein koninkrijk twee wereldreligies ontstonden' focust Lendering op de periode dat christendom en jodendom uit elkaar gaan, en zoekt naar de oorzaken van deze scheiding. We zitten dan in de tweede helft van de eerste eeuw. Maar de auteur neemt een royale aanloop, en terecht. Hij gaat terug naar de tijd van de Makkabeeën, de strijders voor Israëls eigenheid en onafhankelijkheid, zo'n twee eeuwen eerder.

In dit overzicht passeren Perzen, Macedoniërs (Alexander de Grote!), Seleuciden en Romeinen de revue. De strijd van Judas Makkabeüs en zijn broers, het gezag van de hogepriesters in Jeruzalem en de opkomst van de Herodes-dynastie onder Romeins oppergezag worden uitvoerig beschreven, tot en met de verwoesting van Jeruzalem in 70 na Chr. en de Tweede Joodse opstand onder Bar Kochba in 132-135. Je zou dit de buitenkant van het verhaal kunnen noemen: de harde (of minder harde) historische gegevens van koningen, machthebbers, veldslagen en opstanden.

Maar er is ook een binnenkant. Welke invloed hadden nieuwe machthebbers en nieuwe culturen op geloof en gedrag van de joden? Dat raakt God en mensen, priesters en messiassen, Israëls gedroomde verleden en de te verwachten toekomst. Welke ideeën bestonden daarover en welke gevoelens riep dat alles op? En, voor het jodendom nog wezenlijker, hoe raakt het de halacha, het leven naar de geboden van de Thora? Daarbij komt de vraag welke weg Jezus van Nazareth en de eerste christenen in dit joodse landschap gegaan zijn. En welke keuzes de joodse leiders maakten na 70 na Chr.

Lendering laat goed zien dat het jodendom vóór het jaar 70 een heterogeen geheel is. Er waren farizeeën en sadduceeën, en in Qumran, bij de Dode Zee, zaten de zeer strenge broeders en de zeloten hadden hun eigen 'filosofie'. Binnen dat geheel moeten we de Jezusbeweging zonder meer zien als een van de vele joodse groeperingen. Van dit veelvormige jodendom blijven na 70 twee hoofdstromen over: het rabbijnse jodendom en het christendom.

Soms legt Lendering wel veel nadruk op de onderlinge verdeeldheid van het jodendom vóór 70. Een zin als 'alle consensus was zoek' is niet waar te maken en wordt verderop in het boek weer gerelativeerd, onder meer door de scherpe observatie dat de joden misschien wel verschillend dachten over de vraag of er echt maar één god bestond, maar zich in hun offers wel beperkten tot die Ene.

Graag had ik ook iets gelezen over het martelaarschap zoals we dat in de bijbelboeken 2 en 4 Makkabeeën vinden: in hun strijd tegen de goddeloze overheersers van buiten zijn de martelaars bereid hun leven te geven. In 2 Makkabeeën is dat zeker zo belangrijk als de gewapende strijd. Hier wordt een lijn uitgezet die doorloopt naar het Nieuwe Testament, naar de kruisdood van Jezus, maar ook verder de wereldgeschiedenis ingaat. Naar de christelijke en islamitische martelaars, die onderling evenveel verschillen als gemeenschappelijk hebben.

Aan Jezus besteedt Lendering ruime aandacht. Onder meer over de vraag of hij geleefd heeft, een vraag die in deze krant kort geleden nog enig stof deed opwaaien. Zeker hier geldt dat minimale historische gegevens vragen om een maximale bezinning op de methode. Dan gaat het over vragen als: Wat zijn de bronnen? Zijn ze onafhankelijk van elkaar (anders tellen ze niet mee)? Hoe kunnen we authentieke woorden onderscheiden van woorden die Jezus later in de mond gelegd zijn?

Dat laatste kan bijvoorbeeld met het criterium van de gêne. Als de evangeliën vertellen dat Jezus het in een discussie verliest van een niet-joodse vrouw die genezing voor haar dochter vraagt, is dat nogal gênant voor Jezus en zijn volgelingen. Dat zal men later niet verzonnen hebben. Lendering concludeert dat we het bij veel figuren uit de Oudheid met minder bronnen moeten doen dan bij Jezus.

De eigenlijke vraag van het boek is waarom jodendom en christendom uit elkaar zijn gegaan. Volgens Lendering was er geen theologische noodzaak. De Jezusmensen hadden wel hun eigen ideeën, maar die vielen binnen de bandbreedte van het toenmalige jodendom. Het probleem heeft volgens de schrijver te maken met de vraag wie er na 70 na Chr. de lakens mocht uitdelen. De rabbi's van de farizese richting? Jezus' aanhangers vonden van niet.

Hier ziet Lendering iets over het hoofd, lijkt me. Al zou het waar zijn dat de Messias-idee geen scheiding aanbracht, de belijdenis dat Jezus de Messias wás, zette de zaak wel op scherp tussen joden en Christus-vereerders. Ruim een halve eeuw later zou er opnieuw een scheiding der geesten optreden, nu rond de joodse verzetsleider Bar Kochba, ook een messiaspretentent.

Het blijft staan dat 'Israël verdeeld?' een goed overzichtswerk is geworden. Helder geschreven voor een ruime kring van belangstellenden, terwijl ook de vakgeleerde er wat aan heeft. De auteur is een uitlegger die er merkbaar plezier in heeft om zijn lezers wat te leren. Kaartjes, overzichten en kaders geven snel en goed inzicht in de materie. Goed gepopulariseerde kennis gaat hem ter harte en hij betreurt het dat oudheidkundigen hun vak niet altijd goed uitleggen. Volgens hem zijn er te veel hyperspecialisten die, zodra ze als generalist moeten optreden, uitglijders maken.

Dat is een gevaarlijke opmerking, die kan als een boemerang terugkomen, want welke wetenschapper ontkomt daaraan? Lendering, toch een knappe generalist, ook niet helemaal. In dergelijke overzichtswerken moeten op elke bladzijde tal van beslissingen worden genomen, interpretaties worden gegeven, knopen worden doorgehakt. Geen wetenschapper kan al deze beslissingen zelfstandig nemen op grond van eigen onderzoek. Dat maakt hem of haar afhankelijk en dus kwetsbaar.

Lendering suggereert wel zijn onafhankelijkheid door in het notenapparaat alleen de primaire bronnen te noemen en geen secundaire literatuur, maar een enkele keer, bijvoorbeeld bij de apocriefe literatuur is het duidelijk dat hij zijn bronnen onvoldoende heeft geraadpleegd.

Het boek blijft een prachtig overzicht voor wie meer wil weten van de parting of the ways, van die cruciale periode waarin twee wereldgodsdiensten ontstonden.

Jona Lendering: Israël verdeeld. Hoe uit een klein koninkrijk twee wereldreligies ontstonden. Athenaeum - Polak & Van Gennep; 416 blz. euro 20

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden