Scheiden van plastic lastig en onrendabel

LEIDSCHENDAM - Industrielen zijn niet dol op heffingen. Bedrijven die pleiten voor een heffing op hun eigen produkt, zijn helemaal zeldzaam. Maar de fabrikanten van kunststofverpakkingen breken met deze houding. "Om het hergebruik van deze verpakkingen te stimuleren, is een heffinkje noodzakelijk."

"Een paar jaar geleden was een pleidooi voor heffingen ondenkbaar. Nu ligt dat anders. Hergebruik van kunststofverpakkingen is absoluut niet rendabel" , zegt directeur T. Levering van de Vereniging milieubeheer kunststofverpakkingen (VMK). Hoog hoeven de heffingen niet te zijn. Levering denkt aan een cent per verpakking, die voor rekening komt van de consument.

De heffing is nodig om het hergebruik van kunststofverpakkingen te stimuleren. In tegenstelling tot papier, glas en karton wordt - tot ergernis van de milieubeweging - bij het recyclen van kunststof nog weinig resultaat geboekt. De industrie maakt verpakkingen lichter en minder omvangrijk. Maar het blijven verpakkingen, die meestal de vuilnisbak in gaan en daarna op de grote afvalberg terechtkomen. "Als we twee procent van het huishoudelijk kunststofafval inzamelen en herverwerken, is het veel" , erkent Levering.

Behalve de milieubeweging leverde ook de papier-, glas- en kartonindustrie kritiek op de collega's in de kunststof. De verpakkingsketen, verenigd in de Stichting Verpakking en Milieu, heeft in 1991 met minister Alders (milieubeheer) in een convenant afgesproken dat zij in het jaar 2000 tien procent minder verpakkingsafval veroorzaakt en zestig procent van de verpakkingen zal herverwerken. Voor de sectoren papier en glas zijn deze doelen makkelijk haalbaar. Tenslotte loopt de Nederlander al jaren braaf naar glas- en papierbak. Maar bij kunststof ligt dat anders.

Volgens Levering, afkomstig van Shell, is de kritiek op de kunststofverpakkers niet fair. Om de kritiek krachtiger te kunnen pareren is afgelopen najaar de VMK opgericht, die inmiddels 80 procent van de kunststofverpakkers in Nederland vertegenwoordigt.

Levering: "Het probleem van kunststof is dat de grondstoffen zo goedkoop zijn dat herverwerking van een produkt altijd duurder is dan het gebruik van de maagdelijke grondstof. De economische prikkel ontbreekt om de plastic fles of de wasmiddelverpakking in te zamelen en te hergebruiken. Bij glas en papier is die prikkel er wel."

Ondanks dit gebrek is de kunststofindustrie bezig met onderzoek naar herverwerking van verpakkingen. De sector zelf zal de doelstelling van het convenant zeker niet halen. "Zestig procent is onmogelijk. Als we op 20 tot 25 procent uitkomen, mogen we blij zijn."

Toch is de VMK loyaal aan het convenant, benadrukt Levering. "We wisten van tevoren dat er beperkte mogelijkheden zijn om verpakkingen te recyclen. Maar wij vonden het absoluut noodzakelijk om aan de afspraken over hergebruik mee te werken. Hoewel de verpakkingen maar een klein deel van de totale afvalstroom vormen, is het wel heel concreet. Het is zichtbaar voor de burger en dat is een belangrijk gegeven voor het milieubeleid."

Volgens de VMK is de herverwerking van verpakkingen sinds 1991 in een stroomversnelling terechtgekomen. Er wordt gedacht, gepraat en onderzocht. Landelijk zijn experimenten gaande met het gescheiden inzamelen van huishoudelijk afval en wat er met dat kunststofafval te doen is. Zo'n experiment loopt momenteel in Breda.

Vooral het huishoudelijke afval is een probleem, zegt Levering. Van het industriele afval wordt al een deel hergebruikt. De herverwerking van landbouwfolie bijvoorbeeld blijkt winstgevend te zijn. Ook het folie dat Albert Heijn om zijn pallets doet, heeft meerdere levens. Het voordeel van industrieafval is dat er al goedlopende distributieketens bestonden en dat het om een soort kunststofafval gaat.

Dat geldt niet voor het huishoudelijke deel. Het invoeren van statiegeld op kunststofverpakkingen zou volgens Levering een "prachtige oplossing" zijn. Maar de detailhandel wil niet. De ruimte in supermarkten is te beperkt voor nieuwe statiegeldprodukten. Levering: "Dat respecteren we. Maar het betekent dat de industrie naar een andere vorm moet zoeken, buiten de winkels om."

Gescheiden inzameling zoals bij glas zou een mogelijkheid kunnen zijn. Maar dat leverde in de proefprojecten al problemen op: mensen leveren het plastic vuil aan (yoghurtresten bijvoorbeeld). Vervolgens moet de VAM in Wijster de verpakkingen scheiden naar de soorten kunststof. Soort moet bij soort. Daar ligt het belangrijkste probleem. "Er zijn zoveel soorten plastic, dat scheiden erg lastig is. En niet rendabel.

Om dat probleem op te lossen, is het idee van een kleine heffing gekomen. De opslag moet gelden voor alle consumentenverpakkingen, dus ook op geimporteerde produkten. De producenten berekenen de opslag door aan de consument; de yoghurt en het sap zullen een fractie duurder worden.

De heffing is zeker niet bedoeld om kunststofverpakkingen uit de markt te prijzen. De opbrengst moet in een fonds komen, waaruit een herverwerkingsketen kan worden betaald. Van inzameling tot recyclen van het afval; zo kunnen kunststofflessen of plastic tassen een nieuw leven krijgen.

Daarmee is de kous echter niet af. Complete herverwerking mag dan voor 75 80 procent van de verpakkingen niet mogelijk zijn, dat wil niet zeggen dat de rest in de traditionele verbrandingsoven verdwijnt. Levering: "We zullen altijd een deel van ons afval moeten verbranden. Maar niet met de huidige installaties; die leveren te weinig energie op. In Parijs staat een grote warmtekrachtcentrale waarin afval wordt verbrand met een hoog rendement. Daar willen wij ook naartoe."

Verbranden is geen populaire oplossing. Alders en zijn collega's in Europa streven naar gesloten produktketens, naar hergebruik van het hele produkt. Levering: "Zoals gezegd, dat is voor ons maar beperkt haalbaar. Maar met moderne verbrandingsmethoden wordt tenminste nog energie uit afval teruggewonnen. De basis van plastic is aardolie. De energie die je nodig hebt om van aardolie plastic te maken, ben je natuurlijk kwijt, als je oud plastic verbrandt. Maar de energie-inhoud van dit afval, vergelijkbaar met stookolie, kan worden gebruikt om elektriciteit op te wekken."

Naast verbranding ziet Levering nog een andere oplossing: chemische recycling. "De produkten moeten dan worden teruggebracht tot een vloeistof die kan dienen als grondstof voor chemische processen. Die ontwikkeling is tot nu toe alleen in laboratoria uitgeprobeerd. Maar daar komt verandering in."

Levering: "De Europese kunststoffabrikanten als DSM, Shell, BP, ICI en Fina gaan een proeffabriek in Europa bouwen. Dat kost ettelijke miljoenen, waar de Europese Gemeenschap aan zal bijdragen. Een deel van de produktiekosten voor deze fabriek zou uit de heffing betaald kunnen worden. Eind deze eeuw moet er een commerciele fabriek gaan draaien ergens in Europa."

Hij resumeert: "Alders wil 60 procent van de verpakkingen herverwerken. Wij denken 20 a 25 procent te halen, maar kunnen bovendien met de overige 75 a 80 procent van het afval wel degelijk iets nuttigs doen." Levering blijft echter sceptisch: "Hoe je het ook wendt of keert, het kost veel geld. Uitgaande van de huidige situatie is recycling altijd minstens twee keer zo duur als het gebruik van een maagdelijke grondstof. Uiteindelijk moeten we in Nederland de balans opmaken. We moeten uitmaken of we vinden dat recycling zoveel oplevert voor het milieu dat we bereid zijn die extra kosten te betalen. En we moeten dat afwegen tegen methoden als verbranding en chemische recycling. Maar die keuze maken we pas, als we de uitkomst van alle onderzoeken die nu gaande zijn, kennen en we met reele cijfers de voor- en nadelen kunnen afwegen."

De kunststofindustrie experimenteert in Breda met gescheiden afvalinzameling. FOTO KEES BENNEMA

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden