Schedelmeting was lang heel gewoon

In de jaren zestig werd het nog van belang geacht om te weten of schedels 'lang en smal', of juist 'kort en breed' waren: illustratie uit een aardrijkskundeboek uit 1960.

Wie meent dat alleen op Vrije scholen de lessen 'rassenkunde' gevaarlijke onzin bevatten, kan lelijk schrikken van het proefschrift van Ineke Mok. 'In de ban van het ras' heet het, en het bevat de nederig stemmende les dat de doorsnee-aardrijkskundeboeken die de afgelopen 125 jaar op scholen zijn gebruikt, óók vrij racistisch waren.

'Negers hebben dikke lippen en ritmisch gevoel', moesten de leerlingen van een Vrije School nog in 1995 in hun schriftjes opschrijven. Een bezorgde moeder belde een krant, die zette het op de voorpagina, en sindsdien liggen de scholen die zich baseren op het gedachtegoed van Rudolf Steiner onder vuur. Dat Steiner aan de verschillende rassen een verschillend ontwikkelingsstadium toeschreef - negers verkeren in het baby-stadium, Aziaten zijn pubers en blanken zijn volwassen - ligt niet meer zo lekker.

Aanhangers van Steiner proberen sinds dat publicitaire incident de schade te beperken: wat Steiner eind vorige eeuw zei was allerminst racistisch bedoeld, zeggen zij - maar het kan in deze tijd toch ook niet zonder meer onderwezen worden, beamen zij inmiddels ook.

Het incident inspireerde Neerlandica Ineke Mok om aardrijkskundeboeken die op scholen zijn gebruikt sinds 1876, het jaar dat de hogere burgerschool (hbs) van start ging, aan een nader onderzoek te onderwerpen. Wat heeft niet zozeer die kleine groep kinderen van antroposofische ouders, maar juist de doorsnee-Nederlandse scholier eigenlijk over 'de rassen' te horen gekregen?

In omvang niet heel erg veel, maar naar inhoud toch niet mis. Aan het begin van deze eeuw (1907) leerde je in het hoofdstuk over Hongarije en Oostenrijk bijvoorbeeld over Duitsers en joden: ,,De Duitschers houden zich bezig met industrie; waar wij vele fabrieken aantreffen, zijn ook meestal Duitschers. Belangrijk zijn nog de Israelieten, niet zoozeer om hun talrijkheid (2 mill.), als wel omdat zij in de oostelijke landen den handelsstand vertegenwoordigen: hun invloed is groot door de macht van het geld''.

De aardrijkskundeboeken waarmee Nederland de oorlogsjaren inging, vallen juist weer op doordat 'antisemitisme' er meestal niet in voorkomt - of, als dat wel zo is, erg beknopt en eufemistisch, en zonder iets te vertellen over de oorzaak of de verklaring: ,,Het gebruik van een Germaanse taal betekent niet dat alle Duitsers tot het Noordeuropese (Germaanse) ras behoren, dat gekenmerkt wordt door slanke lichaamsbouw, blond haar, blauwe ogen. Vooral in Zuid-Duitsland zijn de mensen kleiner en donkerder. Binnen het Rijk woonde een vrij groot aantal Joden. De tegenstelling tot hen (anti-semitisme) heeft er sedert 1933 toe geleid, dat hun verschillende rechten zijn ontnomen. Hierdoor is het aantal Joodse emigranten zeer gestegen. Verscheidenen hebben zich in Palestina gevestigd'', stond in 1941 bijvoorbeeld in de aardrijkskundemethode 'Land- en volkenkunde'.

In 1937 werd voor het eerst voorgesteld om een gewoonte uit lessen te schrappen (die in het Vrije Scholen-incident van 1995 zo cruciaal was): scholieren hoefden niet langer 'psychische en geestelijke eigenschappen' van de verschillende rassen te kunnen noemen. ,,Deze vraag zullen wij er maar uit laten'', stelde althans de vakredactie van het Tijdschrift voor het onderwijs in de aardrijkskunde dat jaar voor - zonder overigens uit te leggen waarom.

Maar onderscheid maken tussen de rassen bleef wel degelijk deel van het programma. Wie op school 'Kern-geografie' gebruikte, leerde dat er vier hoofdrassen waren: het blanke, gele, zwarte en rode. Wie 'Hoofdstukken uit de volkenkunde en de sociale geografie' gebruikte, leerde dat er 17 waren, en dat de bewoners van Samoa bijvoorbeeld ,,gelden voor een zeer schoon mensenslag''.

Zo was dat met de boeken die aan het begin van de Tweede Wereldoorlog op de scholen in gebruik waren, maar zo bleef het ook na 1945. Sterker, volgens Mok is er na 1950 een opleving geweest in de aandacht voor rassen. In 1960 krijgen scholieren nog een formule voor schedelmeting, en in de jaren zeventig worden schoolboeken gekritiseerd als er geen rassenkaarten meer in staan. Maar al in 1956 twijfelen de schrijvers van 'Kern-geografie' eraan of het wel waar is dat psychische eigenschappen per ras verschillen.

Een belangrijke verandering, vindt Mok, want door 'psychische aanleg' van een ras te betwijfelen wordt getornd aan de basis van racisme. Als 'ras' aan verklarende waarde verliest, dan kan de ruimte ontstaan om verschillende bevolkingsgroepen gelijkwaardig te benaderen. Mok vindt 'ras' een dubieus begrip, en wil liever dat het helemaal niet meer wordt gebezigd in verband met mensen - hooguit vindt ze het bruikbaar voor planten en dieren. Haar bezwaar is dat het meer suggereert dan een biologische ordening, en misbruikt wordt om iets te zeggen over karakter, instelling en kansen.

Deels heeft ze inmiddels haar zin gekregen. Sinds 1975 dook in aardrijkskundeboeken een nieuwe toon op: ,,Rasverschillen zijn dikwijls voor de aardrijkskunde van weinig belang, omdat nu wel vaststaat dat lichaamskenmerken niets te maken hebben met capaciteiten op geestelijk terrein. Dat er toch onderscheid is, hangt samen met verschil in ontwikkeling en met sterk wisselende natuurlijke omstandigheden'', noteerden de schrijvers van Geografisch Milieu in 1975. En sinds 1989 worden alle schoolboeken geacht 'intercultureel' te zijn, wat concreet betekent dat ze kinderen moeten leren dat het geen 'probleem' is, maar juist wel plezierig, als de samenleving cultureel divers is. Ook dat is te zijner tijd een studie waard: of de samenleving werkelijk minder discriminerend werd sinds de intrede van die boeken.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden