Opinie

Schaliegasrapport is onwetenschappelijk

Inwoners van Haaren zijn tegen de plannen om er naar schaliegas te boren. E Beeld Dolph Cantrij, Hollandse Hoogte
Inwoners van Haaren zijn tegen de plannen om er naar schaliegas te boren. EBeeld Dolph Cantrij, Hollandse Hoogte

JAN ROTMANS   Vakliteratuur lijkt willekeurig gelezen en risico's zijn wel erg positief doorgerekend. Er deugt weinig van het schaliegasadvies, concludeert Jan Rotmans.

Ingenieursbureaus Witteveen & Bos, Aracadis en Fugro hebben een overzicht gemaakt van de (vooral internationale) wetenschappelijke literatuur over schaliegas. Hun rapport is een vertaalslag naar de Nederlandse situatie en een interpretatie van de risico's. Op alle drie aspecten van het rapport valt wetenschappelijk gezien het nodige af te dingen.

Om te beginnen: de gebruikte literatuur is onvolledig en zeer selectief. Belangrijke Europese en Amerikaanse studies naar schadelijke milieu- effecten van schaliegas worden niet genoemd. Wel wordt bovenmatig vaak verwezen naar literatuur uit de gas- en olie-industrie zelf, zoals onderzoek van Shell, NAM, Cuadrilla. Ruim driekwart van de bronnen is pro-schaliegas. Dit vormt samen beslist geen adequate afspiegeling van de beschikbare literatuur.

Ook de vertaalslag naar de Nederlandse situatie is zeer gebrekkig. Als er schadelijke effecten zijn aangetoond in het buitenland, wordt steevast aangegeven dat dit niet voor Nederland hoeft te gelden. Illustratief is het voorbeeld van het vrijkomen van radioactief materiaal dat in Duitsland en de VS bij de winning van schaliegas terugstroomde via afvalwater. Het rapport noemt dit niet representatief voor Nederland. Merkwaardig is echter, dat als er geen internationale bronnen bekend zijn over mogelijke schadelijke effecten, wel wordt aangenomen dat dit voor Nederland in elk geval geen probleem vormt.

Mooi voorbeeld is ook de bodemdaling door schaliegaswinning. Het rapport stelt dat dit niet waarschijnlijk is. Die kan in theorie echter wel optreden, afhankelijk van de drukval door schaliegaswinning en de specifieke geologische omstandigheden. Maar er zijn geen literatuurbronnen gevonden met concrete voorbeelden, dus wordt gesteld dat schaliegaswinning 'niet leidt tot bodemdaling', terwijl die kans wel bestaat.

Risico's gebagatelliseerd
Over de verhoogde kans op aardbevingen stelt het rapport dat weliswaar elders op de wereld een verband is aangetoond, maar dat voor Nederland meer gedetailleerd lokaal onderzoek nodig is om hier iets over te kunnen zeggen. Wel wordt met stelligheid beweerd dat de maximale kracht van een aardbeving in Nederland door schaliegaswinning 3.0 op de schaal van Richter is. In de bijlage staat echter dat dit slechts een indicatie is. In Canada is bij schaliegaswinning een aardbeving van 3.8 gemeten.

De achilleshiel van het rapport is de interpretatie van de onzekerheden en risico's van schaliegaswinning. Opvallend is dat het begrip 'onzekerheid' vrijwel geen aandacht krijgt. Het komt slechts 1 keer voor in het rapport. Dit is methodologisch niet te verdedigen, omdat het hele schaliegasdebat draait om een inschatting van onzekerheden, in data, bronnen, effecten.

Wat betreft de risico-inschattingen: dat is het zwakste deel van de studie. Wie accuraat leest, ziet een duidelijk patroon. De risico's worden stelselmatig gebagatelliseerd. Enerzijds door adjectieven te gebruiken als 'onwaarschijnlijk, miniem, minimaal, nihil, zeer klein'. Waar in de achtergrondbijlagen aanzienlijk meer nuances worden aangebracht, verdwijnen die consequent in het hoofdrapport. Ook worden telkens weer risico's afgedekt door voorzorgsmaatregelen.

Het mooiste voorbeeld van hoe onwetenschappelijk met risico's wordt omgegaan, is de inschatting van risico's van grondwatervervuiling. Dit risico is significant hoger dan bij conventionele aardgaswinning (door het 'fracken' en door het grote aantal benodigde putten). Essentieel is welke chemicaliën worden gebruikt bij het 'fracken'. Dit kunnen bij elke proefboring en elke locatie weer andere toxische, corrosieve, kankerverwekkende en radio-actieve stoffen zijn, zoals benzeen, kwik, arseen en radon. Die kunnen in het grond- en oppervlaktewater terechtkomen.

Menselijke fouten
In het rapport wordt hier nogal mistig over gedaan, met versluierend taalgebruik: zo spreekt men consequent van 'hulpstoffen' in plaats van schadelijke chemicaliën. De risico's op grondwatervervuiling zelf worden niet expliciet geclassificeerd, laat staan gekwantificeerd.

Illustratief is ook de formulering over het vermengen van chemicaliën met het drink/grondwater: 'Er kan met een goede boorafsluiting geen vermenging plaatsvinden met het drink/grondwater, tenzij het technische proces niet onder controle is en de fracture doorloopt in de drinkwaterlagen.'

Voor de twee oorzaken die het rapport noemt van mogelijke grondwatervervuiling, reikt men direct de oplossing aan. Menselijke fouten kunnen worden beperkt door goede training en adequaat toezicht, technische fouten kunnen geminimaliseerd door goede monitoring.

En nu komt het: door het minimaliseren van menselijke en technische fouten worden de risico's op grondwaterverontreiniging 'beheersbaar'. Op deze wijze, door menselijk en technisch feilen weg te rationaliseren, is elk risico van welke activiteit dan ook, beheersbaar.

De wetenschappelijke grondslag ontbreekt hier echter volledig. Daarmee wordt de bodem weggeslagen onder de hoofdconclusie van het rapport dat de 'risico's van schaliegaswinning beheersbaar zijn'.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden