Schaatsster vindt progressie ondanks achteruitgang

INZELL - Na één afstand belandde ze op het erepodium, na twee afstanden was ze het liefst naar huis gegaan, na drie afstanden had ze zich erbij neergelegd dat de kans op een medaille verkeken was en na vier afstanden bleek het toch nog mee te vallen. Voor Annamarie Thomas werd het wereldkampioenschap allround in Inzell een gedenkwaardig toernooi.

Op de 1500 meter ging Thomas van start met zoete herinneringen aan het EK in Heerenveen, waar ze twee weken eerder iedereen te snel af was geweest. Dat kunstje zou ze in Inzell eens leuk gaan herhalen. Net als in Heerenveen schoot ze er als een speer vandoor, maar in Inzell sloeg onmiddellijk de verzuring toe. Toen ze de laatste ronde inging, wist ze dat het gebeurd was: een rondje 33,2 werd gevolgd door een slotrondje 35,9. Door gretigheid had ze haar medaillekansen en daarmee haar WK verknald. “Ik ging als een gek weg, dat was stom van mij. Op het EK was het zo lekker gegaan, dat ik hier te veel van mezelf verwachtte.”

Er zijn topsporters, die een kampioenschap ingaan met de gedachte: ik doe mijn best en zie wel hoe ver ik kom, maar daar doet Annamarie Thomas het niet voor. Voor de 24-jarige Friezin is het alles of niks. Zodra de kans op een podiumplaats verkeken is, is de lol eraf. Dan zou ze het liefst haar koffers pakken en spoorslags richting Bantega verdwijnen. “Na de 1500 had ik helemaal geen zin meer om de 3000 te rijden”, mopperde ze. “Of je in het eindklassement nou vierde, vijfde of zesde wordt, dat maakt ook niks meer uit.”

Progresie

Het werd uiteindelijk een vierde plaats. En zelfs Thomas moest toegeven dat ze daar toch wel blij mee was. Als ze het op haar favoriete afstand, waar ze normaal gesproken de basis legt voor de rest van het toernooi, laat afweten en desondanks slechts één plaats lager eindigt dan vorig jaar in Savalen, is er sprake van progressie. Zeker als je in aanmerking neemt dat de concurrentie sindsdien sterk is toegenomen. Op de WK van vorig jaar kondigden ze zich al aan: de Duitse Claudia Pechstein en de Japanse Mie Uehara. De afgelopen maanden was het met name Uehara, die haar concurrentes in het wereldbekercircuit de stuipen op het lijf joeg. “Miep Zoef rijdt stukken harder dan vorig jaar”, wist Thomas.

Toch was het uiteindelijk niet Uehara maar Pechstein, die voor de grootste verrassing van het toernooi zorgde. Met haar supertijd van 7.38.02 op de vijf kilometer was ze iedereen - Niemann inbegrepen - te snel af en nam ze Uehara's tweede plaats in het eindklassement over. Niemann hield zich groot en deed alsof het haar niet deerde dat ze haar aartsvijandin Pechstein niet bij had kunnen benen: “Het gaat hier om een allroundkampioenschap en niet om afzonderlijke afstanden.”

Zoals gewoonlijk was het Niemann niet aan te zien dat ze zojuist haar vijfde wereldtitel had gewonnen. De Duitse sportvrouw van het jaar was weer eens hoofdrolspeelster in het door haarzelf bedachte toneelstukje over het grote wonder dat voorwaar was geschied. Als een robot ratelde ze het verhaaltje af, dat al sinds 1991 in haar zit voorgeprogrammeerd en dat nooit één enkele wijziging ondergaat. Of toch: met haar vijfde wereldtitel evenaarde Niemann het record, dat sinds 1988 op naam staat van haar landgenote Karin Kania. Zodat ze gedwongen was dit keer een originele tekst bij te schrijven op haar innerlijke floppie. Na het vaste ritueel van: “Er is een droom in vervulling gegaan” en: “Ik wilde zien waar ik in de wereld sta”, kwam het moment waarop iedereen had zitten wachten. Gunda Niemann produceerde een zin, die ze nooit eerder had gezegd: “Het is belangrijk voor mij dat ik Kania's record heb geëvenaard. Zij was een groot voorbeeld voor mij.”

De sensatie was compleet toen ze verklapte, dat ze net als iedere andere topsporter lijdt aan bijgeloof. Na elk toernooi raapt ze de knuffelbeesten op, die supporters haar toewerpen. De laatste knuffel die ze van het ijs oppakt, mag mee naar het volgende toernooi. Thuis in Erfurt heeft ze stapels pluche. “Op elk beest heb ik evenement en jaartal geschreven, dat bij hem hoort”, vertelde Niemann.

Of Tonny de Jong er ook een bijgeloof op nahoudt, vermeldt de geschiedenis niet. Grote kans dat ze daar te nuchter voor is. In Inzell deed de 21-jarige Friezin weer gewoon wat Nederland zo langzamerhand van haar is gewend. Rustig, zonder poespas, nestelde ze zich na twee afstanden in de middenmoot, om vervolgens genadeloos toe te slaan. Hoewel De Jong van zichzelf beweert dat ze een typische indoorschaatsster is en op buitenbanen niet zo best uit de voeten kan, liet ze zich gisteren door de gestaag neervallende sneeuwvlokken en het stroeve ijs niet van de wijs brengen. In een verrassend goede tijd van 7.49.58 ging ze over de finish en aanschouwde vervolgens tevreden, hoe Svetlana Bazjanova en Maki Tabata die tijd op geen stukken na konden bijbenen. De een na de ander viel af en maakte ruimte voor De Jong, die zodoende vijfde werd. Een duidelijk verschil met vorig jaar, toen ze met een tiende plaats ook al niet slecht scoorde.

Aan de prestatie van Thomas en De Jong doet het niets af en in de geschiedenisboeken is het nooit meer terug te vinden, maar eerlijkheidshalve moet vermeld worden dat twee van 's werelds beste schaatssters ontbraken. De Kazachstaanse vice-wereldkampioen Ludmilla Prokasjeva gaf de voorkeur aan de Aziatische Spelen en de aan haar dijbeen geblesseerde Emese Hunyady, die met pijnstillers reed, trok zich na twee afstanden terug. Daarmee liepen zij het prijzengeld mis, waar de internationale schaatunie voor de eerste keer in de schaatsgeschiedenis mee over de brug kwam.

Het was even wennen dat de vijf kilometer verreden werd zonder Carla Zijlstra. Vanaf haar komst in de kernploeg in 1991 heeft de Groningse stayer zes EK's en vier WK's meegemaakt, en altijd wist ze zich via een goede prestatie op de drie kilometer te plaatsen voor de 5000 meter. Deze keer kwam ze met een voor haar doen teleurstellende tijd van 4.34.01 niet verder dan een elfde plaats, te weinig om zich te plaatsen voor de langste afstand. Dat was heel vervelend, beaamde Zijlstra, maar meer had er niet in gezeten.

Gelukkig lagen de excuses voor het oprapen. Ab Krook somde een hele waslijst op: voor en tijdens de mondiale titelstrijd had Zijlstra het niet makkelijk gehad. De commotie over de selectiewedstrijd, die ze een week voor de WK had moeten rijden, was haar niet in de kouwe kleren gaan zitten. Op de 500 meter ging ze onderuit. En alsof het allemaal nog niet treurig genoeg was, was het uitgerekend Zijlstra die de drie kilometer alleen, zonder tegenstandster, moest rijden. “In al die dingen gaat negatieve energie zitten”, vatte Krook samen. Over een tegenvaller wilde hij het niet hebben. “Zijlstra heeft alles gegeven wat binnen haar mogelijkheden lag, het zou niet juist zijn als ik zeg dat zij me is tegengevallen.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden