Schaatsbond profiteert niet van successen

Grote internationale successen zijn voor sportbonden geen garantie voor groei. Integendeel, zo blijkt in het schaatsen. Daar moeten nieuwe plannen het tij gaan keren. „Het moet spannender en meer sexy.”

Op het hoogtepunt van het WK allround in Heerenveen keken bijna 3,4 miljoen Nederlanders via de televisie naar het schaatsen. In en om het Thialf-stadion werden vorig weekeinde miljoenen euro’s besteed om zakenrelaties en hoogwaardigheidsbekleders in de watten te leggen.

Op voetbal na heeft geen sport in Nederland zoveel aantrekkingskracht op media, commercie en publiek als langebaanschaatsen.

Voor Carel Paauwe, die in september aantrad als voorzitter van de schaatsbond KNSB, was zijn eerste WK allround ’een warm bad’. „Het gevoel is vergelijkbaar met wat de tennisliefhebber heeft bij Wimbledon of een Amerikaan bij de Superbowl. Je voelt je hart kloppen in je keel.”

Opvallend is dat de schaatsbond niet profiteert van het succes van deze evenementen en de Nederlandse toppers. De afgelopen jaren kelderde het aantal leden tot net geen 135.000 en het aantal licentiehouders liep tussen 2002 en 2006 terug van 16.750 naar 15.500.

Wopke de Vegt, bondscoach, maakt zich grote zorgen. „Het ledenaantal bij de pupillen holt achteruit. Alleen al bij de ijsclub bij mij in de buurt met driehonderd binnen een jaar. Iedereen denkt dat er in Nederland altijd wel goede schaatsers zullen zijn. Maar als het zo doorgaat, is dat straks niet meer het geval.”

Ook Paauwe is de paradox in het schaatsen niet ontgaan. De ex-topman van TNT en McKinsey ziet in het al jaren ontbreken van natuurijs de belangrijkste reden voor het afkalvende ledenbestand.

„Er groeit een generatie op die behalve een halve dag op de kunstijsbaan nooit echt natuurijs heeft gezien. En de ijsbanen zijn, hoe gek het ook klinkt, nog altijd dun gezaaid in Nederland. Ik ken een clubje uit Ede dat om vier uur ’s middags vertrekt naar Deventer om ’s avonds een uurtje te kunnen schaatsen. Je moet een ongelooflijke diehard zijn om die drempels te overwinnen’’, zegt Paauwe.

Slechte bereikbaarheid, veel tijdverlies en hoge kosten vertellen niet het hele verhaal, denkt De Vegt. Hij ziet er ook een maatschappelijke tendens in. Waar een balsport nog wel te combineren is met een biertje of een sigaretje, vraagt schaatsen veel meer opofferingen. „Hard trainen, gezond eten, veel slapen; kennelijk willen velen dat niet meer.”

Paauwe steekt de hand in eigen boezem. „Het moet spannender en meer sexy. We moeten van ons soms wat oubollige imago af. Je moet niet té modieus worden, maar marketingmensen buigen zich nu voor ons over de vraag hoe het zou moeten. Jongeren willen popsterren, idolen en daarom is de uitstraling van de sporter heel belangrijk. Ik denk dat het WK in Heerenveen in één klap veel stof van ons imago heeft weggeblazen.”

Twee wereldkampioenen van twintig jaar, Ireen Wüst en Sven Kramer, en massale aandacht van de media: het lijkt een garantie voor groei. Toch tonen ook andere kwakkelende bonden aan dat successen van de top meestal weinig te maken hebben met een bredere groei aan de onderkant. De badmintonbond ziet het ledenaantal al jaren teruglopen – ondanks successen van bijvoorbeeld Mia Audina.

De kloof tussen de vercommercialiseerde top en de breedtesport is vooral in het schaatsen heel diep. Paauwe ziet het als een ’intellectuele en emotionele uitdaging’ om de wereldjes van de topsport en de ’erwtensoep’ met elkaar te verbinden. Het schoolschaatsen moet een stevig fundament krijgen en Paauwe denkt ook aan mogelijkheden om Nederlanders van allochtone afkomst erbij te betrekken. In Amsterdam komen zij wel schaatsen op een mobiele baan in de wijk, maar niet op de Jaap Edenbaan. Ondertussen zijn er plannen voor de bouw van ijsbanen in Amersfoort, Almere, Capelle aan den IJssel en Wageningen.

Paauwe: „We moeten de boer op, in overleg met gemeenten, projectontwikkelaars. Een kleinere ijshal kan al veel betekenen. Op dit moment doen grote groepen kinderen helemaal niet aan sport. En sport is toch het laatste middel om samen iets te doen, alle andere verbanden zijn langzaam maar zeker weggevallen.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden